Er zijn belangrijke verschillen tussen Jamal Khashoggi en Iyad el-Baghdadi. De eerste een Saoediër met voorheen goede contacten met het Saoedische koningshuis, de tweede een statenloze Palestijn en erkende vluchteling in Noorwegen. Khashoggi een schrijver en journalist, el-Baghdadi een schrijver en activist. Khashoggi is dood, el-Baghdadi leeft. En hoewel el-Baghdadi het lang niet altijd eens was met Khashoggi, heeft hij er sinds de moord op zijn collega in de Saoedische ambassade in Istanbul een belangrijke taak bij: het geluid dat Khashoggi liet horen blijvend laten klinken. El-Baghdadi in een telefonisch interview: ‘Net als Khashoggi wil ik elites wereldwijd laten weten wat onze aspiraties zijn. Er leeft een sterk beeld in het Westen dat de Arabische cultuur niet samengaat met democratie. Dat is ontmenselijkend. Ik wil dat idee niet zozeer tegenspreken maar met mijn stukken het tegendeel laten zien.’

In een nieuwe wereld

Jamal Khashoggi schreef sinds september 2017 opiniestukken voor de Washington Post. In juni van dat jaar was de grond van zijn moederland hem te heet geworden onder de voeten en week hij uit naar de VS. Jarenlang was hij onderdeel geweest van de Saoedische elite en werkte hij als journalist en hoofdredacteur, tot hij in bedekte termen het beleid van de machthebbers begon te bekritiseren. Vooral de oorlog in Jemen en de rechtenloosheid van vrouwen in Saoedi-Arabië hadden zijn aandacht.

We kunnen het Khashoggi niet meer vragen, maar el-Baghdadi denkt wel wat te herkennen in de ontwikkeling die Khashoggi doormaakte als schrijver. ‘Er gebeurt wat met je als je de zelfcensuur loslaat die je lang hebt moeten toepassen. Ik kwam in een nieuwe wereld terecht, een nieuw leven. Vandaar moet je gaan nadenken over welke richting je kiest. Ik werd door allerlei groepen gevraagd me bij hen aan te sluiten, maar ik besloot om onafhankelijk te blijven, ik wilde niet in een kamp zitten. Iets soortgelijks gebeurde bij Khashoggi.’

‘Khashoggi was bescheiden en ontwapenend, hij had geen ego. Hij zou elitair moeten zijn, hij zou tégen activisten moeten zijn. Maar hij was allebei: hij behoorde tot de elite maar stond open voor ons perspectief.’

Ze spraken elkaar wel eens, zegt al-Baghdadi: ‘Hij was eenzaam. Allerlei mensen wilden een stukje van hem, hij kreeg aanbiedingen van denktanks, maar uiteindelijk zocht hij toenadering tot activisten. Weet je hoe vrouwelijke Saoedische activisten hem noemden? Een work in progress. Hij was bescheiden en ontwapenend, hij had geen ego. Hij zou elitair moeten zijn, hij zou tégen activisten moeten zijn. Maar hij was allebei: hij behoorde tot de elite maar stond open voor ons perspectief. Een sterke bondgenoot.’

En nu wordt el-Baghdadi de bondgenoot van zijn in stukken gehakte vriend en collega, van wie de stoffelijke resten nog altijd niet gevonden zijn. Hij schrijft af en toe óók voor de Washington Post, al voor Khashoggi’s dood, en probeert op allerlei manieren een podium te creëren voor het verhaal van de Arabische lente, die volgens zijn vaste overtuiging ooit écht zal aanbreken. Op de vraag welke risico’s daaraan verbonden zijn, antwoordt hij: ‘De risico’s kunnen me niet schelen. Gevaar verwachten is erger dan het gevaar zelf.’

dode journalisten
Iyad El-Baghdadi. Foto: Julia Reinhart/Getty Images
Ambivalente status

Hij voelt zich beschermd door het feit dat hij statenloos is, maar tegelijkertijd maakt dat hem kwetsbaar. Zijn ambivalente status is niet nieuw, hij leeft er al jaren mee als statenloze Palestijn die geboren werd in Koeweit en opgroeide in de Verenigde Arabische Emiraten.

‘Als ze me niet willen vermoorden, dan doe ik iets fout. Dan irriteer ik ze niet genoeg.’

Hij zegt: ‘Al voor ik werd gedwongen de VAE te verlaten (hij kreeg de keus tussen óf vertrekken, óf voor onbepaalde tijd in het gevang belanden, FG), in 2014, heb ik besloten me uit te spreken. De druk motiveert me alleen maar meer. Als ze me niet willen vermoorden, dan doe ik iets fout. Dan irriteer ik ze niet genoeg.’

Maar el-Baghdadi zegt tijdens het interview twee keer nadrukkelijk dat hij níet het werk van Khashoggi overneemt. Dat kan hij helemaal niet, zegt hij: ‘Ik heb niet de kennis over het Saoedische koningshuis die hij wel had. Hij was in zekere zin zijn autobiografie aan het schrijven en dat was één van de redenen dat hij werd vermoord.’

Andermans autobiografie schrijven, dat is nog nooit iemand gelukt. Met Khashoggi zijn ook zijn verhalen en opinies gestorven.

Het zwijgen opleggen

Khashoggi was volgens cijfers van het Committee to Protect Journalists (CPJ) een van de zesenzeventig journalisten die in 2018 een onnatuurlijke dood vonden. Vierendertig van hen werden vermoord, de anderen kwamen om aan een oorlogsfront of tijdens een anderszins gevaarlijke journalistieke missie. In 2017 kwamen er 75 om.

Het aantal gedode journalisten is niet meer zo hoog als een paar jaar geleden (2012: 104, 2013: 97) maar ooit, rond de eeuwwisseling, lagen de cijfers volgens de CPJ-statistieken zeker de helft lager.

De Capital Gazette in Annapolis, Maryland, was het doelwit van een man waarover de krant geschreven had vanwege een stalkingzaak.

Niet elke vermoorde journalist is het leven ontnomen om specifiek hem of haar het zwijgen op te leggen. Soms is ‘de pers’ in het algemeen het doel, zoals op 30 april 2018, toen in Kabul, Afghanistan, in één klap negen journalisten omkwamen toen de pers zich verzameld had op de locatie van een bomaanslag, waarna een tweede aanslagpleger, uitgedost als journalist, zich opblies temidden van de groep journalisten.

In de VS was de plaatselijke Capital Gazette in Annapolis, Maryland, het doelwit van een man waarover de krant geschreven had vanwege een stalkingzaak: op 28 juni 2018 drong hij de redactie binnen en schoot vijf mensen dood, onder wie vier journalisten.

Nóg moediger

Sterft met de journalist ook het verhaal dat hij of zij vertelde? Niet altijd, merkte ik toen ik in maart 2017 in de regio Shengal in noordwest-Irak aanwezig was bij de begrafenis van journalist Nujiyan Erhan. Ze werkte als verslaggever voor verschillende media die allemaal gelieerd waren aan de Koerdische gewapende beweging. Ze was omgekomen toen ze verslag deed van schermutselingen tussen twee groepen in de regio en een schot in haar hoofd kreeg.

‘We houden Nujiyan levend door ons werk voort te zetten.’

Na de emotionele begrafenis, waarbij zowel strijders als burgers aanwezig waren, vroeg ik Nujiyans collega Helin waarom ik haar niet had zien huilen maar hooguit een enkele traan had zien wegvegen. Ze antwoordde: ‘Omdat Nujiyan niet gestorven is. We houden haar levend door ons werk voort te zetten.’

Niet Nujyans werk, maar óns werk, was de nadrukkelijke boodschap. Als mens zou ze gemist worden, maar haar journalistiek ging niet verloren omdat het de journalistiek van hen allemaal was. Het gemis zouden Helin en haar collega’s aanwenden om nóg moediger, nóg scherper, met nóg meer overgave hun werk te doen.

Misschien is het een beetje vergelijkbaar met de Capital Gazette in Annapolis: de krant hield niet op te bestaan na de vijfvoudige moord, het werk ging door.

Onthullende verhalen

Lastiger wordt het als een journalist unieker werk doet in een land waar de pers niet vrij of onafhankelijk is, of steeds onvrijer wordt. De Maltese Daphne Caruana Galizia is er een voorbeeld van. Caruana Galizia onttrok zich aan de mainstream media op het eiland en koos haar eigen journalistieke koers, waarbij ze nietsontziend te werk ging.

Niet lang nadat Caruana Galizia haar nieuwste blog online had gezet, die afsloot met de zin ‘There are crooks everywhere we look now. The situation is desperate’, stapte ze in de auto, die in de eerste bocht in de weg ontplofte.

Ze blogde op haar site Running Commentary en bracht onthullende verhalen over corruptie in regeringskringen, onder andere gebaseerd op de Panama Papers. Niet lang nadat ze haar nieuwste blog online had gezet, op 16 oktober, die afsloot met de zin ‘There are crooks everywhere we look now. The situation is desperate’, stapte ze in de auto, die in de eerste bocht in de weg ontplofte.

Wie de moord op zijn geweten heeft, is nog altijd onduidelijk: het onderzoek wordt door de Maltese autoriteiten getraineerd, zo constateerde ook een commissie in het Europees Parlement.

Na de moord bezwoer een groep internationale media de verhalen die Caruana Galizia naar buiten bracht, niet met haar te laten sterven. Een samenwerkingsverband tussen onder andere the Guardian, Reuters, Le Monde en The New York Times onder de naam The Daphne Project duikt sindsdien in Caruana Galizia’s naam in corruptiezaken in Malta. Daarbij publiceren ze geregeld over het moordonderzoek.

The Daphne Project praat zelf niet met de pers – tenminste, die conclusie trek ik nadat ik bij verschillende betrokkenen herhaaldelijk om een interview vroeg maar geen sjoege kreeg. De vraag of het werk van Daphne wérkelijk voortleeft in de op zichzelf lovenswaardige verhalen van het consortium, is echter niet zo lastig te beantwoorden: dat doet het niet. Het zet werk voort waar Daphne aan begon, zoals onderzoek naar paspoortfraude en witwaspraktijken op regeringsniveau, maar ze hebben niemand op de grond die het land zo goed kende als Caruana Galizia, die nieuwe onthullingen kan lospeuteren, die alle machthebbers, hun relaties en verledens kent, die onverschrokken onthult, aan de schandpaal nagelt en al bloggend bespot.

Op geen enkele manier de macht faciliteren

Zo’n journalist ís er wel op Malta. Ze heet Caroline Muscat. Een paar dagen na de moord op Caruana Galizia zetten zij en een kompaan versneld een website online die ze eigenlijk pas maanden later hadden willen lanceren. Sindsdien werkt The Shift in de geest van Caruana Galizia. In een interview in haar appartement in een stadje in het noorden van Malta, vertelde Muscat over haar journalistieke principes: ze zal nooit, op geen enkele manier de macht faciliteren, maar ze juist ter verantwoording roepen.

Ze maakt daarbij opvallende keuzes. Toen de Maltese politie drie verdachten in de Caruana Galizia-moordzaak oppakte, berichtte The Shift daar níet over. Muscat legt uit: ‘De mannen werden met veel machtsvertoon opgepakt. Er zijn op Malta maar een handvol mensen die bommen kunnen maken. Waarom hebben ze die niet meteen van hun bed gelicht? De opgepakte mannen hadden geen motief. De arrestaties waren een manier om te verhullen dat er geen serieus onderzoek gaande is naar de opdrachtgevers van de moord. Aan dat opzetje werken we als journalisten niet mee.’

Door niet te mikken op toegang tot de hoogste kringen, creëerde Caruana Galizia de vrijheid om alles te onderzoeken en onthullen wat ze kon.

Daphne Caruana Galizia werd intens gehaat door het Maltese establishment en haar kans op interviews met of primeurs van vertegenwoordigers van de regering was nul. En hoewel ik haar nooit heb gesproken, durf ik wel te stellen dat ze daar als journalist naar strééfde. Door niet te mikken op toegang tot de hoogste kringen, creëerde ze de vrijheid om alles te onderzoeken en onthullen wat ze kon. Muscat doet precies hetzelfde.

Toch zegt Muscat niet dat ze in de voetsporen van haar vermoorde collega treedt. Die voetsporen vindt ze te groot, en ze voegt toe: ‘The Shift is niet afhankelijk van mij. Als één iemand in het team wegvalt, blijft The Shift bestaan.’

Straffeloosheid

Journalisten die als eenlingen werken en onthullend werk doen, zijn kwetsbaar. Zeker als hun onthullingen mensen met macht betreffen. Tijdens hun leven staan ze onder grote druk, en na hun dood raken de justitiële onderzoeken onherroepelijk in het slop. In Saoedi-Arabië staan vijf mensen terecht voor de moord op Khashoggi, maar de opdrachtgever, waarschijnlijk kroonprins Mohammed bin Salman, blijft buiten schot. Justitie in Malta komt ook niet verder dan het oppakken van een paar vermeende uitvoerders.

Het werk van vermoorde collega’s wordt vaak niet wordt voortgezet, en de moorden zijn in die zin dus ‘effectief’.

En in Mexico, waar in 2018 maar liefst tien journalisten werden vermoord, van wie de meesten als eenlingen werkten, komen moordenaars er ook mee weg, zegt Jan-Albert Hootsen, freelance Mexico-correspondent en vertegenwoordiger van het Committee to Protect Journalists in het land. ‘De journalisten die hier het doelwit worden van geweld, doen vaak verslag van georganiseerde criminaliteit en de banden van criminelen met de lokale politiek. Omdat de graad van straffeloosheid hier astronomisch is, is de drempel voor geweld laag. Mensenrechtenorganisatie Article 19 stelde het straffeloosheidspercentage in Mexico op 99,75% als het gaat om misdaden tegen journalisten.’ Het is ook de reden dat het werk van vermoorde collega’s vaak niet wordt voortgezet, en de moorden in die zin dus ‘effectief’ zijn.

Schokkende ambivalentie

Journalisten die machthebbers zó dicht op de huid zitten dat ze intens worden gehaat door de macht, waarom zijn dat eigenlijk altijd eenlingen die zich wat buiten de gevestigde journalistieke orde hebben geplaatst? Waarom is het buiten de gevestigde journalistieke orde om politici en criminelen zó tegen je in het harnas te jagen dat ze tot moord overgaan en er nog mee wegkomen ook?

Zou het journalisten niet beter beschermen als juist de compromisloze manier van werken van de moedige journalistieke eenlingen wordt overgenomen?

Het Daphne Project is in die zin van een schokkende ambivalentie. Aan de ene kant berichten die grootheden van de internationale journalistiek vaker over corruptie in Malta om Caruana Galizia’s werk niet verloren te laten gaan, aan de andere kant weten politieke en economische tycoons, inclusief de grootste schurken, de weg naar hun pagina’s moeiteloos te vinden, tot aan de opiniekolommen aan toe. Zou het journalisten niet beter beschermen als niet alleen de verhalen van de moedige journalistieke eenlingen alsnog gepubliceerd worden, maar als juist hun compromisloze manier van werken wordt overgenomen?

In de landen waar die moorden plaatsvinden, is dat lastig. Zie Malta, waar Caroline Muscat onder grote druk staat en online bedreigd wordt, ook door mensen verbonden aan de regering – The Shift ontdekte dat toen ze langdurig undercover gingen in besloten Facebookgroepen waar ook leden en bekende leiders van de regeringspartij hun geweldsfantasieën postten.

Als de journalistiek er niet langer naar streeft toegang te blijven houden tot de macht, is er geen beginnen meer aan om de luizen in de pels met geweld het zwijgen op te leggen.

Als de pers vrijer is, heeft ze de verantwoordelijkheid haar taak als controleerders van de macht en als waarheidsvinders serieuzer dan ooit te nemen. Als de journalistiek er niet langer naar streeft toegang te blijven houden tot de macht, is er geen beginnen meer aan om de luizen in de pels met geweld het zwijgen op te leggen.

Wat dat betreft heb ik een van de slogans van de BBC altijd wonderlijk gevonden: ‘When the big names talk, they talk to the BBC.’ Hoezo is dat een aanbeveling voor een journalistieke organisatie?

Iyad el-Baghdadi zit veilig in Noorwegen. Maar de moord in Istanbul heeft hem er wel weer van doordrongen dat mensen met macht die hij aanpakt in zijn schrijven en zijn activisme, namelijk seculiere en islamitische dictators in de Arabische wereld, overal kunnen toeslaan. Caroline Muscat in Malta loopt op haar tandvlees, maar ze gaat door. De gedachte dat zij de volgende zou kunnen zijn, kan ze er duidelijk niet bij hebben en wuift ze weg. In Mexico is het niet de vraag óf er dit jaar weer journalisten door moordcommando’s omgebracht zullen worden, maar wanneer de eerste melding komt. Als we onze journalistiek niet veranderen, blijven de moedige eenlingen in gevaar.