De referenda over de Brexit en het Oekraïne-verdrag veroorzaakten grote politieke problemen. Er gaan stemmen op te stoppen met referenda, omdat ze bij complexe vragen alleen ‘ja’ of ‘nee’ als antwoord hebben. Stelling: schaf het referendum af.

Voor

Principieel voor

1. Vetocratie verlamt Europa.
Protestpartijen hebben plannen voor 32 referenda in 18 EU-landen, schrijft Caroline de Gruyter in NRC. Een vetocratie dreigt: ‘Het referendum kan wel eens hét wapen worden om af te rekenen met de globalisering, de parlementaire democratie en andere projecten waarmee Europese elites na de destructie van twee wereldoorlogen dit deel van de wereld probeerden te verbeteren.’ (…) ‘Het zou waanzin zijn om de essentie ervan zomaar op te geven.’

2. Referenda ondermijnen de democratie.
‘Opwinding creëren over één onderwerp, daarover in een simpel ja-nee-model de “volkswil” peilen (…) waarbij het volk per referendum achteraf steeds een al door de volksvertegenwoordiging genomen besluit terug kan draaien. Bindend. Mij lijkt dat uitholling van de representatieve democratie. Ik ben tegen de volksraadpleging, omdat zo’n systeem van referenda (…) het emotionalisme in de politiek doet oplaaien,’ aldus Paul Steenhuis in NRC.

3. Referenda zijn laf.
De politici die oproepen tot een referendum verschuilen zich achter het argument dat het altijd goed is om het volk te raadplegen, schrijft Eveline Rethmeier op de site van Vrij Nederland. Maar: ‘Een referendum is eerder een laffe vorm van politiek waarbij politici zich achter hun volk verschuilen omdat ze zelf de taaiste knopen niet durven door te hakken.’

Praktisch voor

1. Kiezers weten niet genoeg.
‘De op een na meest gestelde zoekvraag bij Google in het VK ná het Brexit-referendum was: “What is the EU?” Het is moeilijk vol te houden dat dit referendum bijdraagt aan zinvolle betrokkenheid van burgers,’ schrijft Marcel Canoy in het FD.

2. Het leidt tot het tegenovergestelde.
In Californië zijn vele referenda gehouden, waarbij burgers tegenstrijdige doelen kozen: lagere benzineprijzen én lage uitstoot, lage belastingen én goede sociale zekerheid. Dat leidt tot illusies, zegt Europakenner Mark Leonard in Trouw: ‘Het lijkt alsof mensen meer invloed krijgen door referenda, maar in de praktijk kan het leiden tot minder invloed. Om het leven van mensen te verbeteren, moeten er dingen gedaan worden. Dat lukt niet als zaken worden geblokkeerd.’

3. Referenda zijn misleidend.
‘Door een Brexit worden juist die mensen in het Verenigd Koninkrijk hard getroffen die vóór een uittreding uit de Europese Unie hebben gestemd. Het is intens triest dat de mensen die het al moeilijk hebben dezelfde zijn die in de fabeltjes van Boris Johnson en Nigel Farage trappen. Als gevolg zijn ze dubbel de pisang. Nepdemocraten bedankt.’ Marcel Canoy in het FD.

Tegen

Principieel tegen

1. Referenda helpen bij de sloop van de EU.
Referenda zijn het enige middel voor eurosceptici om de EU te slopen, zei Bernd Lucke van Alternative für Deutschland na de Brexit in Elsevier: ‘Het is beschamend dat Cameron niet meer concessies kreeg in zijn onderhandelingen met de EU. Het perspectief is nu meer referenda. Wij staan op een kruispunt. Dit kan het einde zijn van de EU.’

2. Het is de enige echte democratie.
‘Het volk weet véél beter wat goed is voor Nederland dan de regenten in Den Haag,’ zei Geert Wilders vorig jaar in de Kamer over het referendum over het verdrag met Oekraïne: ‘Referenda mogen geen uitzondering zijn. Ze moeten regel worden. En bindend, zodat de overheid rekening moet houden met de uitslag.’

3. Bij goed beleid referendum geen probleem.
‘De essentie blijft dat regeringen zorgen voor goed Europees beleid. Dan is helemaal niet zeker dat de bevolking daar tegen is. We hoeven niet bang te zijn voor referenda als de voordelen van integratie voor de burger duidelijk zijn.’ Adriaan Schout van Clingendael in Trouw.

Praktisch tegen

1. De kiezer is niet te dom.
‘Voorstanders stellen dat men het volk niet mag onderschatten: de kiezer kan ook complexe kwesties aan. En zelfs als dat niet zo zou zijn en de kiezer effectief ongeïnformeerd met de buik kiest, wat is dan het verschil met het verkiezen van volksvertegenwoordigers? Gebeurt dat dan wél geïnformeerd en met het hoofd?’ Andreas Tirez in De Tijd.

2. Mensen worden er gelukkig van.
Zwitserland is met zijn referenda het enige land op aarde met een waarachtige democratie, schrijft journalist Paul Aalbers op TPO: ‘Nederland en de meeste andere westerse landen zijn niet meer dan schijndemocratieën (…) Het is misschien geen toeval dat uitgerekend Zwitserland het gelukkigste land (…) ter wereld is.’

3. Buurtreferenda werken wel.
Als er meer referenda komen over begrijpelijke onderwerpen in de buurt, zoals een fontein of de bierfiets, ‘verdwijnt hopelijk de huidige neiging van kiezers om bij de zeldzame grote referenda altijd maar tegen te zijn, uit frustratie,’ schrijft Ruben Koops in De Telegraaf. De Zwitsers volgden bij de laatste vier referenda steeds het stemadvies van de regering: ‘Kom dus maar op met die buurtreferenda.’