In dezelfde week dat Mark Rutte zich op de klimaatconferentie in het Poolse Katowice geestdriftig inzette voor een ambitieus Europees klimaatbeleid, deed zijn coalitiegenoot Sybrand Buma hier te lande precies het tegenovergestelde. Naar aanleiding van de revolte van de ‘gele hesjes’ in Parijs, die zich onder andere boos maken over de accijnsverhoging op diesel, verkondigde de CDA-leider tegenover Ariejan Korteweg in de Volkskrant dat de boze burgers in Nederland bij het klimaatoverleg moeten worden betrokken om Franse toestanden te voorkomen. ‘Er zit hier ook een diepe onvrede, dat voelen we,’ sprak hij. En: ‘Er is een elite die wil vergroenen, en er is het volk dat zegt: makkelijk praten als je zelf in een Tesla rijdt.’
Beroepsprovocateurs
Maar wie zijn eigenlijk ‘het volk’ waar Buma het over heeft? De tachtig gele hesjes die afgelopen weekend in Den Haag de straat opgingen om tegen van alles te demonstreren, en onder wie zich niet alleen de beroepsprovocateurs Jan Dijkgraaf en Ebru Umar bleken te bevinden, maar ook aanhangers van Pegida en de extreem-rechtse Nederlandse Volks-Unie? Bestaat die boze burger van Buma eigenlijk wel?
Maar liefst 91 procent van de Nederlanders blijkt voorstander te zijn van gasloze nieuwbouw en ruim driekwart zelfs van een nieuwe vliegtaks.
Uit het ene onderzoek na het andere blijkt dat het gros van de Nederlanders klimaatbeleid wel degelijk belangrijk vindt, en ook bereid is er persoonlijk offers voor te brengen. Eerder dit jaar stelde onderzoeksbureau I&O Research bijvoorbeeld vast dat er ondanks het klimaatpessimisme een opvallend stevig draagvlak is voor duurzame maatregelen van de overheid. Maar liefst 91 procent van de Nederlanders bleek voorstander te zijn van gasloze nieuwbouw, negentig procent van investeringen in het openbaar vervoer en ruim driekwart zelfs van een nieuwe vliegtaks, die de goedkope vluchten van Jan met de Pet naar Spanje aanzienlijk duurder kan maken.
Een soortgelijk beeld rijst op uit een recent onderzoek van de Universiteit van Maastricht in opdracht van het Pensioenfonds voor de Detailhandel, met ruim 1 miljoen deelnemers en een vermogen van 21 miljard één van de grotere pensioenfondsen. De deelnemers – waaronder caissières, magazijnbedienden en vakkenvullers– vormen een aardige doorsnee van de Nederlandse bevolking.
Wat blijkt? Ruim 66 procent van de vijftigduizend ondervraagden is voorstander van een duurzame beleggingsportefeuille op basis van de Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties, en nu komt het interessantste: óók als dat op den duur een lager rendement zou opleveren (waarbij aangetekend dat duurzaam beleggen juist kan zorgen voor hóger rendement). En dat in een tijd waarin veel mensen zich zorgen maken over de houdbaarheid van de pensioenen.
Met de feitenvrije clichés van Sybrand Buma is ook de vermeende boze burger niet geholpen.
Naar de mond praten
Op grond van die bevindingen gaat het Pensioenfonds voor de Detailhandel komend jaar al de beleggingsportefeuille aanpassen, zonder te wachten op het Klimaatakkoord. Volgens bestuursvoorzitter Henk van der Kolk kan daarmee binnen de beleggingen van het miljardenfonds al een CO2-reductie van vijftig procent worden bereikt. Dat zet zoden aan de dijk, zeker als de andere pensioenfondsen (gezamenlijk vermogen: 1300 miljard) het voorbeeld volgen.
Een grote meerderheid van de Nederlanders, kortom, is zich er prima van bewust dat de omslag naar duurzaamheid noodzakelijk is en nog geld mag kosten ook. Maar wat zegt Sybrand Buma? ‘Er is een elite die wil vergroenen, en er is het volk dat zegt: makkelijk praten als je zelf in een Tesla rijdt.’
Natuurlijk moeten de lasten van het klimaatbeleid eerlijk worden verdeeld. Maar wat in ieder geval niet helpt is het kluitje gele hesjes rond Jan Dijkgraaf en de NVU naar de mond praten over de ‘diepe onvrede die wij voelen’: met zulke feitenvrije clichés is ook de vermeende boze burger niet geholpen.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.