Halbe Zijlstra wordt genoemd als VVD-leider na Mark Rutte. Maar als debater en politiek strateeg komt hij niet in de buurt van de man die hij wil opvolgen. Dat bleek vandaag weer bij de Algemene Politieke Beschouwingen.

Sinds vele maanden is in de wandelgangen rond het Binnenhof te horen dat Halbe Zijlstra wordt klaargestoomd om het partijleiderschap van Mark Rutte over te nemen, mocht het kabinet voortijdig ten val komen. Er wordt flink geslepen aan zijn rechtse profiel, en zijn spindoctors doen hun best de man die bekend staat om zijn liefde voor Ludlum en Metallica van de noodzakelijke staatsmannelijke gravitas te voorzien. Zo werden onder zijn naam verschillende gewichtige opiniestukken in de dagbladen gepubliceerd, onder andere over het ontwerpakkoord met Iran dat een ‘historische vergissing’ zou zijn, en over de vluchtelingenstroom die ‘de bijl aan de wortel van de Europese Unie’ zou kunnen blijken.

Maar het is de vraag of al die pogingen veel uit zullen halen. Dat Halbe Zijlstra – geboren als zoon van een politieman in een Fries dorp – niet over de natuurlijke charme van Mark Rutte beschikt, was al eerder duidelijk geworden, en zeker binnen de VVD. Bij het afscheid van een geliefde fractievoorlichter, vlak voor het zomerreces, viel het houterige praatje van Zijlstra volledig in het niet bij de geestige, spontane voordracht van Mark Rutte. Maar ook als debater en politiek strateeg komt Zijlstra niet in de buurt van de man die hij wil opvolgen.

Dat werd vandaag weer pijnlijk duidelijk bij het eerste deel van de Algemene Politieke Beschouwingen. Tijdens zijn spreekbeurt kwam Halbe Zijlstra meteen al in de problemen vanwege de stelligheid waarmee hij al sinds maart de radicale migratienota van fractiegenoot Malik Azmani verdedigt. Volgens dat plan moeten alle vluchtelingen in de regio worden opgevangen, en gaan de Europese grenzen ‘echt dicht’. Mark Rutte was slim genoeg om het werkstuk van Azmani meteen te relativeren. Maar Halbe Zijlstra betoogde vandaag in de Kamer dat afgelopen week niet alleen het kabinet maar ook de Europese Raad van ministers van Justitie en Binnenlandse Zaken het plan van de fractie zou hebben overgenomen.

Die positie bleek lastig te verdedigen, want in de betreffende kabinetsbrief staat weliswaar dat asielzoekers op lange termijn in veilige derde landen moeten worden opgevangen waar ze in ‘multipurpose–centra’ asiel kunnen aanvragen, en dat hun aanvraag als ze langs andere wegen Europa bereiken kan worden afgewezen, maar over het sluiten van de Europese grenzen is er geen woord te vinden. Hetzelfde geldt voor de verklaring van de Luxemburgse voorzitter na de Raad Justitie en Binnenlandse Zaken van afgelopen maandag. Ook daar welwillende taal over een strategie ‘op middellange termijn’ om opvang in ‘veilige derde landen’ te realiseren, maar geen woord over het sluiten van de Europese grenzen. In de Straatsburgse en Brusselse wandelgangen was de afgelopen dagen op te vangen dat de betreffende passage vooral bedoeld was als vrijblijvende handreiking om Nederland achter de migratieplannen van de Europese Commissie te krijgen.

Daar komt nog bij dat het een illusie is te denken dat de Europese buitengrenzen überhaupt hermetisch gesloten kunnen worden – zelfs als er werkelijk grootschalige, langdurige, humane opvang voor alle vluchtelingen in de regio zou worden georganiseerd.

En zo zag Halbe Zijlstra zich tijdens het debat gedwongen om toe te geven dat het sluiten van de Europese grenzen eigenlijk als ‘beeldspraak’ was bedoeld, en bleek wat hij als overwinning probeerde te verkopen eigenlijk een nederlaag te zijn – een nederlaag die iedereen al aan had zien komen, behalve de VVD-fractievoorzitter zelf.

De VVD mag hopen dat Mark Rutte het nog jaren volhoudt als partijleider, tot zich een geschiktere opvolger dan Halbe Zijlstra heeft aangediend.