Het land bruist van initiatieven om schone energie op te wekken. Het volk kan niet wachten hun daken vol zonnepanelen te leggen. Nu de minister nog.

Stel je eens voor: een land dat bruist van initiatieven om schone energie op te wekken. Tienduizenden mensen willen niet wachten tot grote energiebedrijven eindelijk overstag gaan, maar steken zelf de handen uit de mouwen. Scholen, verpleeghuizen en sportclubs maken plannen om hun daken vol te leggen met zonnepanelen. Ze tekenen massaal in op een subsidieregeling die ze een financieel kontje geeft – zo massaal, dat deze fors wordt overschreven. Het enthousiasme en de daadkracht klotsen over de plinten van het ministerie dat de subsidies moet verstrekken. Hoe mooi is dat?

Zo mooi is Nederland. De subsidieregeling Stimulering Duurzame Energieproductie SDE+ 2016 heeft in de eerste ronde 4 miljard euro te verdelen en werd maar liefst twee keer overtekend. Goed nieuws voor minister Henk Kamp, die schromelijk faalt in het nakomen van zijn Europese afspraken om in 2020 14 procent duurzame energie op te wekken. Hij kan wel wat hulp gebruiken (leve de participatiemaatschappij!) en als hij slim is, zegt hij meer subsidie toe. Saillant detail: dit hoeft Kamp geen cent extra te kosten, terwijl het veel meer groene stroom oplevert.

Dat zit zo. De SDE-regeling is bedoeld om Nederland meer duurzame energie op te laten wekken. Het kabinetsbeleid blijft in gebreke: de doelstellingen worden in de verste verte niet gehaald. Rechtszaken, gedonder in Brussel en internationaal gezichtsverlies zijn het gevolg.

De SDE schiet dus in zijn huidige vorm tekort. De Algemene Rekenkamer adviseerde Kamp vorig jaar al om de pot met SDE-geld substantieel te vergroten. Niet alleen om die energiedoelen te halen, maar ook omdat een groot deel van de gehonoreerde voorstellen niet (volledig) gerealiseerd worden als gevolg van praktische of financiële problemen. De afgelopen jaren bleef daardoor geld over in de SDE-pot dat niet werd uitgegeven waarvoor het bedoeld was: stimuleren van groene energie. Door meer geld toe te zeggen, worden meer projecten gerealiseerd, zonder dat Kamp zijn budget overschrijdt.

De subsidie kan overigens een stuk slimmer worden besteed. Vorig jaar ging het meeste geld naar het bijstoken van biomassa in kolencentrales, en ook dit jaar wordt hiervoor het meest aangevraagd. Doodzonde, want biomassa is een lapmiddeltje om kolencentrales niet te hoeven sluiten. In tegenstelling tot windmolens en zonnepanelen draagt biomassa niets bij aan de overgang naar hernieuwbare energie. Zoals Marjan Minnesma, voorvrouw van Urgenda, het vorige week in een vlogje over de SDE verwoordde: ‘Die zonnepanelen leveren 30 tot 40 jaar energie, terwijl die biomassa meteen is verbrand.’

Komende maand maakt Kamp bekend wie de winnaars zijn. Hopelijk vergroot hij de subsidiepot, zodat de SDE besteed wordt waarvoor hij is bedoeld: meer groene energie.