Schrijver en striptekenaar Marten Toonder was voor leerling Dick Matena de meester die als een vader werd. VN kreeg inzage in hun correspondentie. Dick Matena over de nadagen van een levenslustig, allengs vereenzaamd genie: ‘Hij was ervan overtuigd dat hij vergiftigd was.’

Welke andere hedendaagse Nederlandse stripauteur kan prat gaan op een vijftien meter hoge muur waarop een tekening van zijn hand prijkt? En dan nog wel in zijn geliefde Antwerpen, de stad waar hij met zijn ouders al veel kwam. De stad waar in bepaalde uitspanningen dat door hem zo verfoeide rookverbod tenminste listig omzeild wordt!

Hoofdschuddend beziet Dick Matena (1943) het kunstwerk op de beregende gevel van de stadsbibliotheek in de Korte Nieuwstraat, die op ons na verlaten is. Met gebogen rug staat hij daar, in leren jack met bijpassende zwarte, puntige cowboylaarzen. Peuk in de mondhoek. Weelderige grijze haardos. Joekels van bakkebaarden. Een oude rocker, die nog gespeeld heeft in Black Sabbath...