Max van Weezel geeft Thom de Graaf gelijk: dat D66 het referendum heeft uitgevonden, is een misverstand. Maar hoe afschuwelijk de partij het raadgevend referendum ook vindt, zonder D66 was ‘Oekraïne’ nooit mogelijk geweest.

Thom de Graaf had het grootste gelijk van de wereld toen hij in Buitenhof een paar weken geleden zei dat het een hardnekkig misverstand is dat D66 het referendum heeft uitgevonden. De volksraadpleging haalde, anders dan de gekozen minister-president en het districtenstelsel, het manifest dat de jonge hervormingspartij in 1966 publiceerde niet. Er was nadere studie naar nodig, oordeelde de eerste generatie Democraten. Het referendum komt uit het rapport dat de staatscommissie-Biesheuvel halverwege de jaren tachtig schreef over de ‘vergroting van de kiezersinvloed op de beleidsvorming van de regering.’

In die staatscommissie zaten overigens wel twee prominente Democraten: oud-minister van Volkshuisvesting Hans Gruijters en staatsrechtsgeleerde Jan Vis. D66 was ook de eerste partij die het voorstel enthousiast omarmde. Het ging toen om het zogenaamde correctief referendum: de Kamer kan een eenmaal aangenomen wet voor een second opinion aan de bevolking voorleggen en de uitslag van die volksraadpleging is dan bindend. In 1999 sneuvelde het correctief referendum tijdens de Nacht van Wiegel in de Eerste Kamer.

Lees ookD66 wijst een Nexit-referendum wel heel vergeetachtig af1 juli 2016 Op dit moment kent Nederland alleen een niet-bindend, raadgevend referendum: 300.000 burgers kunnen een volksraadpleging aanvragen en als de kiesdrempel van dertig procent wordt gehaald is de uitslag geldig. Maar kabinet en Kamer hoeven de vox populi niet te gehoorzamen. Die regeling kwam tot stand op initiatief van PvdA, GroenLinks en D66. Op aandringen van de Eerste Kamerfractie van de SP werden ook internationale verdragen aan de lijst van referendabele onderwerpen toegevoegd. De initiatiefnemers namen dat over. Sinds het raadgevend referendum werd gekaapt door Geert Wilders, Thierry Baudet en Jan Roos en het associatieverdrag tussen de Europese Unie en Oekraïne in april met een nipte meerderheid werd verworpen, krabben steeds meer centrumlinkse politici zich achter de oren. Vooral D66 heeft spijt van de Wet raadgevend referendum waaronder de handtekeningen van Boris van der Ham en Gerard Schouw prijken.

Opmerkelijk is dat, blijkens een onderzoek van begin juni 2016, het grootste percentage tegenstanders van referenda te vinden is onder de D66-kiezers!Ter gelegenheid van het vijftigjarig jubileum van de hervormingspartij verscheen de bundel ‘Redelijk radicaal.’ De ene na de andere auteur betuigt zijn afschuw over de uitkomst van het Oekraïne-referendum. Fractieleider in de Eerste Kamer Thom de Graaf: ‘Het moet te denken geven dat uitgerekend populistische politici de grootste voorstanders lijken te zijn van referenda.’ Oud-Europarlementariër Bob van den Bos: ‘Vooral het onderwerp Europa leent zich goed voor leugen en bedrog omdat maar zo weinigen er het fijne van weten. Dit betekent ook dat D66 zich moet keren tegen volksraadplegingen over Europese verdragen. Deze referenda staan haaks op D66-waarden als politieke verantwoording voor genomen besluiten, zorgvuldige belangenafweging en democratische beginselen (..) Politiek gezien zetten de referenda de deur wijd open voor ongeremde nationalistische en anti-immigratie retoriek.’ Oud-minister van Justitie Winnie Sorgdrager: ‘Een referendum moet alleen dienen voor praktische en overzichtelijke lokale vraagstukken.’ Partijveteraan Eddy Schuyer: ‘Opmerkelijk is dat, blijkens een onderzoek van begin juni 2016, het grootste percentage tegenstanders van referenda te vinden is onder de D66-kiezers!’

Bij Buitenhof slaagde De Graaf er vaardig in over het feit heen te praten dat het Oekraïne-referendum nooit mogelijk zou zijn geweest zonder de initiatiefwet die zijn partijgenoten Van der Ham en Schouw samen met PvdA en GroenLinks indienden. Volgens hem was D66 eigenlijk altijd alleen voor het bindend correctief referendum geweest en niet voor ‘halfbakken oplossingen’. Van een raadgevend referendum als ‘Oekraïne’ was hij niet langer gecharmeerd. In het internettijdperk was het veel te makkelijk om 300.000 steunbetuigingen te verwerven. Dat moesten voortaan minimaal 600.000 handtekeningen en likes zijn. En die kiesdrempel van dertig procent was zijns inziens te laag. Kon dat niet vijftig procent worden? De Graaf stelde voor dat bij de volgende kabinetsformatie te regelen. Zo proberen de zindelijke burgerheren en –dames van D66 het referendum uit de klauwen van de populisten te redden. Redelijk is dat standpunt zeker, maar radicaal?

Redelijk radicaal. Vijftig jaar D66. Thom de Graaf en Alexander Rinnooy Kan (red.), Uitgeverij Balans.