Tijdens de verkiezingscampagne zagen we opeens een Mark Rutte die we zelden hadden gezien: een leider boven de partijen, die genereus zijn excuses aanbood aan de gedupeerden van de door hemzelf jarenlang toegedekte toeslagenaffaire, die tegenover Geert Wilders opkwam voor al die moslims in Nederland die hun best doen iets van hun leven te maken, die een groots herstelplan aankondigde om uit de crisis te komen, die zich op de poster liet zetten met de leus: ‘samen sterker verder’.

Even, heel even, veel langer dan een milliseconde kan het niet geduurd hebben, dachten we misschien: zal het dan toch? Wordt Rutte aan het begin van zijn laatste kabinet dan toch nog een staatsman, die het land met zelfvertrouwen en compassie uit de crisis zal leiden, die niet meer zwicht voor makkelijke oneliners en die het niet meer nodig vindt om mee te doen aan de politieke spelletjes in de achterkamers waar hij de afgelopen jaren zo behendig in is gebleken?

Iedereen wist dat er van die...