Marian Husken werkt al veertig jaar voor Vrij Nederland. Vandaag verschijnt bij Balans haar boek Deals en dodenlijstjes. Van Willem Endstra tot Astrid Holleeder: wie durft er nog te getuigen? We vroegen Husken naar haar vijf beste verhalen over de georganiseerde misdaad, het justitiële systeem, en de deals tussen die twee.
Geregeld kwam ze de redactie op met mannen in trainingspak, of praatte ze ons onnavolgbaar bij over wat ze nu weer had gehoord in de wandelgangen van de Bunker, in de TBS-kliniek, bij een advocatenkantoor of in de schimmige cafés waar ze haar informatie opdeed. Marian Husken gaat altijd tot het gaatje, maar noem haar geen ‘misdaadjournalist’, het gaat haar om iets hogers: om het systeem.
We vroegen haar naar haar beste verhalen aan de hand van vijf vragen.
Op welk artikel ben je het meest trots?
‘Trots? Dat vind ik een vervelend woord. Maar als je me ’t mes op de keel zet: een destijds (we spreken 2006) tegendraads artikel over de toen nog tot levenslang veroordeelde verpleegster Lucia de B. Bijna iedereen was van haar schuld overtuigd. Gelukkig was er een arts die vraagtekens zette bij de dood van de patiënten die zij zou hebben vermoord. Ik ging samen met Freke Vuijst – zij in Amerika – op zoek naar andere deskundigen die met een onafhankelijke blik naar dit strafdossier konden kijken. Later bleek er inderdaad sprake te zijn geweest van een justitiële dwaling. In 2010 maakte ik ook nog een stuk onder de kop Leven na de vrijspraak (2010). Gesprekken met zowel Lucia de B. als Kees B., die eveneens slachtoffer was geweest van een justitiële dwaling, in de Schiedammer parkmoord, over hoe het hen sindsdien was vergaan.

En ik volgde bijvoorbeeld twee jaar lang een veelpleger die een zware gevangenismaatregel kreeg opgelegd – een zeer bijzondere verslaafde (2007). Ook schreef ik in 2009 een portret over een treurig maar moedig slachtoffer van mensenhandel.’
Welk stuk is de beste inleiding op Deals en dodenlijstjes?
‘Over het onderwerp van mijn nieuwste boek heb ik veel gepubliceerd in Vrij Nederland: over de faux pas die de overheid maakte, over de onbetrouwbaarheid van de criminelen met wie justitie in zee ging om andere misdadigers te kunnen veroordelen, maar ook over het werk van de criminele inlichtingendienst en het Openbaar Ministerie. Op 8 mei 2004 verscheen Het gelijk van De Wijkerslooth, over een deal met een crimineel die tegengehouden was door de top van justitie – de man zou te onbetrouwbaar zijn. De officier van justitie die met deze man in zee wilde gaan, was hier zeer kwaad over. Het was een primeur – VN haalde die dag zelfs het NOS Journaal. Hoe het afliep met deze afgewezen deal-getuige, en met anderen die in getuigenbeschermingsprogramma’s belandden, kun je lezen in mijn nieuwste boek, dat vanaf vandaag in de winkel ligt.’
Welk stuk veroorzaakte de meeste reuring in de boven- of onderwereld?
‘Reuring is een gek begrip – dat is niet waarvoor je schrijft. Als je eronder verstaat: het nieuws (in de andere media) halen, zorgen voor Kamervragen, dan zeg ik: onze enquêtes onder de rechterlijke macht van Nederland en de stukken over omstreden deals met criminelen. Als je met reuring bedoelt: voor welk stuk renden mensen naar de kiosk: een van de eerste grote portretten van topcrimineel Willem Holleeder, over wie destijds bijna niemand publiceerde. Zo schreven Harry Lensink en ik in 2005 De methode Holleeder.’
Welk stuk had je bij nader inzien misschien niet moeten maken?
‘Ik sta nog altijd achter alle stukken die ik maakte – al krijg je door latere en nieuwe informatie soms een andere kijk op een onderwerp. Een keer maakte ik mee dat een verhaal later toch op losse schroeven kwam te staan. Samen met Harm Botje publiceerde ik Diamanten voor Al-Qaida, over de financiering van de terreurbeweging van Bin Laden. We baseerden ons niet alleen op Nederlandse strafdossiers en eigen onderzoek, maar ook op artikelen van een befaamde onderzoeksjournalist voor The Washington Post. Die verslaggever stak zijn hand in het vuur voor zijn deep throat. Nadien kwam er in Amerika een rapport uit waaruit bleek dat zowel de CIA als de FBI geen bewijs hadden gevonden voor de beweringen van zijn Liberiaanse bron. In Deals en dodenlijstjes volg ik het spoor van deze Liberiaan terug, die later eveneens opdook als beschermde getuige in een Nederlandse strafzaak.’
Door welk stuk ben je anders gaan kijken naar de persoon of organisatie die erin centraal staat?
‘De oude rekening voor de Bouwvakker (2013). Harry Lensink en ik hadden enkele maanden voor zijn dood een interview met de zakenman Rob Grifhorst, alias ‘De bouwvakker’. Hij vond het vreselijk dat hij in de media jarenlang ‘de vijfde Heineken-ontvoerder’ werd genoemd. Hij was aangehouden, maar ook meteen weer vrijgelaten. Hij had met ‘die erge misdaad’ niets te maken, zei hij. Bij justitie bestond echter de verdenking dat Grifhorst wel had geholpen met het witwassen van het losgeld dat Heineken aan Cor van Hout en Willem Holleeder en hun maten had betaald. Grifhorst werd hiervoor jarenlang vervolgd. Ten onrechte, claimde hij. Hij liet ons stukken en documenten zien die zijn gelijk bevestigden. Die kwamen geloofwaardig en authentiek over. Maar de man stierf nog voordat hij in de rechtszaal moest verschijnen. In 2016 verscheen Judas, van Astrid Holleeder. En wat lazen we dáár: het Heineken-geld bleek volgens haar wel degelijk door Grifhorst naar de bovenwereld te zijn gesluisd. Nieuwe informatie die zorgde voor een andere kijk op deze case uit onze VN-serie Crimineel Geld – en uiteraard zorgde dat ook voor een nieuwe aflevering.’
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.