Het is sneu om journalisten te zien worstelen met wat ze moeten verslaan wanneer ze eigenlijk niets te vertellen hebben. Maar het wordt gevaarlijk wanneer ze gaan zitten vissen naar onvrede.

Er is: de nieuwsgierigheid, het verlangen naar nieuws. Er zijn: de gebeurtenissen. Er zijn: de mensen die er hun werk van hebben gemaakt verslag te doen van nieuwe gebeurtenissen om de nieuwshonger van anderen te bevredigen. In principe is dit een goed werkend systeem. Totdat er geen nieuwe gebeurtenissen zijn.

Je ziet het gebeuren bij rampen, bij aanslagen. Hoe gaat dat? Er komt een bericht voorbij op Twitter (#breaking!), je zet de televisie aan, er is een ingelaste journaaluitzending – en dan beland je in een vreemdsoortig limbo van almaar dezelfde beelden en almaar dezelfde beperkte informatie. Er wordt heen en weer geschakeld tussen tv-studio en rampplek, er wordt rondgebeld langs verslaggevers en ooggetuigen. In feite valt er na die grote gebeurtenis niets meer te melden. Toch blijf je kijken. Je blijft hopen op nieuwe ontwikkelingen, nieuwe details, maar er komt niets meer. Al wat resteert is herhaling.

Onschuldiger (maar ís het wel zo onschuldig?) is het soort uren durende tv-uitzending gewijd aan een van tevoren geplande gebeurtenis van nationaal belang. Denk aan Prinsjes- of Koningsdag. Je zou dit fenomeen Astrid Kersseboom-verslaggeving kunnen noemen. Belangrijk is daarbij dat elk prominent hoofd dat in beeld komt door de commentaarstem van een naam wordt voorzien (‘We zien prinses Anita…’) en dat de nóg legere momenten gevuld worden met inwisselbare weetjes (‘Dit plein is de plaats waar het Tilburgse bakkersgilde in 1723 protesteerde tegen het graanrantsoen dat door de baljuw was ingesteld om…’), weetjes die iedereen ook zelf van Wikipedia kan trekken, maar nobody gives a fuck, behalve Astrid Kersseboom dus. Ja ehh… wat ehhh… wat moet ik zeggen ehh… op zo’n moment… ehhh… ja, je baalt… je had het ehhh… najah ehhh… toch liever anders ehhh… gezien dus ehh… ja ehhh… balen.

De meest lachwekkende variant van nieuwsloos nieuws tref je aan in de sportverslaggeving, en dan met name bij voetbal, en dan in het bijzonder die achterlijke interviewtjes met de hoofdrolspelers direct na afloop van een wedstrijd. Wat verwacht je van een profvoetballer wiens team zichzelf zojuist heeft uitgeschakeld voor de landstitel of de UEFA Cup? Een briljante analyse van de zojuist gespeelde wedstrijd? Een nieuwe visie op de golffunctie binnen kwantummechanische systemen?

Dit is de realiteit: ‘Ja ehh… wat ehhh… wat moet ik zeggen ehh… op zo’n moment… ehhh… ja, je baalt… je had het ehhh… najah ehhh… toch liever anders ehhh… gezien dus ehh… ja ehhh… balen.’

En dat dan opgehoest door een naar adem snakkend en dodelijk vermoeid gezicht.

Laffe journalistiek

Het roept altijd een vreemd soort mededogen in me op om journalisten te zien worstelen met wat ze moeten verslaan wanneer ze eigenlijk niets te vertellen hebben. Het is een wreed lot. Ze worden geacht een verhaal in elkaar te draaien, zonder feiten, maar ook zonder verzinsels. Wat dat betreft heb je het als romanschrijver een stuk makkelijker.

Maar is mededogen de juiste emotie? Misschien niet. Ik begin daar de laatste weken vooral aan te twijfelen zodra er ‘nieuws’ voorbijkomt over de kabinetsformatie. Er is namelijk geen nieuws. Het is er niet, en toch staan ze daar elke dag weer op dat Binnenhof, de parlementaire verslaggevers, hopend op de zoveelste volstrekt nietszeggende quote van deze of gene betrokkene.

Dan lees je bijvoorbeeld zoiets, op Nu.nl: ‘Deze week is gesproken over landbouw, natuur, visserij, gas, zorg, gezinnen, wonen, gezondheidszorg, mobiliteit, veiligheid, defensie en immigratie.’

Ja, dus?

Zelf heb ik deze week met verschillende mensen gesproken over: het weer, sushi, toeristen in de stad, Homerus, poepluiers, het eindexamen Nederlands, de honger in de Hoorn van Afrika, geile dromen, Macedonië, Grüner Veltliner, het beroerde niveau van de literaire kritiek, Nibbits en nog een aantal andere zaken.

En dan is dat bericht op Nu.nl nog het slaafse overschrijven van wat informateur Edith Schippers afgelopen donderdag op haar wekelijkse persconferentie heeft gezegd en dus zélf naar buiten wenst te brengen. Laffe journalistiek, maar relatief onschadelijk.

Twee pagina’s vol leeg nieuws over de strategie van Schippers. Samenvatting: ze zorgt ervoor dat er niets naar buiten komt over de onderhandelingen. Joh!

Onschadelijk (maar ís het wel onschadelijk?) is ook nog de wanhoop van, pak ‘m beet, de Volkskrant, die afgelopen zaterdag uitpakte met twee pagina’s vol leeg nieuws over de strategie van Schippers. Samenvatting: ze zorgt ervoor dat er niets naar buiten komt over de onderhandelingen. Joh!

Gestook

Echt gevaarlijk wordt het wanneer journalisten gaan zitten vissen naar onvrede. De complete ledenbestanden van de onderhandelende politieke partijen worden nagebeld in de hoop dat er ergens diep in de provincie één afgedankt partijlid is dat iets negatiefs wenst te melden. ‘Ingewijden’ heten dat soort mensen dan, of ‘anonieme bronnen’. Vorige week hadden ze bij het AD beet, met naam en toenaam nog wel. ‘CDA-prominent’ Herman Wijffels plantte een PvdA-waardige dolk in de rug van partijgenoot Sybrand Buma. Op de redactieburelen van het AD ging een fles champagne open, maar het bleef bij die ene fles, want het binnenbrandje was snel geblust.

Het zint me niet, dat gestook. Wat zulke journalisten als die twee AD-lijers met hun wanhopige gewroet bewerkstelligen, is dat ze – gewild of ongewild – het onderhandelingsproces beïnvloeden. Daarmee bedrijven zij dus zelf, in zekere zin, politiek, in plaats van de politiek te controleren. Maar ik heb niet op een parlementaire verslaggever van het AD gestemd bij de verkiezingen van 15 maart, niemand heeft op hem gestemd.

Wie zich wenst te beklagen over fake-nieuws, moet zelf misschien eerst maar eens stoppen met het produceren van die permanente stroom aan non-nieuws.

Dus, geliefde vaderlandse parlementaire pers: sodemieter op daar, bij die deur van de Stadhouderskamer. Wie zich wenst te beklagen over fake-nieuws, moet zelf misschien eerst maar eens stoppen met het produceren van die permanente stroom aan non-nieuws. Laat politici hun werk doen, en ga daarna – achteraf! – kritische vragen stellen.

Wat zeggen jullie? Moeilijk, kritische vragen stellen? Ja, dat is moeilijk. Maar de echte talenten weten er wel raad mee, hoor. Als bewijs daarvoor én als uitsmijter nog één prachtmomentje van de persconferentie, afgelopen donderdag, met Edith Schippers.

Daar stelde de volstrekt overschatte, driedubbel overgehaalde onbenul Xander van der Wulp van de NOS de volgende vraag: ‘Eigenlijk is er helemaal niets te zeggen, hè, nu?’

Mag u raden wat daarop het antwoord was van informateur Schippers…