Natuurmonumenten belegt in fossiele brandstoffen en de banden met Shell zijn nauw. Dat is zacht gezegd nogal tegenstrijdig.

De afgelopen tijd heb ik bij de Vereniging Natuurmonumenten geïnformeerd of ze geld van mij en andere leden in de fossiele brandstoffen-sector belegt. Dat blijkt het geval. Directeur financiën Coraline Bronsky en hoofd public affairs Bjørn van den Boom haasten zich weliswaar te zeggen dat er wordt gesproken over een ‘herzien beleggingsstatuut’ dat ‘waarschijnlijk’ in november naar de Verenigingsraad gaat, maar of de fossiele brandstof daarmee volledig uit het statuut verdwijnt, blijft onduidelijk.

Hoeveel van de 725.000 leden van deze situatie opkijken, weet ik niet. Zelf was ik redelijk geschokt, en het woordje ‘waarschijnlijk’ doet weinig om de schok te dempen. Nederlands grootste natuurorganisatie moet voorop lopen bij het terugtrekken van geld uit de fossiele brandstof-sector: die brandstoffen veroorzaken een koorts die ook ‘onze’ natuurmonumenten treft. De hogere temperaturen raken ‘neerslagafhankelijke’ ecosystemen als bossen, moerassen en heidevelden – het KNMI spreekt in dit verband van ‘grote risico’s’. De toenemende warmte activeert ook teken en verkleint de leefgebieden van hommels en bijen. En dat zijn nog maar de gevolgen op de korte termijn.

Natuurmonumenten is geen grote belegger (191 miljoen euro in totaal) maar wel een bekende. Geld uit olie, kolen en gas weghalen en leden en donateurs vragen hetzelfde te doen, dat zou een flinke kring in de vijver geven. En zo vreemd is die gedachte niet: Natuurmonumenten moet zich volgens een eigen regel nu al onthouden van ‘beleggingen bij instellingen, welke verantwoordelijk zijn voor sterk negatieve invloeden op het milieu’.

Er is ook weinig gewaagds meer aan het idee. Volgens de gerenommeerde indexfirma MSCI zouden investeerders zonder fossiele brandstoffen in de portefeuille sinds 2010 een gemiddeld jaarlijks rendement van 13% hebben behaald, vergeleken met 11.8% door conventionele investeerders. Maar wat telt is natuurlijk vooral het principe. Wereldwijd halen verontruste steden en instellingen miljarden geïnvesteerde dollars uit de fossiele brandstoffen-sector weg. Rockefeller Brothers Fund, Stanford University, het Noorse Sovereign Wealth Fund: het gaat niet om de geringste namen. Illusies daarmee de sector te vloeren, hebben ze niet. Divestment-bewegingen tasten de beurswaarde van bedrijven maar zelden aan: gewetensvolle verkopers maken meestal plaats voor minder scrupuleuze kopers, die het bestaan van bedrijven in feite vergemakkelijken. Tabaksaandelen hebben door de jaren heen voortreffelijk gerendeerd, alle boycots en rechtszaken ten spijt.

Maar, zoals The Economist pas treffend schreef: geld terugtrekken is een vorm van free speech, die bedrijven de status van paria kan bezorgen. Massaal desinvesteren kan de fossiele brandstoffen-industrie steun van politiek en publiek gaan kosten.

Shell Moerdijk

Blind voor het klimaatprobleem was Natuurmonumenten al die tijd niet. ‘Door klimaatverandering’, lees ik in een brochure, ‘heeft de natuur robuuste en goed verbonden gebieden nodig, zodat planten- en diersoorten beter bestand zijn tegen veranderingen.’ De natuur helpt ook om ‘CO2 vast te leggen en vastgelegd te houden’.

Waarom kreeg Natuurmonumenten na deze A de B dan niet over de lippen? Waarom werkt ze momenteel met Shell Moerdijk aan een ‘Bosrand-project‘ in de Rucphense bossen (‘ook de buren van Shell Moerdijk worden uitgenodigd om mee te helpen’), waardoor de CO2 gigant, tegen betaling, mag meeliften op het groene imago?

De bestuursleden zijn het tegendeel van onwetend. De voorzitter van Natuurmonumenten, Hans Wijers, is tevens plaatsvervangend voorzitter van de Board of Directors van Shell, en penningmeester Jan van den Belt werkte in ‘diverse managementfuncties bij Shell’. Een derde bestuurslid is lid van de Mijnraad. Zij weten dat tussen 60% en 80% van de fossiele brandstofreserves technisch gesproken ‘onverbrandbaar’ zijn, wil de wereld beneden de limiet van 2 graden Celsius opwarming blijven. Zij weten dat Shell en branchegenoten desondanks winning van alle reserves nastreven – en naar nieuwe blijven zoeken.

De vraag is wat Wijers en zijn medebestuurders tot nu toe tegenhield. Zet de samenwerking met bedrijven hen klem? Willen ze hun leden geen ‘klimaatvriendelijke’ rekening bij ASN of Triodos aanraden omdat ING hoofdsponsor is? Is fossielvrij beleggen een non-issue zolang Shell als partner optreedt? Ze kunnen in november maar beter een vlijmscherp beleggingsstatuut op tafel leggen. Het organisatiebelang is dat er straks nog wat te beschermen valt.

Theo van Stegeren is publicist en lid van Natuurmonumenten.

Naschrift, 27 augustus: Natuurmonumenten heeft hier gereageerd op dit artikel.