Op de eerste maandag van september viert Amerika de Dag van de Arbeid met een vrije dag. Labor Day markeert traditioneel het einde van de zomer en de start van het politieke seizoen. Geen wonder dat Richard Trumka, de voorzitter van de vakcentrale AFL-CIO, van zich liet horen. Hij zette de aanval in op president Trump. ‘De werkers in Amerika lijden onder President Donald Trumps zogenaamde booming economie,’ aldus Trumka. De lonen stijgen niet, het Witte Huis weigert om het minimumloon te verhogen en verzwakt daarnaast de regelgeving die de arbeiders moet beschermen.

De beloftes van Trump

Trumka’s kritiek was opvallend, want onder Trumps supporters zijn veel vakbondsleden te vinden. Trump trok meer kiezers uit de gelederen van vakbonden dan de Republikeinse presidentskandidaten voor hem. Trump deed de vakbondsleden een aantal beloftes: de industrie zou terugkeren naar de Rust Belt, de globalisering zou afnemen door middel van importheffingen en de fabrieksarbeiders zouden verzekerd zijn van een modaal inkomen.

Geen van deze beloftes werden waargemaakt, terwijl de Democratische presidentskandidaten de arbeidersklasse bovenaan de agenda hebben staan. Gedeeltelijk omdat een groot deel van de lagere inkomensklasse vrouw en/of niet-wit is, maar ook omdat het activisme van vakbondsleden het afgelopen jaar razendsnel is gegroeid. Het zijn niet de fabrieksarbeiders die de afgelopen maanden op de barricades hebben gestaan, maar de onderwijzers, de vakkenvullers en de hotelmedewerkers.

Het is alsof de Democratische partij en de vakbonden elkaar opnieuw hebben ontdekt. En dat is slecht nieuws voor Trump.

Manufacturing Belt

De stad Moraine ligt middenin de Rust Belt: de noordoostelijke streek waar de zware industrie is gevestigd, ook wel de Manufacturing Belt genoemd. Tegenwoordig heerst hier armoede en grote werkloosheid, veroorzaakt door automatisering en het verplaatsen van de arbeid naar lagelonenlanden zoals China.

De bevolking van de Rust Belt stemt van oudsher Democratisch, maar koos in 2016 voor Trump. Trump gebruikte het industriegebied graag als voorbeeld in zijn isolationistische visie. Dat uitgerekend China, de concurrerende grootmacht, hier de boel redt, moet bitterzoet zijn voor Trump en zijn aanhangers.

Van oudsher vormen de witte, katholieke arbeidersklasse, de vakbonden en de Democraten hier een hechte drie-eenheid. Maar het bedaagde Brown County maakte afgelopen dinsdag de grootste politieke omwenteling in decennia door. Nu gaven de inwoners bij de presidentsverkiezingen hun vertrouwen aan een Republikein. Donald Trump kreeg 52,7 procent van de stemmen, tegenover 41,9 procent voor Hillary Clinton.

Trumps sleutel tot succes

De verkiezingen maakten een einde aan drie decennia Democratische overmacht in het gebied. Zoals Brown County stemde, zo stemde de staat Wisconsin: Trump behaalde 48 procent, Clinton 47. Het was voor het eerst in 32 jaar dat een Republikein Wisconsin won. De sleutel tot het succes van Trump lag in het agrarische en industriële midwesten van de Verenigde Staten.

De Democratische partij brak sinds het einde van de jaren zestig met de invloed van de vakbonden, en ging zich steeds meer inzetten voor culturele emancipatie. De Democraten staan vooraan bij het bevechten van vrouwen- of homorechten, maar verliezen grond bij de arbeidersklasse. 

De culturele toplaag aan de kuststaten, waar de hoogopgeleiden wonen, heeft het er nu voor het zeggen, en denkt dat de oude achterban – de arbeiders, de middenklasse, de vakbonden – wel volgen.