Haar leven was net zoals dat van de mensen om haar heen: veel en hard werken, veel uitgaan en feestjes, en zo nu en dan een vriendje. Petra Moes, dertiger, was productieleider in de festivalwereld en haar leven liep op rolletjes. Tot er iets begon te verschuiven. Zo zou ze op een dag met haar vader naar Delft gaan, zijn geboorteplaats. Omdat ze eigenlijk nooit iets samen deden, had hij zich daar maanden op verheugd. Maar de avond ervoor dronk Moes te veel en sliep ze maar een paar uurtjes, zodat ze op dag zelf hondsberoerd was en al haar energie nodig had om überhaupt overeind te blijven. Gezellig werd het niet.

Ook was er die keer dat ze even een biertje ging pakken en toch meer dronk dan ze van plan was, en op de terugweg viel met de fiets. Een zere kaak en haar witte blouse onder het bloed. Gelukkig was haar broer er snel bij. Hij nam haar mee naar de spoedeisende hulp. Wat schaamde ze zich voor de verwijtende blikken van de andere patiënten, waar de vileine opmerking van de...