Het is me zelden overkomen dat ik op een en dezelfde dag werd gebeld door de secretaresse van de minister van Buitenlandse Zaken, de politiek adviseur van de premier en de voorzitter van werkgeversorganisatie VNO-NCW. In het voorjaar van 2008 was ik voorzitter van perscentrum Nieuwspoort en we waren door Geert Wilders benaderd met de vraag of zijn anti-islamfilm Fitna bij ons in première kon gaan. Geen enkele omroep durfde het namelijk aan om de film te vertonen. De bestuursvergadering van Nieuwspoort die erover moest beslissen, duurde uren. Voor- en tegenstanders hielden elkaar precies in evenwicht.

Lees ookMeer Macht op vrijdag: Stef Blok en Sigrid Kaag, treed op tegen Trump!21 september 2018

Uiteindelijk velde ik als voorzitter een salomonsoordeel: Fitna zou in Nieuwspoort in première gaan onder de voorwaarde dat de veiligheid van de bezoekers gegarandeerd zou zijn. Ietwat kort door de bocht maakten de media daarvan: Wilders en Nieuwspoort hebben overeenstemming bereikt. Dus begon het telefoontjes te regenen. Was ik er soms op uit het beleid van premier Balkenende te doorkruisen? Wist ik niet hoeveel onrust de film van Casablanca tot Soerabaja zou veroorzaken? Kende ik de grote handelsbelangen van Nederland daar? Besefte ik wel hoe groot de bedreiging was voor de positie van onze diplomaten en zakenmensen in de moslimwereld?

Misschien moest ik nog maar eens goed over de relatie van Nieuwspoort met Wilders nadenken. Als ik in de tussentijd behoefte had aan een kopje koffie met de minister c.q. de werkgeversvoorzitter kon dat altijd. Het was een goed georkestreerde lobby. Uiteindelijk zou Fitna online in première gaan en niet in Nieuwspoort.

Booreiland in de Noordzee

Om te achterhalen hoe de veiligheid van de bezoekers kon worden gewaarborgd, voerde een delegatie van het perscentrum een gesprek met de toenmalige Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding (NCTb) Tjibbe Joustra. Hij wilde niet op onze stoel gaan zitten, zei de NCTb, maar Nieuwspoort tegen aanslagen beveiligen leek hem geen sinecure.

Foto: HH/Joris van Gennip

We hadden een plan B op zak (vertoon de film in een goed bewaakte circustent op het Malieveld) maar ook daar maakte Joustra korte metten mee: volgens hem had dat geen zin als niet ook de snelwegen A4 en A12 werden afgesloten en dat werd een dure grap. Wat kon er volgens Joustra wel? De NCTb, en ik zal zijn ironische glimlach niet snel vergeten: ‘Weleens aan vertoning van de film op een booreiland op de Noordzee gedacht?’

Ik moest aan die hele geschiedenis uit 2008 denken toen Geert Wilders zijn cartoonwedstrijd over de profeet Mohammed afblies. Helemaal op eigen initiatief, werd haastig naar buiten gebracht. Het kabinet had de cartoonwedstrijd een weinig smaakvol idee gevonden, maar vanwege de vrijheid van meningsuiting Wilders geen strobreed in de weg willen leggen. De PVV-voorman bevestigde die gang van zaken. Hijzélf wilde niet dat derden het slachtoffer zouden worden van zijn vendetta tegen de islam.

De veiligheid van Nederlanders was belangrijker dan een spotprent, zei Wilders. Maar was hij helemaal op eigen kracht tot die conclusie gekomen?

Met de dreigementen liep het dit keer echt de spuigaten uit: van de Pakistaanse geestelijke die een fatwa uitsprak tegen Wilders en de cricketspeler die 20.000 euro op het hoofd van de ‘godslasteraar’ zette tot de fundamentalistische politicus die een atoombom op Nederland wilde gooien en de taliban die opriepen tot een aanslag op de Nederlandse troepen in Afghanistan.

De veiligheid van Nederlanders was belangrijker dan een spotprent, zei Wilders. Maar was hij helemaal op eigen kracht tot die conclusie gekomen? Met mijn eigen ervaringen in 2008 in het achterhoofd lijkt het me sterk dat niemand hem indringend heeft gewezen op de belangen van onze diplomaten en zakenmensen en de baggeraars die actief zijn in de haven van Karachi.