De Franse filmmaker en schrijver Marceline Loridan-Ivens is dinsdag 18 september 2018 op 90-jarige leeftijd overleden. Ze was de weduwe van de Nederlandse filmmaker Joris Ivens.  En je kwam niet terug uit 2016 was haar laatste boek.

Als vijftienjarige in Auschwitz-Birkenau kreeg Marceline Rosenberg van alles te zien en te horen wat ze niet wilde horen en zien. Daardoor heeft ze nu nog steeds de geur van verbrand vlees in haar neus. Als vrouw van Joris Ivens reisde ze vanaf 1963 de hele wereld over, maakte met hem controversiële documentaire films, deelde in zijn glorie en ontmoette daardoor de groten der aarde. Marceline Rosenberg kon de vernederingen in het kamp niet vergeten, maar was als Marceline Loridan-Ivens ook onderdeel van het grote artistieke en politieke leven.

Daarover gaat En je kwam niet terug. Het is niet de eerste keer dat Loridan-Ivens over het concentratiekamp vertelt, maar in deze goed honderd pagina’s krijgt de tragiek en de glorie van haar leven wel heel compact vorm. Het is een soort brief aan haar nooit teruggekomen vader, als antwoord op het briefje dat hij haar in Auschwitz schreef nadat ze elkaar daar voor het laatst hadden gezien. Ze is het toen kwijtgeraakt en weet alleen nog de aanhef ‘Lieve kleine meid’.

Beeld uit de film Hoe Yukong de bergen verzette. Bron: screenshot van Youtube.

Marceline Ivens is haar hele leven geplaagd door te scherpe herinneringen. Omdat ze in het kamp op een houten plank sliep heeft ze daarna nooit meer de zachtheid van een matras kunnen verdragen. Ze ging liever op de grond liggen. Een kind het woord ‘papa’ horen zeggen sneed door haar ziel. Haar kleine broertje Michel wilde steeds naar het station om te kijken of zijn vader er al aankwam. Toen ze in Frankrijk terugkwam wilde haar moeder niet weten waar ze vandaan kwam. Vertel maar niets raadde iemand haar aan, ‘ze begrijpen toch niets.’ Dat kinderen voor haar neus werden doodgeslagen. Dat ze de kleren van de doden had gedragen (‘We liepen in de lompen van onze doden’). Dat ze emotioneel was bevroren. Dat Mengele ‘ons met de punt van zijn stokje naakt om onze as liet draaien en besliste wie zou leven en wie niet.’ Ze moest vlakbij de gaskamers greppels graven voor de vergaste lichamen: ‘Ze werden overgoten met benzine en tot as gereduceerd door een slang van vlammen, vlammen vlak boven de grond, onzichtbaar voor de vijand.’

Marceline Loridan-Ivens en Joris Ivens (beide midden) tijdens het draaien van Une histoire de vent in 1988. Foto: Claude Schwartz/Rue des Archives/HH

Ook al draait alles in haar gedachten om haar niet teruggekomen vader, ze heeft toch het gevoel hem ‘niet echt’ te hebben gekend. Haar huwelijk met de dertig jaar oudere Ivens was het tegengif ‘voor jouw afwezigheid.’ Haar broer Henri (die zelfmoord zal plegen) zegt dat ze uiteindelijk getrouwd is met haar vader. Ze ging mee in Joris Ivens’ wereld en kreeg dezelfde stalinistische en maoïstische sympathieën. Ze verheerlijkten samen de Culturele Revolutie (‘Vreselijke misvatting, maar ik geloofde er heilig in’) en maakten de twaalf uur durende ode op China Hoe Yukong de bergen verzette, later door haar ‘een monster, een gekte’ genoemd.

‘Dat ik dat allemaal geloofde, wat in die films wordt gezegd!’, citeert Hans Schoots haar in Gevaarlijk leven, zijn biografie over Joris Ivens. Tegen het einde van zijn leven keerde Ivens zich af van de politiek en wilde hij alleen nog een filmende dichter zijn. Loridan-Ivens zegt dat zij ‘de gist van de twijfel’ in Ivens’ hoofd heeft gezaaid. Dat ze zich vergisten, maar ook ‘oprecht’ waren. Loridan-Ivens kwam nooit los van het kamp in haar hoofd, liet er de film La petite prairie aux bouleaux over maken met Anouk Amée, schreef er over in Ma vie balagan en nu weer in dit tamelijk schrijnende en wanhopige En je kwam niet terug: ‘Ik heb geleefd omdat jij wilde dat ik leefde.’

En je kwam niet terug is uitgegeven door De Bezige Bij.