In het Syrische vluchtelingenkamp al-Za’atari in Jordanië regeerde de wetteloosheid. Syriërs bedreigden hulpverleners, die het kamp niet meer in durfden, waardoor 
de bewoners alle faciliteiten rustig konden slopen en stelen. 
Tot Kilian Tobias Kleinschmidt werd ingevlogen.

Het is februari 2013. In vluchtelingenkamp al-Za’atari kijkt het Jordaanse politiekorps toe hoe een groepje Syrische kinderen hun prefab politiebureau aan gort trekt. Het dak gaat er af. Kunststof muren worden op ruggen weggedragen. De hele inboedel wordt schaterend afgevoerd. Op de onderlinge samenwerking tussen de kinderen valt weinig aan te merken. Het sloopteam wordt beschermd door een team stenengooiers. Één stap te dichtbij en het regent op de agenten neer. Pas als het bureau alleen nog herkenbaar is aan een vierkant fundament in het grind, vertrekken de kinderen en is de toegang vrij.

Dit soort situaties zijn in Za’atari dagelijkse kost. De Jordaanse politie en de circa 2.000 hulpverleners die...