1.

Ze kwamen om van de honger
In een land vol melk en honing.

– Kahlil Gibran, ‘Dood is mijn volk’

Als je na 2007 een bezoek bracht aan Damascus, hoefde je maar naar één restaurant: Naranj. Misschien nam je wel de befaamde mixed grill als voorgerecht en daarna burghul bi dfeen, gestoofde lamsbout onder een aaibaar uitziend bergje bulgur met eroverheen een lawine van kikkererwten, door in het wit gestoken obers geserveerd in een sissend hete pot. (Het is naar verluidt het favoriete gerecht van de Syrische president Assad, een trouwe bezoeker van Naranj.) Net wanneer je geen hap meer op kon, werd het bijbehorende dessert opgediend: stapels baklava en stroperig gefrituurd deeg, koekjes vol dadels en noten (maamoul), luchtige wafels, knapperig van de geroosterde pistachenootjes en sesamzaadjes (baraziq) en in honing gedrenkte griesmeelcakejes.

voorpublicatie

Dit verhaal is opgenomen in de bundel Over eten: het voedselsysteem in woelige tijden, die op 29 oktober verschijnt...