‘Ook neven, nichten, achterneven en achternichten zijn familieleden waar je een hechte band mee hebt in de Portugese cultuur,’ zegt Alex. We zaten samen op de school voor journalistiek en zitten nu allebei in een scheiding. Zijn vrouw ging zich ergeren aan dingen die anders, Portugees, waren aan Alex. De verschillen die ooit zo interessant waren en de geliefden verbonden, vervreemdden nu juist.

We ontmoeten elkaar in een cafeetje in Deventer. Het is bijna twintig jaar geleden dat we elkaar voor het laatst zagen. Hij heeft foto’s meegenomen, gemaakt tijdens het introductiekamp van de School voor Journalistiek in Utrecht. De klas van 1995. Een knappe jongen kijkt in mijn camera. Alexandre Nunes Roque. Die dagen voelden als het begin van een nieuw leven met nieuwe mensen en nieuwe herinneringen. Ik voelde me zo vrij, zo gelukkig. Het had te maken met het onbekende: de honger naar avontuur, nieuwe emoties, nieuwe vriendschappen, de toekomst. We dronken totdat de zon opkwam en spraken over wat komen zou: ‘Wie zullen we worden?’ Alex was een denker en een romanticus. Hij antwoordde: ‘Ik denk dat het zal gaan zoals bij mijn vader. Als dat lukt, heb ik het goed gedaan.’

We deelden dezelfde achtergrond: kind van gastarbeiders, een migratiegeschiedenis gevuld met heimwee en verlangen. Over de emigratie van zijn Portugese vader naar Nederland in 1966 had Alex tijdens onze studietijd een verhaal geschreven: ‘Antonio heeft twee truien en een jas aangedaan. Nog steeds kan hij de trillingen van zijn lichaam niet in bedwang houden.’

Een mooie jonge vrouw

Daar zitten we dan, op een vrijdagmorgen. Alex is nu vader en ik moeder. Beiden zitten we in een scheiding. Herkenning van verdriet verlicht de eenzaamheid. Alex is getrouwd. Ze leerden elkaar twaalf jaar geleden kennen. Het begin van een liefdesverhaal tussen een Portugees-Nederlandse jongen uit Den Haag en een mooie jonge vrouw uit Twente. Getrouwd in een wit kerkje in Vilar, Portugal, waar zijn ouders ook waren getrouwd. Een sprookje. Ze kregen drie kinderen. Alex houdt nog zielsveel van haar. De breuk was niet zijn keuze. Wat was het wel? ‘Cultuurverschillen toch, denk ik.’ Hij moet er zelf om lachen. ‘Kan je dat geloven? Ik ben hier geboren, spreek accentloos Nederlands. Portugal en Nederland hebben een vergelijkbare culturele en religieuze achtergrond, dacht ik altijd. Mijn vrouw en ik delen hetzelfde katholieke geloof. Dan kom ik er na 42 jaar achter dat ik blijkbaar toch anders ben en dat ik mij m’n hele leven heb aangepast aan mijn omgeving.’

Temperamentverschil

De Portugese cultuur is traditioneler dan Alex altijd had gedacht. Ook hij bleek traditioneler. ‘Ik wilde het doen zoals mijn vader. Een echte pater familias. Dat wilde ik voor mijzelf ook. Dat is misschien niet van deze tijd, het is bijna archaïsch. Mijn vader deed alles voor zijn familie. Dat stond op de eerste plaats: hard werken, verantwoordelijkheid, respect, familie. Zelf kwam hij op de laatste plaats. Zijn eigen ik offerde hij op. Net zoals mijn moeder trouwens. Wat dat betreft vind ik dat ik mijn vader en moeder heb teleurgesteld. Het hele concept familie is anders in de Portugese cultuur. Niet alleen ouders en broers en zussen, maar ook neven, nichten én achterneven en achternichten zijn familieleden waar je een hechte band mee hebt.’
Zonder dat dit direct een probleem opleverde in zijn huwelijk, was het wel een fundamenteel verschil dat de harmonie thuis sluipend aantastte. Iets is anders, maar je kunt het niet benoemen, concreet maken en bespreken. Ik herken wat Alex zegt uit mijn eigen (interculturele) huwelijk. Een ander kenmerkend punt dat hij noemt, is het temperamentverschil: ‘Als ik met stemverheffing sprak, dacht zij dat ik woedend was. Ja, ik reageer heftig, maar dat is zo weer voorbij. Zo ging dat thuis bij mijn ouders ook. We gooiden het eruit en dan weer verder. Nu stond alles stil. Dagen van gezwijg en wrok volgden. Je gaat aan jezelf twijfelen. Om zulke reacties te voorkomen, ging ik mij aanpassen. Opkroppen. Twentenaren houden zich in.’

Alex als kind, en zijn familie.

Zijn vrouw ging zich ergeren aan dingen die anders, Portugees, waren aan Alex. Alles wat bij hem hoort. ‘Fado, het Portugese levenslied, is niet zomaar muziek voor mij. Ik kan oprecht huilen als ik een goede fado hoor. Ik voel het echt in mijn botten, in het diepst van mijn vezels. Soms moet ik aan mijn vader denken, soms aan mijn moeder, soms aan mijn vrouw die het niet begrijpt of voelt. Vaak moet ik ook aan Portugal denken. Niet alleen aan de grote dingen, zoals de landschappen, de hoge kliffen, de woeste zee, maar juist ook de kleine dingen. Die regenbui tijdens dat mooie gesprek met een nicht, terwijl je Portugese espresso dronk met een pastel de nata. Madredeus heeft niet voor niets een liedje genaamd “Coisas Pequenas”: “Kleine Dingen”.’

De verschillen die ooit zo interessant waren en de geliefden verbonden, vervreemdden nu juist. ‘Ik gaf liefde, maar kreeg geen ware liefde terug. Ze deed echt haar best, maar je best moeten doen in de liefde is een slecht teken. Als het er is, komt het vanzelf. “Ik houd niet meer van je, ik wil scheiden,” zei ze. Ik schrok me kapot. Alles had ik opgeofferd voor de liefde: ik verliet Den Haag voor Twente, ik verliet mijn sociale omgeving en mijn professionele netwerk. Hier zit ik dan: ik moet terug naar Den Haag, heb een gat in mijn cv, mijn zelfvertrouwen ligt op de bodem van de put en het is me niet gelukt om het gezin bij elkaar te houden. Wat heb ik in godsnaam gedaan, denk ik steeds. Ik heb niet alleen mijn ouders teleurgesteld, maar ook mijn schoonouders. En misschien nog erger: ik heb mijn vrouw teleurgesteld én mijzelf.’

De herfstzon morst met licht. Alex kijkt roerloos naar buiten. Op zoek naar verloren tijd en ondefinieerbaar geluk. Sprakeloos, troostend. We zijn groot geworden, maar hoeven ons niet groot te houden. De stilte wordt onderbroken door de serveerster. Kom, we bestellen nog een koffie. De toekomst wacht wel.