Het maatschappelijk debat in Nederland begint langzamerhand te lijken op een cartoon die Kamagurka in de jaren negentig publiceerde over de taalstrijd in de Voerstreek. Twee boze witte mannetjes hangen tegenover elkaar uit het raam, de een roept: ‘Imbeciel!, de ander ‘Imbécile!’. In de jaren negentig konden we er nog om lachen, die gekke Belgen met hun cultuuroorlog, inmiddels zijn we in Nederland zelf in een hopeloze stammenstrijd verwikkeld geraakt.
Dat bleek ook afgelopen week weer met de publicatie in de Volkskrant van het manifest ‘Vrij Links’ door filmmaker Eddy Terstall, oud-PvdA-Kamerlid Keklik Yücel, schrijver Asis Aynan en actrice Femke Lakerveld. Het stuk, waarin ‘links’ wordt opgeroepen trouw te zijn aan zijn ‘vrijzinnige, seculiere wortels’ was nog niet verschenen of het hagelde al kritiek via de sociale en traditionele media. Uit radicaal-linkse hoek werd geroepen dat het een verkapt ‘rechts verhaal’ was en alleen al om die reden moest worden afgeserveerd, uit christelijke kringen kwam het verwijt dat de passage over de seculiere wortels van links een bezopen staaltje geschiedvervalsing zou zijn, social justice warriors hamerden erop dat het manifest een verhulde aanval zou zijn op de moslims.
Helemaal mis ging het bij een debat over het manifest in De Balie. Daar opende socioloog en publicist Merijn Oudenampsen frontaal de aanval op het geschrift omdat het geen haar beter zou zijn dan de rechtse, anti-islamitische alt-right-verhalen van mensen als Paul Cliteur – waarna Oudenampsen naar zijn eigen idee werd uitgefloten en weggehoond, terwijl ánderen weer vonden dat hij dat aan zichzelf te wijten had. Intussen kreeg Terstall nauwelijks de kans te vertellen waar het eigenlijk met Vrij Links heen moest. Dat was dan het vrije debat.

Goede raad is duur
Zo verdween, met alle kritiek die op het pamflet mogelijk is (zoals het feit dat partijen als GroenLinks en de PvdA ook sterke christelijke wortels kennen en voorlieden als de ‘rode dominee’ Willem Banning) volledig uit beeld dat Eddy Terstall c.s. in sommige opzichten best een punt hebben. Wie bijvoorbeeld inzoomt op mede-ondertekenaar Keklik Yücel, snapt een stuk beter waar het manifest vandaan komt. Yücel, dochter van een Turkse gastarbeider, alevitisch en seculier opgevoed, vertelde vorig jaar in de Volkskrant dat ze de afgelopen decennia meemaakte hoe de Turkse gemeenschap steeds meer in de greep raakte van de orthodoxe islam en het nationalisme van Erdogan, en hoe ze de laatste jaren in de PvdA-fractie strijd voerde tegen haar fractiegenoten en Erdogan-sympathisanten Tunahan Kuzu en Selçuk Öztürk, de latere oprichters van DENK, die niets van de seculiere kritiek wilden weten.
Het is op zijn minst een poging waard om te begrijpen wat Terstall en Yücel eigenlijk met hun manifest onder de aandacht willen brengen.
Het verhaal van de seculiere stroming onder de gastarbeiders en hun kinderen, die in de maatschappelijke polarisatie steeds meer in de verdrukking raakte, is een bijna vergeten geschiedenis in het integratiedebat. De ervaringen van Keklik Yücel deden me sterk denken aan wat haar vroegere fractiegenote en huidige Kamervoorzitter Khadija Arib in 2016 in Vrij Nederland vertelde: dat ze als kind van een tamelijk seculiere Marokkaanse gastarbeider meemaakte hoe Marokkaanse Nederlanders zich in de jaren zeventig en tachtig steeds meer opsloten in hun islamitische identiteit, en hoe haar vader door vrienden onder druk werd gezet om zijn vrouw en dochter minder vaak alleen over straat te laten gaan. Wie oog heeft voor zulke ervaringen begrijpt beter dat ‘links’ niet alleen een verhaal van gelijke rechten zou moeten zijn, maar ook van emancipatie en bevrijding. Lodewijk Asscher had dat door, mede op aandrang van ‘kritisch partijlid’ Eddy Terstall, en probeerde als minister de invloed van radicale moskeeën terug te dringen. Maar dat moest hij bekopen met een nóg zwaardere nederlaag bij de verkiezingen, terwijl DENK een kleine triomf vierde onder conservatieve Turkse Nederlanders.
Goede raad, kortom, is duur. Maar het is op zijn minst een poging waard om, dwars door de polarisatie heen, te begrijpen wat Terstall en Yücel eigenlijk met hun manifest onder de aandacht willen brengen en het niet metéén als rechtse praat terzijde te schuiven.
Intussen staan we steeds harder ‘imbeciel!’ naar elkaar te roepen, terwijl de progressieve stroming steeds verder uiteen valt. Misschien is het een idee voor de verandering eens beginnen met luisteren.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.