Leegstand: veel gemeenten zitten ermee in hun maag. Gelukkig is daar bureau Walas, dat geweldige plannen presenteert over broedplaatsen, urban farming en energy grids. Iedereen valt ervoor. Een kostbare vergissing.

Een perfect plan, vinden ze. Dit is nou precies wat Heerlen nodig heeft. Wethouders Lex Smeets (PvdA) en Riet de Wit (SP) hebben net een presentatie gekregen van Gerben van Straaten, de directeur van Walas Concepts. Het is juni 2011. De leegstandsontwikkelaar heeft grootse plannen met het verlaten kantoor van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Het kolossale gebouw, 40.000 vierkante meter, vlakbij het station van Heerlen, staat al sinds 2009 leeg. Al dat leegstaand beton straalt al te lang slecht af op de stad. Er moet gauw iets mee gebeuren.

Directeur Van Straaten belooft in zijn plan van de grauwe kantorenkolos een ‘EcoGrowth Center’ te maken: een ‘broedplaats’ voor creatieve ondernemers en duizenden vierkante meters ‘urban farming’ – stadslandbouw. Ook wil hij 750 nieuwe arbeidsplaatsen creëren. Een innovatief ‘energy grid’, bestaande uit zonnepanelen, windmolens en planten op het dak, moet het gebouw van duurzame energie voorzien. ‘Hier wordt de toekomst gemaakt,’ voorspelt de forse vijftiger in zijn concept.

De ambitieuze plannen geven de wethouders hoop. De regio krimpt. Sinds de mijnsluiting in de jaren zestig worstelt de stad met werkloosheid. De wethouders zijn opgelucht dat eindelijk weer iemand van buiten Limburg interesse toont in het gebied.

Waarom gaan ze in zee met een partij die in twintig jaar nog geen enkel onversneden succes heeft geboekt?

Heerlen is niet de eerste gemeente die een beroep doet op Walas. Het bedrijf heeft sinds de jaren negentig zaken gedaan in meer dan twintig Nederlandse gemeenten. Al die tijd heeft Walas aan geen enkel leegstaand gebouw succesvol een nieuwe invulling kunnen geven. Bij verschillende projecten werden samenwerkingen vroegtijdig verbroken en raakten relaties met partners gebrouilleerd. Waarom is Heerlen er dan toch van overtuigd dat Walas redding biedt? Waar komt het enthousiasme van al die gemeenten vandaan? Waarom gaan ze in zee met een partij die in twintig jaar nog geen enkel onversneden succes heeft geboekt?

Walas Concepts is gespecialiseerd in het herontwikkelen van leegstaande gebouwen. CEO Gerben van Straaten zoekt lege panden om er nieuw leven in te blazen. Een groeiende business, want de leegstand in Nederland loopt de laatste vijftien jaar alleen maar op. Van alle landen in Europa staan kantoren in Nederland het vaakst leeg. Ruim zeventien procent van de vijftig miljoen vierkante meter kantoor in Nederland is te koop of te huur, tegenover een Europees gemiddelde van tien procent. Dat is problematisch, want leegstaande kantoren geven regio’s een slecht imago en schrikken investeerders af.

Van die leegstand heeft Van Straaten een carrière gemaakt. Die begon in Canada. Na een studie rechten in Nederland verhuisde hij in de jaren negentig naar Vancouver. Hij verbleef daar in het reservaat van de Kwakiutl, een indianenstam, en hielp er bij het opzetten van community centers. Walas, noemden de natives hem daar. Grote beer.

Na zijn verblijf in Canada keerde Van Straaten eind jaren negentig terug naar Nederland. Hij stortte zich op de projectontwikkelingsmarkt, vaak in samenwerking met andere bedrijven. Bij opdrachtgevers pakte Van Straaten graag uit met zijn ervaring overzee. ‘Rotterdam-Vancouver’, staat in het logo. Op de website van Walas pronkt hij met ambitieuze ideeën voor het HAKA-gebouw in Rotterdam, de Polaroidfabriek in Enschede en de Machinefabriek in Vlissingen. Stuk voor stuk grootschalige concepten. Maar uit navraag bij gemeenten en partners blijkt dat als het op de uitvoering aankomt, Van Straaten vaak niet weet te leveren (zie kaders). Al met al is zijn trackrecord schamel.

De reeks mislukkingen wijdt Van Staaten vooral aan de houding van gemeenten. Hij wil vernieuwend zijn, zegt hij, en met lokale ondernemers geleidelijke groei stimuleren. Maar in de praktijk merkt hij een ‘traditionele, afwachtende houding’. Vernieuwende ideeën stoten op veel weerstand, merkt Van Straaten, zeker in deze economisch onzekere tijden. ‘Tot nu toe is het adagium everybody wants change, but no one wants to change nog een realiteit. Bovendien is het heel normaal dat veel projecten de eindstreep niet halen.’ Anders, aldus Van Straaten, zou er wel minder leegstand zijn in Nederland.

Leegstand en leegloop

Heerlen en Walas vinden elkaar in 2009. De Limburgse gemeente nodigt Van Straaten uit om een workshop te geven over hoe hij gebouwen verlevendigt. Heerlen worstelt al sinds de sluiting van de mijnen in de jaren vijftig met leegstand en leegloop. Bedrijven en hoogopgeleiden trekken weg. Heerlen blijft achter met een verouderde bevolking, een hoge werkloosheid en steeds meer leegstaande kantoorpanden. Een van die leegstaande panden is het oude CBS-gebouw. Dat komt in 2009 vrij, wanneer de rijksdienst verhuist naar een splinternieuw, kleiner pand, honderd meter verderop. Door een reorganisatie is de enorme ruimte van 43.000 vierkante meter niet meer nodig. Bovendien voldoet het kantoor uit de jaren zeventig niet meer: verouderd. Het CBS laat een grijze moloch achter. Zelf wil de gemeente het gebouw niet kopen. Slopen is ook geen optie; het CBS-gebouw is een belangrijk, historisch symbool geworden voor Heerlen, vindt het college. Maar wat moeten ze dan met de betonnen kolos?

Walas biedt dé oplossing.

In 2010 brengen enkele Heerlense gemeenteambtenaren een bezoek aan eerdere projecten van het bedrijf, ter inspiratie. Van Straaten neemt hen mee naar Hengelo en Rotterdam. Maar in het Hazemeyercomplex in Hengelo valt het bezoek van de Heerlense gemeenteambtenaren niet in goede aarde. Op het moment van de rondleiding is Van Straaten er immers al een tijd niet meer actief. De functie van Walas als exploitant is na het faillissement van de toenmalige eigenaar overgenomen door de firma BOEi. Dat Van Straaten na de overname toch nog Heerlense ambtenaren meeneemt naar het complex, kan Arno Boon, CEO van BOEi, niet waarderen. ‘In feite pronkt van Straaten met onze veren,’ zegt hij in het Limburgs Dagblad. Boon verzoekt Van Straaten zich niet meer ongevraagd op het Hazemeyerterrein te begeven. Van Straaten zelf vindt het bezoek wel geoorloofd. ‘We hebben in Hengelo een grote bijdrage geleverd en projecten ontwikkeld die ook het jaar daarna nog bestonden.’

In Rotterdam is Van Straaten op het moment van de rondleiding aan de gemeente Heerlen nog wel aan de slag. Hij werkt er met businesspartner Ben ten Hove aan een ‘multifunctioneel concept’ voor het HAKA-gebouw. Maar niet lang daarna, eind 2010, raakt ook die relatie gebrouilleerd en stopt de samenwerking. Ten Hove vindt dat Van Straaten niet aan de verwachtingen voldoet. Veel woorden, weinig daden. Ook Van Straaten kijkt niet positief terug: ‘Twee kapiteins op een schip, dat bleek te lastig.’

Heerlen is wel enthousiast over Walas. Met Van Straatens innovatieve plan met stadslandbouw en duurzame energievoorziening willen ze van het CBS-gebouw een unieke plek maken. De gemeente vindt de experimentele ideeën van Walas zelfs zo veelbelovend dat ze op verzoek van Van Straaten 50.000 euro ter beschikking stelt, de helft van de kosten voor het opstellen van een businessplan. Van Straaten belooft de overige 50.000 euro bij private investeerders te halen. Die geldschieters worden nooit gevonden. Wethouder Riet de Wit valt er niet over. Het is crisis; probeer dan maar eens een investeerder te vinden.

Onvoldoende kredietwaardig

In april 2012 heeft Heerlen haast met de verkoop. Hoe eerder Walas in het CBS-gebouw aan de slag kan, hoe beter. ‘Het belang van het kunnen realiseren van het EcoGrowth Center is voor Heerlen ontzettend groot,’ zegt wethouder De Wit in reactie op raadsvragen. ‘Het welslagen van deze transformatie zet Heerlen landelijk op de kaart.’

Bovendien wil Walas een derde van het pand, 15.000 m2, vullen met urban farming, en stadslandbouw is seizoensgevoelig, legitimeert De Wit de haast in de gemeenteraad. Bij vertraging zou het bedrijf in het eerste jaar al inkomsten mislopen. Walas voert zelf ook de druk op; het bedrijf geeft aan af te zullen haken als het niet uiterlijk in mei met exploiteren kan starten.

De verkoop van het CBS-gebouw aan Walas is opvallend, omdat het bedrijf de vraagprijs niet zelf kan ophoesten.

Nog meer druk brengt het aanstaande bezoek van demissionair minister Liesbeth Spies aan Heerlen. Zij biedt aan om een gebouw te openen, en dat aanbod ziet Riet de Wit wel zitten. Achteraf verklaart ze haar enthousiasme: ‘We hadden al niet zo veel wat we konden laten openen door een minister.’ De gemeenteraad krijgt maar veertien dagen om de verkoop aan Walas te beoordelen. Op 26 april 2012 stemt de raad ermee in, met 22 tegen 8.

De verkoop van het CBS-gebouw aan Walas is opvallend, omdat het bedrijf de vraagprijs van een half miljoen, bepaald op basis van onafhankelijke taxaties, niet zelf kan ophoesten. Ook een lening afsluiten bij de bank kan het bedrijf niet. Er heerst crisis en Walas is onvoldoende kredietwaardig. Heerlen besluit daarom zelf een lening te verstrekken van 500.000 euro. Niet aan Walas, maar aan een financiële partner die Van Straaten aandraagt: Participatie Management Rotterdam, in de persoon van Pim de Bruijn. Goed kennen de heren elkaar niet. Van Straaten heeft De Bruijn ooit een presentatie zien geven. Op het moment dat Van Straaten hem over het CBS-gebouw benadert, is De Bruijn wel toe aan een nieuw avontuur. Hij vindt het spannend om voor een appel en een ei zo’n groot gebouw te verwerven. Bovendien lijkt het hem leuk eens iets met vastgoed te doen. Ervaring in die branche heeft hij niet, maar dat is voor Van Straaten geen probleem.

Wethouder De Wit doet geen onderzoek naar de eerdere werkzaamheden van De Bruijn. Op het moment van de verkoop ziet ze geen reden om aan zijn betrouwbaarheid te twijfelen. ‘Wij weten dat het gaat om legale, keurige BV’s die ingeschreven staan bij de Kamer van Koophandel,’ zegt ze in de gemeenteraad. Dat De Bruijn in 2005 failliet ging, tot 2008 in de schuldsanering zat en nauwelijks eigen vermogen bezit, vindt ze geen bezwaar.

Maar de samenwerking tussen de kersverse partners verloopt allesbehalve voorspoedig. In de zomer van 2012, slechts een aantal maanden na de verkoop, krijgen De Bruijn en Van Straaten ruzie. Ze worden het niet eens over wie welke verantwoordelijkheden heeft in het project. Het conflict gaat door tot in de rechtbank. Na een kort geding beslist Walas om De Bruijn uit te kopen voor 850.000 euro, meer dan De Bruijn ooit heeft neergeteld voor het CBS-gebouw. Later eist Van Straaten dat geld terug. De juridische procedure daarover loopt nog steeds.

Illustratie: Gijs Kast

Ook alle partners trekken zich snel terug. Eerst het bedrijf dat de arbeidsbemiddeling in het CBS-complex zou regelen, en twee maanden later de landbouwspecialist die de stadslandbouw voor zijn rekening zou nemen. Door de stugge houding van Van Straaten verliezen beide partijen hun vertrouwen in het CBS-project.

Walas blijft alleen achter. Zonder stadslandbouw, zonder 750 nieuwe arbeidsplaatsen. Maar wel mét huurinkomsten. Alleen al de Belastingdienst levert jaarlijks zo’n 700.000 euro op, bijna anderhalf keer de koopprijs van het pand. Een gelukje, want op het moment van aankoop was het niet duidelijk of de Belastingdienst zou blijven. Verder brengen ook verschillende creatieve bedrijfjes en ateliers vaste huurinkomsten binnen.

In de Heerlense gemeenteraad rijzen eind december 2012 vragen over Walas. ‘Zijn hun projecten wel eens diepgaand gegoogeld?’ vraagt raadslid Christian Petermann (RPN) zich af. Roel Leers (HartLeers) plaatst vraagtekens bij de Canadese activiteiten van het bedrijf: ‘Ik heb het idee dat ze in Canada vertellen dat ze hier geweldige projecten doen, en in Nederland andersom.’ Wethouder De Wit wuift de kritiek weg. ‘Nee, voorzitter, wij hebben al die bedrijven niet diepgaand onderzocht. Maar ik weet dat het een feit is dat de heer Van Straaten ook vaak op andere plekken in Nederland en in het buitenland zit.’

Wel, verdedigt De Wit zich, heeft ze bij de gemeente Hengelo telefonisch referenties over Walas opgevraagd. Dat deed ze in april 2012, toen de CBS-deal al bijna rond was. In Hengelo hoort De Wit een positief geluid over Walas. In feite was Walas daar echter niet door de gemeente ingeschakeld, maar door privépartij Van Hoogevest Groep, die juist kritisch is op de samenwerking. Wanneer een gemeenteraadslid De Wit daar in december 2012 op wijst, houdt ze voet bij stuk: ‘Wij hebben geen enkele reden, zeg ik u heel eerlijk, om de heer Van Straaten te wantrouwen. Geen enkele.’

Internationale ervaring

Heerlen is dat jaar niet de enige gemeente die gemakkelijk valt voor de droomscenario’s van Walas. Van Straaten begint in 2013 ook projecten in Ede, Tilburg en Vaals. Ook daar zijn ze gecharmeerd van zijn creatieve ideeën en de internationale uitstraling van zijn bedrijf. Maar geen van die projecten verloopt uiteindelijk volgens plan (zie kaders).

Vooral de internationale ervaring van Walas schept hoge verwachtingen bij de gemeenten. ‘Gerben van Straaten heeft in zijn presentatie in de raad laten zien dat Walas het centrum van Toronto heeft kunnen redden,’ zegt D66-Raadslid Sina Salim in Ede. Ook voor de gemeente Tilburg was de internationale ervaring van Van Straaten van belang om met Walas in zee te gaan. Wethouder Berend de Vries: ‘Ze hadden allerlei internationale projecten, vooral in Canada. Die concepten wilden we hier kopiëren.’

In het kantoor van Walas, op de bovenste verdieping van het voormalige CBS-gebouw in Heerlen, prijken foto’s van bekende herontwikkelingsprojecten waaronder het Distillery District in Toronto en Granville Island in Vancouver. Aan die succesvolle projecten zegt Van Straaten te hebben bijgedragen. Op de homepage van walasconcepts.com staat prominent een foto van het Distillery District, een gezellige buurt in de stad en een mooi voorbeeld van stadsontwikkeling.

Waar ze in Nederland vooral onder de indruk zijn van de prestaties van Walas in Canada, is het in Canada net andersom.

Maar in Toronto valt die foto verkeerd. ‘Ik heb nog nooit van Walas, noch van de CEO gehoord,’ zegt Mathew Rosenblatt, mede-eigenaar van het bedrijf dat de herontwikkeling van het gebied voor zijn rekening nam, aan de telefoon. ‘Ik vind het absurd en beledigend dat deze man het succes van iemand anders gebruikt voor zijn eigen gewin.’ Ook bij de ontwikkeling van Granville Island in Vancouver blijkt Walas geen rol te hebben gespeeld.

Van Straaten geeft toe dat de projecten inderdaad geen Walas-exploitaties zijn. ‘Maar we hebben er erg veel van geleerd.’ Voor hem zijn de buitenlandse projecten ‘inspiratiebronnen’ die hij uitgebreid ‘beschrijft en bestudeert’.

Waar ze in Nederland vooral onder de indruk zijn van de prestaties van Walas in Canada, is het in Canada net andersom. Van Straaten haalt er succesvol projecten binnen, zoals in Chilliwack. De stad van 80.000 inwoners honderd kilometer ten oosten van Vancouver is ingedut en de gemeente wil het centrum nieuw leven in blazen. In Walas ziet het bestuur van Chilliwack daarvoor een geschikte partner. Vertegenwoordigers van de stad brengen in 2013 een bezoek aan Nederland. Van Straaten geeft hun een toer langs zijn projecten in Ede, Vaals, Tilburg en Heerlen. Hij imponeert de Canadese bezoekers. In mei 2014 sluit Chilliwack een driejarig contract met Walas. ‘Walas Concepts heeft zijn sporen verdiend bij dergelijke projecten in Nederland,’ schrijft de lokale krant The Chilliwack Progress.

Maar een half jaar en 65.000 dollar later verbreken de Canadezen het contract weer. ‘De visie waarmee Walas verder wil, staat voor ons niet in verhouding met de investering,’ zegt projectverantwoordelijke Bryan Coombes tegen de krant.

Forellen

Tegenwoordig klinkt rond het CBS-gebouw in Heerlen het geluid van kettingzagen. Een groep potige mbo’ers krijgt op het parkeerterrein les in plantsoenonderhoud. Binnen staan enkele tafels met potjes kruiden, in een bescheiden stellage van grijze buizen hangen aardbeienplantjes en sla. In een ronde bak zwemt een tiental forellen. Al met al neemt de stadslandbouw niet meer dan tweehonderd vierkante meter in beslag. Ondanks de grote haast bij de verkoop van het pand vanwege de seizoensgevoeligheid van urban farming, staat er nog steeds niet meer dan een proefopstelling. Volgens het oorspronkelijke plan wilde Walas al volgend jaar de helft van 15.000 vierkante meter gerealiseerd hebben. Peter Borkens, namens Walas de leider van het project, heeft het inmiddels over een afgezwakt plan van vijf- tot tienduizend vierkante meter.

Zonnepanelen en windmolens zijn er niet, en op het dak groeit geen enkele plant.

Hoe zit het met de andere doelstellingen waar de gemeente zo van onder de indruk was, zoals de 750 nieuwe arbeidsplaatsen of het duurzame energienetwerk? Daarover vertelt Van Straaten op 26 februari 2015 op een lezing in Vancouver. ‘We hebben het geluk dat we zo succesvol zijn. Het gaat nu om twaalfhonderd banen hier, in een gebied waar niemand in geloofde. Het zijn niet allemaal nieuwe banen, maar vierhonderd daarvan wel.’ Dan volgen flitsende plaatjes van windmolens en zonnepanelen. ‘Ons energienetwerk bestaat uit wind- en zonne-energie en hergebruik van biomassa. We hebben nu groene daken en een slim datacentrum dat we op een alternatieve manier hebben ingericht zodat we de warmte kunnen hergebruiken.’

Maar Van Straaten spreekt voor zijn beurt. Het CBS-gebouw wordt nog steeds verwarmd met een ouderwetse gasinstallatie. Zonnepanelen en windmolens zijn er niet, en op het dak groeit geen enkele plant. Het datacentrum is er gekomen, maar met de restwarmte wordt nog niks gedaan. Ook de vierhonderd arbeidsplaatsen waarover Van Straaten het in zijn presentatie heeft, zijn ruim overdreven. Van de 750 nieuwe plaatsen die hij Heerlen in 2011 beloofde, zijn er volgens een schatting van projectleider Borkens nu zo’n 250 ingevuld. Maar Van Straaten ziet het probleem niet van zijn voorbarige presentatie. Hij geeft vaker presentaties over de energietransitie en urban farming, laat hij vanuit Canada weten. ‘Dat zullen we ook blijven doen, omdat we van mening zijn dat die het aankomende jaar zullen worden uitgevoerd. Op vele fronten staan de nieuwe ontwikkelingen in de wacht.’

Trots op het CBS-gebouw

De ‘creatieve broedplaats’ die Walas wilde creëren, is er inmiddels wel gekomen. Zo’n honderd creatieve bedrijfjes brengen een levendige sfeer in delen van het pand. Dat is volgens Borkens voor 51 procent gevuld. ‘Daar hoefde Walas niks voor te doen,’ zegt Borkens. Door lage, omzetafhankelijke huurprijzen is het pand aantrekkelijk voor beginnende ondernemers. Elke week melden zich nieuwe huurders.

Naast al die kleine ondernemers brengen ook grotere bedrijven huurinkomsten binnen. Buiten de Belastingdienst vestigde zich recent ook arbeidsbemiddelaar WOZL in het gebouw. Borkens: ‘Walas maakt winst.’ Inmiddels staat het pand, dat voor krap een half miljoen euro verkocht werd, voor ruim vier miljoen euro bij Walas in de boeken.

Ondanks de moeizame start is Van Straaten van al zijn projecten dan ook het meest trots op het CBS-gebouw. ‘Walas bewijst daar een goede, geleidelijk groeiende exploitatie te kunnen voeren. Natuurlijk is dat een proces van vallen en opstaan. Walas is een kleine partij die nieuwe ideeën levert voor oude gebouwen. Weerstand is daarbij normaal.’ Hij erkent dat Walas eerder nog geen vergelijkbare projecten had geëxploiteerd. Maar, vindt hij, ze hebben ook nooit de kans gekregen om zich te bewijzen. ‘We hebben minstens drie jaar nodig ergens verandering te brengen. Die tijd is ons nooit gegeven.’

De mislukte samenwerkingen in Vaals, Ede en Chilliwack wijdt hij deels aan collegewisselingen en deels aan het feit dat zijn teams ‘niet altijd opgewassen waren tegen de omvang van het probleem’. Maar dat is niet erg voor het CBS-project, benadrukt hij: ‘Onervarenheid is geen diskwalificatie voor het verantwoordelijk en aansprakelijk uitvoeren van afgesproken intenties.’

Net als in Vaals, Ede en tal van andere gemeenten speelde ook in Heerlen de Canadese ‘ervaring’ van Walas een rol bij de beslissing om het bedrijf in te schakelen. Wethouder De Wit: ‘We hebben ons georiënteerd op hun ervaringen in Canada, tenminste, ik meen dat dat Canada was. Ik was ervan overtuigd dat Walas zijn uiterste best zou doen om het concept uit te werken. Ik weet dat ze dat in het buitenland ook hebben gedaan.’ Maar net als de andere gemeenten liet Heerlen na die ervaring te checken.

Maar hoe ver moet een gemeente gaan in het checken van partners, vraagt De Wit zich af. ‘Je doet toch ook geen research naar alle ondernemers met wie je samenwerkt? We hebben niet meer onderzoek gedaan dan gebruikelijk.’

Gemeenten checken bedrijven vaak slecht bij dit soort projecten, zegt Jan Veuger, lector Maatschappelijk Vastgoed aan de Hanzehogeschool. ‘Het gaat vaak op basis van vertrouwen. Bovendien hebben gemeenten soms een gebrek aan expertise over projectontwikkeling. Daardoor kunnen ontwikkelaars hen makkelijker inpakken.’ En, ziet hij, vastgoed is ook sexy. ‘Elke wethouder wil graag een lintje doorknippen.’
Arno Boon, de vastgoedontwikkelaar die in Hengelo het stokje van Van Straaten overnam, merkt ook dat ambtenaren weinig checken met wie ze van doen hebben. ‘Ze denken te snel dat de Messias is neergedaald uit de hemel,’ vindt hij. ‘In onderhandelingen denk ik soms: “Vraag eens wat meer door!”’

Alle reden om blij te zijn

Oud-wethouder De Wit, die vorig jaar met pensioen ging, begrijpt de ontevredenheid niet die in Heerlen is ontstaan rond het CBS-dossier. ‘Ik zou denken, we hebben toch alle reden om blij te zijn?’ Volgens haar is het CBS-gebouw nu levendiger dan ooit. ‘Zelfs levendiger dan toen het CBS er nog zat.’ Creatieve bedrijfjes zijn er in de regio niet in overvloed en ze zijn moeilijk aan te trekken. ‘De economische activiteit in dit gebied is laag. Er is niet veel interesse van ondernemers, dus moet je als politicus risico’s durven nemen.’

Het nieuws dat de herontwikkelingsprojecten van Walas in Canada te verwaarlozen zijn, verandert voor Riet de Wit niets. ‘Het is voor mij niet van belang wat ze in het verleden hebben gedaan, want behalve stadslandbouw worden nu alle plannen uitgevoerd. Op het moment van de koop had ik geen reden om aan Walas te twijfelen.’
Was gemeente Heerlen te gretig? ‘Wat Walas bracht, was ontzettend veel energie. Dat gaf hoop.’ De Wit heeft nergens spijt van. ‘Ik heb nooit het idee gehad dat we belazerd zijn of ergens blind in zijn gestapt. Nog steeds niet.’ Voor nu is ze vooral blij dat niet nog een gebouw in Heerlen verpaupert. ‘Dit is beter, veel beter dan niks.’

Hoogeveen, Hengelo, Rotterdam, Tilburg

De gemeente Hoogeveen geeft Walas in 2005 150.000 euro voor de herontwikkeling van een sportpark. ‘Ze hadden grote plannen,’ herinnert raadslid Jan Bekkering (ChristenUnie) zich. Maar daarvan is niets terechtgekomen. Projectleider Kees Boer is kritisch op de samenwerking. ‘Je hebt niks aan een plan als je niet goed nadenkt over de uitvoeringsstrategie,’ zegt hij. ‘En de uitvoering was niet de kerncompetentie van Walas.’ Het plan blijft ongebruikt.

In Hengelo werkt Van Straaten vanaf 2005 samen met de Van Hoogevest Groep aan de invulling van het Hazemeyercomplex, een oude fabriek. Hij wil er creatieve bedrijfjes huisvesten. De partijen spreken af om ook bij andere projecten samen te werken. Van Hoogevest brengt het geld in, Walas het concept. Maar geen van de projecten komt echt van de grond en de samenwerking verwatert. De Van Hoogevest Groep raakt in zwaar weer en vraagt in 2009 faillissement aan. Het project in Hengelo loopt spaak nog voordat het plan van Walas volledig is uitgevoerd. Martin van Hoogevest kijkt ‘teleurgesteld’ terug op de samenwerking met Walas. ‘Van Straaten heeft verwachtingen gewekt die niet zijn waargemaakt,’ zegt hij. ‘Zijn ambities waren groter dan zijn kwaliteiten.’

Vanaf 2009 steekt Walas de handen uit de mouwen in het HAKAgebouw in Rotterdam, een voormalige industriehal. In opdracht van woningcorporatie Vestia/Estrade ontwikkelt Van Straaten met businesspartner Ben ten Hove een ‘multifunctioneel concept’. Het gebouw wordt een levend laboratorium waar verschillende bedrijven op het gebied van water en energie samenwerken. Begin 2011 loopt de samenwerking spaak. Ten Hove vindt Van Straaten ‘geen teamplayer’ en bovendien ‘onbetrouwbaar in het maken van afspraken’. Hij wil niet langer samenwerken. Exit Walas.

De gemeente Tilburg wil in april 2013 nieuw leven blazen in een oude NS-werkplaats, Smederij 013. Een lokale partij stelt een samenwerking voor met Walas. De gemeente is enthousiast en ziet geen aanleiding om onderzoek te doen naar de achtergrond van het bedrijf. Van Straaten ontwerpt een concept voor de huisvesting van diverse creatieve bedrijfjes. Verschillende creatieve ondernemers vestigen zich in het complex. In februari 2015 besluit de gemeente om Walas als exploitant in te ruilen voor een andere partij. Ontevreden over de ideeën van Walas is wethouder Berend de Vries (D66) niet. ‘Maar zakelijke afspraken maken en huurcontracten opstellen ging wat minder goed,’ zegt hij.

Ede, Vaals, Enschede

Op zoek naar oplossingen voor de leegstaande winkelpanden in het centrum van Ede komt het College in 2013 uit bij Walas. Van Straaten overtuigt vooral met zijn ervaring in Canada. Raadslid Eric Leltz (GroenLinks) houdt aan de presentatie geen goed gevoel over: ‘Het waren allemaal gemeenplaatsen.’ Het college deelt dat gevoel niet. Walas geeft hoop. Ze vragen Van Straaten de problematiek in kaart te brengen en initiatieven op te zetten om het centrum te verlevendigen. Anderhalf jaar later biedt hij het rapport aan. Kosten: € 180.000. Wethouder Johan Weijland (D66) is grotendeels tevreden met de ‘bruikbare, kritische analyse’. De initiatieven in het centrum vindt hij weinig succesvol. Raadslid Sina Salim (D66): ‘Ze zouden met concrete oplossingen komen, maar dat is niet gebeurd.’ Ambtenaren bezochten voorafgaand aan de samenwerking het CBS-gebouw in Heerlen en projecten van Walas in Tilburg en Vaals. Toenmalig wethouder Kremers is ervan uitgegaan dat de kwaliteit van Walas door zijn ambtenaren goed is gecheckt, zoals dat volgens hem gebruikelijk is.

De gemeente Vaals schakelt Walas in 2013 in om de leegstand in het centrum weg te werken. Het plan is ondernemers aan verlaten panden te koppelen en ‘meer levendigheid’ in het centrum te brengen. Gemeenteraadslid Gert van Vliet (CDA): ‘Walas Concepts had dat al vaker gedaan, over de hele wereld.’ Wat van die ervaring klopt, wordt niet gecheckt. ‘Daarvoor was het project niet groot genoeg,’ zegt toenmalig gemeentesecretaris Hans Rijnders. Vaals gaat wel langs het Hazemeyercomplex in Hengelo. Snel daarna krijgt Walas zo’n 50.000 euro om het plan uit te werken. In oktober 2013 start het project feestelijk. Maar na een jaar is er nog niks veranderd in het centrum. Walas vertrekt omdat het project volgens het bestuur ‘een andere structurering behoeft’. Raadslid Gert van Vliet vindt ‘alles mislukt’: ‘Het plan heeft tot nu toe niets opgeleverd en alleen maar geld gekost.’

De nieuwe aanwinst van Walas is Spinnerij Oosterveld in Enschede. Lang zocht Enschede naar een nieuwe eigenaar voor het historische pand. Vanaf deze maand neemt Walas exploitatie en beheer over, na een jaar wordt Walas de nieuwe eigenaar. Er zijn geen eerdere projecten van Walas bezocht. ‘Onze ambtenaren hebben op internet gegoogeld naar Walas. Als er kritische dingen werden geschreven, hebben we aan Walas gevraagd hoe dat zit. Op basis van hun antwoorden hebben ze ons ervan kunnen overtuigen dat ze een geschikte partij zijn,’ zegt een woordvoerder van de gemeente. Er is ook geen navraag gedaan bij eerdere partners. ‘Dat doen we nooit.’