Niemand kent zoveel gekke mensen als Oliver Sachs. En als geen ander kan deze neuroloog aan de hand van hun afwijkende gedrag iets vertellen over de menselijke toestand. Voor zijn laatste boek Musicophilia heeft Sachs zijn adressenboekje er weer eens bij gepakt. Het boek is een opsomming van mensen met een hersenafwijking die iets te maken heeft met muziek. Het leest als een ouderwetse circusvoorstelling van muzikale rariteiten.

Musicophelia opent met het verhaal van ene Cicoria, een man die in 1994 op tweeënveertigjarige leeftijd wordt getroffen door de bliksem. Na een ‘out-of-body’-experience keert hij gelukkig terug in zijn eigen lichaam. Een cardioloog constateert dat hij een korte hartstilstand heeft gehad, maar dat er verder niets aan de hand is. Cicoria kan gewoon verder met zijn leven – totdat een diep verlangen in hem wakker wordt. Cicoria wil pianomuziek horen. Hij koopt een stapel cd’s en raakt verslingerd aan Chopin. En of dat nog niet genoeg is, klinkt er constant pianomuziek in zijn hoofd. Cicoria koopt een piano, leert zichzelf spelen en begint te componeren, dag in dag uit. In 2004 is zijn vrouw de piano helemaal zat. Of de piano eruit, of zij eruit – waarschijnlijk zit Cicoria op dit moment ergens in zijn eentje piano te spelen.

Na dit verhaal volgen meer anekdoten over mensen die door een hersenafwijking een buitengewone relatie met muziek hebben. Sheryl C. heeft muzikale hallucinaties: ze hoort muziek die er niet is. De componist Tobias Picker heeft van zijn Tourette-syndroom een muzikale kracht gemaakt. Als hij componeert of piano speelt, verdwijnen zijn tics, en zijn Tourette-syndroom levert hem muzikale creativiteit. Harry S. verliest na een hersenbloeding zijn gevoel. Hij verwondert zich nergens meer over. Niets ontroert hem nog, niets maakt hem blij. Behalve wanneer hij Ierse liederen zingt: dan komen alle emoties op het juiste muzikale moment te voorschijn.

Het zijn dit soort momenten van wederopstanding die Sachs met het meeste plezier beschrijft. Mannen en vrouwen die waren weggezakt in een geestelijk moeras of motorisch onvermogen, leven onder invloed van muziek helemaal op. Een mooi voorbeeld is Clive James. Deze muzikant leeft na een ontsteking in de hersenen in een soort permanente staat van ontwaken. Zijn kortetermijngeheugen beslaat niet meer dan een paar seconden. Steeds opnieuw vliegt hij zijn vrouw om de hals en steeds opnieuw verbaast hij zich erover dat hij opa is. Als een bootje dobbert hij rond in het nu, behalve wanneer hij piano speelt. Dan herinnert hij zich het hele muziekstuk en speelt hij er met gemak doorheen. En het mooiste is dat hij zichzelf lijkt te hervinden. Alles is weer even zoals het was voor zijn ziekte.

Sachs’ aandacht voor de helende functies van muziek stamt uit de tijd toen hij als neuroloog werkte in het Beth Abraham-ziekenhuis in de Bronx, waar een groep patiënten lijdend aan de slaapziekte encephalitis lethargica apatisch op bed lag. Het boek dat Sachs over deze episode schreef, Awakenings, verfilmd met Robert De Niro en Robin Williams, maakte hem wereldberoemd. Door het toedienen van het medicijn L-Dopa kreeg Sachs de lethargische patiënten weer aan de gang – weliswaar tijdelijk, want het medicijn verloor zijn magische kracht na verloop van tijd. Maar wat blijkt? Voor en na de L-Dopa periode was de muziektherapeut Kitty Stiles de belangrijkste persoon in het leven van de patiënten, zo schrijft Sachs in Musicophilia. Zij kreeg het net als Sachs voor elkaar om patiënten een korte gelijksoortige opleving te laten doormaken. Niet met L-Dopa, maar door het zingen van liedjes.

Door de jaren heen is Sachs steeds meer geobsedeerd geraakt door de kracht van muziek. Hij stond aan de basis van het Institute for Music and Neurological Function, dat sinds 1995 onderzoek doet naar muziektherapie. Het afgelopen decennium hebben muziektherapeuten mensen met parkinson laten dansen en mensen met afasie laten praten.

Hoe triviaal muziek ook lijkt te zijn in het dagelijkse leven – als muzak in winkels, doorlopende luisterworst via TMF en gedreun uit langsrijdende auto’s – zo diep is muziek geworteld in het menselijk brein. Als mensen dementeren en hersenfuncties één voor één als dominostenen omvallen, zijn het de muzikale steentjes die het langst blijven bestaan. Mensen die het vermogen om taal te begrijpen kwijt zijn geraakt, zijn vaak nog te bereiken met muziek. ‘Muziek is voor hen geen luxe, maar een noodzaak, en kan de kracht hebben om hen eventjes beter te laten zijn, voor zichzelf en voor anderen.’

Sachs is in Musicophilia als een zeeman die over extreem hoge golven en zware stormen vertelt om duidelijk te maken hoe bijzonder de zee is. Zoals dat gaat bij zeelui, lijken de verhalen soms bijna te fantastisch. Maar de boodschap komt wel over.

Oliver Sachs

Musicophilia

Macmillan

367 pagina’s, € 18,95