Terwijl verreweg de meeste parlementariërs tijdens het kerstreces op vakantie gingen na een lang en taai politiek seizoen, werkte het onstuitbare Kamerlid Pieter Omtzigt gewoon door. Zo stuurde de pitbull uit Enschede afgelopen week nog een reeks kritische Kamervragen naar Sander Dekker, vertrekkend minister voor Rechtsbescherming, omdat het kabinet het had gepresteerd een vernietigend spoedadvies van de Raad voor de Rechtspraak over de wetsvoorstellen 2G en 3G op de werkvloer pas twee dagen voor het reces naar de Kamer te sturen.
Het advies over het zeer omstreden voorstel – dat zou kunnen betekenen dat ongevaccineerden niet meer tot hun werk worden toegelaten en zelfs ontslagen kunnen worden – lag al klaar sinds half november. Volgens de wet adviseert de Raad de regering én de Staten-Generaal. ‘Maar als de minister (Dekker) het advies niet aan de Kamer stuurt en waarschijnlijk ook niet aan de andere ministers dan is dit een lege huls,’ schreef Omtzigt op Twitter. ‘Even voor de helderheid: alle beloften over een open bestuurscultuur, transparantie en besef van de rechtsstaat en bescherming van de burger worden hier even overboord gegooid. Dat is ernstig voor een kabinet dat daarover gevallen is.’
Nu valt deze kwestie Sander Dekker niet direct aan te rekenen – de Raad voor de rechtspraak valt weliswaar officieel onder zijn verantwoordelijkheid, maar juist dit advies was aangevraagd door Ferdinand Grapperhaus, en het was het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, eerste ondertekenaar van het wetsvoorstel, dat het te laat naar de Kamer stuurde, maar fraai is het voorval niet. Zo kreeg Sander Dekker er nog een keer van langs, aan het eind van een falend ministerschap.
De afgelopen decennia viel rechtsbescherming – een cruciale taak van de overheid – direct onder de minister van Justitie, maar aan het begin van deze kabinetsperiode had de VVD een extra ministerspost nodig voor een evenredige verdeling over de coalitiepartners, zodat een apart ministerschap voor Rechtsbescherming in het leven werd geroepen. Volgens hardnekkige geruchten in de wandelgangen speelde daarbij ook een rol dat Mark Rutte per se een baantje wilde creëren voor zijn vertrouweling Sander Dekker.
de opsteker van de week
Vooral dat laatste wekte toen al grote verbazing rond het Binnenhof, want als staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap had Dekker in de voorgaande periode bijzonder weinig gepresteerd. Zijn optreden hing aan elkaar van blunders en onkunde, zoals ooit in het programma Politieke Junkies in De Balie op een rij werd gezet: één van de politiek commentatoren merkte bij die gelegenheid fijntjes op dat Dekker met zijn blijmoedige voorkomen beter op zijn plaats zou zijn geweest als presentator van het Jeugdjournaal. Aan het eind van zijn staatssecretariaat kreeg hij van de directeuren in het basis- en voortgezet onderwijs een 4,6.
Voor de rechtstaat is de opsteker van de week dat Sander Dekker niet terugkeert als minister voor Rechtsbescherming, en eindelijk de politiek verlaat.
En toch werd Dekker op voordracht van Rutte dus benoemd tot minister voor Rechtsbescherming, uitgerekend in een periode waarin de toeslagenaffaire werd onthuld: de levens van tienduizenden onschuldige burgers bleken jarenlang systematisch verwoest door de overheid. Op cruciale momenten speelde Dekker daarin een bedenkelijke rol, terwijl hij als minister juist pal had moeten staan voor de bescherming van de gedupeerden. Zo was het Sander Dekker die het als zijn belangrijkste opdracht zag de rechtsbijstand te hervormen door onder meer de sociale advocatuur af te knijpen, waardoor mensen aan de onderkant van de samenleving nog moeilijker hun recht konden halen. Pas na bittere protesten van sociaal advocaten en lang aandringen van de Tweede Kamer zegde hij dit jaar extra financiering toe.
En zo weigerde hij verruiming van het budget van de Autoriteit Persoonsgegevens, een belangrijke waakhond in de relatie tussen overheid en burger, met als verweer in de Tweede Kamer: ‘De AP doet ongelooflijk z’n best om heel veel te verwerken,’ – alsof het probleem zou zijn dat bij de Autoriteit niet hard genoeg wordt gewerkt. Zoals ik al eerder noteerde: de titel van het ministerschap van Sander Dekker is de afgelopen jaren een vlag op een modderschuit gebleken.
Voor de rechtstaat is de opsteker van de week dat Sander Dekker niet terugkeert als minister voor Rechtsbescherming, en eindelijk de politiek verlaat. Aan zijn opvolger Franc Weerwind van juristenpartij D66 de schone taak puin te ruimen en het vertrouwen in de rechtsstaat te helpen herstellen.
In een eerdere versie van deze column stond dat minister Sander Dekker het rapport te laat naar de Kamer stuurde. Dit bleek niet het geval, de kwestie is Dekker niet direct aan te rekenen en is daarom in de tekst aangepast.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.