Turkije sluit Syrische en Iraakse vluchtelingen op in door Europa betaalde kampen en mishandelt ze. Maar in Brussel en Den Haag is er vooralsnog weinig belangstelling.
Turkije pakt sinds het met de Europese Unie onderhandelt over het stoppen van de vluchtelingenstroom willekeurig Syrische vluchtelingen op die proberen Europa te bereiken. De vluchtelingen worden getransporteerd naar geïsoleerde detentiecentra in het oosten en zuiden van het land. Die detentiecentra zijn met Europese steun gebouwd. Deze mensonterende behandeling wordt aangejaagd dor de afspraken die zijn gemaakt in het EU-Turkije Actieplan, zei directeur van Amnesty International Eduard Nazarski afgelopen week in Nieuwsuur. Op grond van dat plan krijgt Turkije drie miljard euro voor de opvang van vluchtelingen in ruil voor strengere bewaking van de grenzen en soepeler visumregels voor Turken. De Turken ontkennen in alle toonaarden dat er iets mis is. Volgens een woordvoerder werden alleen Syrische vluchtelingen opgepakt met ‘bewezen banden met de criminaliteit.’
Volgens Amnesty International, dat met tientallen getuigen sprak, werden mensen vastgeketend of anderszins slecht behandeld. Ze worden in isolatie gehouden, mobiele telefoons werden afgepakt, bezoek van advocaten of familieleden was verboden, zo staat te lezen in Europe’s Gatekeeper: Unlawful detention and deportation of refugees from Turkey. Sommigen zaten weken andere tot twee maanden vast. Een honderdtal vluchtelingen zou gedwongen zijn terug te keren naar Syrië, maar Amnesty vreest dat het er veel meer zijn. De Turken zouden op deze manier de stroom vluchtelingen naar Europa willen indammen.
Het rapport was goed getimed: op donderdag werd in Brussel over de vluchtelingenproblematiek gesproken. Amnesty-directeur Nazarski riep premier Rutte op de financiële steun aan Turkse detentiecentra op te schorten totdat er meer duidelijkheid is over de behandeling van de vluchtelingen uit Syrië en Irak.
Maar in Brussel werd vooral gesproken over de nieuwe plannen over grensbewaking en niet over het lot van de Syrische vluchtelingen die hun verhaal deden tegenover Amnesty.
‘Het onderwerp heeft niet al te veel aandacht gekregen,’ zegt Amnesty-directeur Eduard Nazarski. ‘En dat betreuren we. Niet in Brussel, maar ook niet hier in Nederland. Op de dag dat wij het rapport uit brachten waren ze in Den Haag vooral druk bezig met de bonnetjes van Teeven en of Rutte het zou gaan redden.’
In Brussel was de reactie afwachtend: een woordvoerder van de commissaris van Buitenlandse Zaken Maja Kocijančič liet weten dat ze niet op de hoogte waren van de details maar dat het rapport zou worden bestudeerd en besproken met de Turkse autoriteiten. Eurocommissaris Frans Timmermans kreeg afgelopen zondag in Buitenhof kritische vragen naar aanleiding van het Amnesty-rapport. Maar Timmermans, de woordvirtuoos, wist zich er makkelijk uit te praten. Hij ontkende niet dat er problemen waren, maar stelde dat juist daarom de Europese Unie meer met Turkije moet samenwerken. ‘Om te voorkomen dat niet meer mensen worden mishandeld.’ Timmermans devies: wegkijken heeft geen zin.
Ondertussen zitten die Syrische vluchtelingen in de problemen. Nazarski: ‘We hoopten dat er op de EU-bijeenkomst van afgelopen week de kwestie zou worden behandeld. Voorlopig zullen Syriërs die vanuit Turkije naar Europa komen hetzelfde risico blijven lopen als de mensen die in ons rapport aan het woord komen. En dan ben je dus de pineut. Volgende maand is er opnieuw een top, we gaan er mee door om dit onderwerp op de politieke agenda te krijgen.’
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.