Ooit streden Zara en Ali in Iran voor hun politieke idealen. Nu hebben ze alleen nog hun verhaal en het wonder dat ze nog leven.
Samen zaten ze bij de dissidentenbeweging in het Iran van de jaren tachtig, Zara (56) en haar man Ali (54). Zara werd twee keer opgepakt, onder meer in 1988. Beide keren werd ze gemarteld en veroordeeld tot de doodstraf. Ze was begin twintig. Haar vader had connecties binnen het regime en wist haar vrij te krijgen. Nu nog heeft ze nachtmerries.
We zitten in hun schoonheidssalon R&S Beauty in Rotterdam. ‘De Iraanse inlichtingendienst was vroeger heel agressief, gewelddadig. Nu maken ze het land van binnenuit kapot.’ Ali kijkt naar Zara. Die knikt instemmend terwijl ze in haar koffie roert en zegt dan: ‘Eigenlijk hebben ze ons ook kapot gemaakt.’
In 1993 ontvluchtten Zara en Ali Iran met hun kinderen van 3 en 1. Eerst naar het noorden van Iran, van daaruit met de auto naar de Armeense hoofdstad Jerevan. ‘De mensen hadden niets daar. Er was alleen armoede. Net als zij verhongerden we bijna,’ zegt Ali. De eerste twee dagen zaten ze in een hotel, daarna in een huisje waar ze het regelmatig zonder elektriciteit en water moesten stellen. ‘Elke dag vroegen we de smokkelaars wanneer we zouden vertrekken.’
Uitgeput en kilo’s afgevallen vertrok de groep twee maanden later richting Moskou. ‘Daar zijn de smokkelaars die een visum zouden regelen er met onze paspoorten en de helft van ons geld vandoor gegaan. We hadden 7.000 dollar per persoon betaald. Veel Iraniërs strandden onder dezelfde omstandigheden in Moskou. Natuurlijk weet je dat de kans dat je belazerd wordt groot is, maar je wilt het zó graag. Uiteindelijk kwamen we in contact met smokkelaars die aan valse papieren konden komen. Met Azerbeidzjaanse neppaspoorten zijn we toen met de trein naar Bulgarije vertrokken. In Polen zouden ze dan visa regelen voor Duitsland.’
Aangekomen in Warschau, waar ze tickets kochten naar Berlijn, gaven ze hun papieren en geld aan de smokkelaars. Dat was nodig om visa voor Duitsland te regelen. Ali: ‘Samen met een groep andere vluchtelingen namen we de nachttrein naar Berlijn. Die avond kon ik niet slapen. Ik had een slecht voorgevoel. Om twee uur ’s nachts ging ik kijken bij de smokkelaars. Mijn hart stond stil. Ze waren verdwenen met onze papieren en ons geld. Ik sloeg alarm.’ Het was drie uur ’s nachts, de vrouwen stonden te huilen, de mannen waren in paniek. ‘Wat heb ik gedaan,’ dacht Ali. Die vraag zou hem nog lang kwellen gedurende hun reis.
Kort na zonsopgang stapte de groep uit toen de mannen zagen dat vlakbij de Duitse grens werd gecontroleerd. ‘We hebben gerend voor ons leven. Alles achtergelaten. Ons dochtertje huilde aan een stuk door omdat ze haar pop had laten liggen in de trein.’ Het was november, tien graden onder de nul. De kinderen waren ziek, ze hadden diarree en uitslag van de kou. Ze moesten dertig tot veertig kilometer lopen naar de grens. Ali: ‘De kou. Mijn god, de kou was verschrikkelijk. Ik voel het nu nog. Eten was er niet. De meesten hadden geen cent meer.’
Ze haalden het. Duitsland. Ali, Zara en hun kinderen waren vrij.
Een van de mannen, de Iraanse Hasim, was een grote steun voor ze. ‘Een boom van een man was het. Hij sprak goed Russisch. Mijn god, wat een goede man. Hij warmde onze kinderen één voor één op. Hij beschermde mijn gezin. Ik zal hem nooit meer vergeten.’
Doorgaan betekende zelfmoord
De reis naar de Duitse grens werd noodgedwongen afgebroken. Doorgaan betekende zelfmoord. Het gezin en de andere vluchtelingen keerden terug naar Warschau. Daar leefden ze dagenlang op straat. Ali: ‘Om te overleven gingen we stelen. Zigeuners gaven ons te eten. Dagenlang spraken we donkere mensen aan in de hoop dat ze uit Iran kwamen en ons konden helpen. Net toen we het hadden opgegeven en besloten terug te keren naar Iran, kwam ik twee mannen tegen, een Palestijn en een Algerijn. Ze dachten dat ik een bedelaar was. Zo zag ik er ook uit. Toen ze hoorden dat ik Frans sprak, had ik hun aandacht. Ik vertelde ons verhaal. Radeloos was ik. En toen gebeurde er iets wat ik nooit had verwacht: ze boden hun hulp aan. Voor niets. Dol van vreugde rende ik naar de anderen, aan de andere kant van het station. Die geloofden mij niet. Ze dachten dat ik hallucineerde.’ Half fluisterend: ‘Om half twaalf die dag zaten we in de trein.’
In Gubin bij Polen stapten ze uit en werden ze door smokkelaars die bevriend waren met hun redders naar een huisje gebracht. ‘Die douche en het eten, het was paradijs. Echt páradijs, weet je het nog, Zara?’
Daar, in dat huisje, wachtten ze totdat ze verder konden. Dat kon volgens de smokkelaars pas als de weersomstandigheden verder verslechterden, zodat het zicht beperkt werd. Ze mochten tijdens de vlucht immers door niemand worden opgemerkt. Na een paar dagen werd het gezin met de anderen in een auto tot vlakbij de Duitse grens gereden, waar ze te voet verder moesten. Vier kilometer nog. Ali: ‘We waren zo bang om gezien te worden. Het sneeuwde, we zagen geen hand voor ogen.’
Ze haalden het. Duitsland. Ali, Zara en hun kinderen waren vrij. ‘Ik keek naar de hemel. Ineens leek de zon te schijnen. Of droomde ik dat? Ik weet het niet meer. Het enige wat ik wist, was dat mijn gezin in veiligheid was. Ik was dankbaar, dankbaar. Vanuit Berlijn kwamen we met ons gezin in Nederland terecht. Er werd ons gevraagd of we wat te eten hadden en hoe de gezondheid van de kinderen was. We waren weer mensen. Begrijp je? Mensen. We hadden het gered. Het was een wonder.’
Een wonder was het echt, zegt Ali. ‘Die Algerijn en die Palestijn waren geen gewone mensen. Ik herinner me nog goed hoe ze eruit zagen. Er gaat geen dag voorbij dat ik niet aan ze denk. Wij waren onderweg naar de vrijheid onze kinderen bijna kwijtgeraakt. Daar ben ik zo vaak bang voor geweest. Die mannen hebben het leven van mijn gezin gered. Dat waren geen mensen. Het waren engelen.’
Zara (nu 56), die in Iran rechten studeerde, wilde altijd het liefst journalist worden. Haar man Ali (nu 54) besloot in Nederland geneeskunde te studeren en werd kinderarts.
Meer van Fidan Ekiz? Neem de nieuwsbrief van Vrij Nederland.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.