Lars von Triers ‘Nymphomaniac’

In de aanloop naar zijn nieuwe film Nymphomaniac deed Lars von Trier een Daft Punkje. Zoals het France dance-duo in de vroege lente van 2013 de release van hun hitsingle ‘Get Lucky’ vooraf liet gaan door het zuinigjes vrijgeven van korte fragmenten van dat nummer en zo een ongekende hype creëerde, zo publiceerde Von Trier al sinds afgelopen zomer maandelijks clipjes van Nymphomaniac. In vrijwel alle gevallen voorzien van het label ‘NSFW’ (‘not suitable for work’; ongeschikt voor op het werk) vanwege het ongecensureerde vertoon van geslachtsdelen. Tel daarbij op dat Von Trier de film eerder al eens aankondigde als ‘pornofilm’, plus de verklaring van de productiemaatschappij dat de versie die voorlopig gedistribueerd wordt ‘gecensureerd’ is of in ieder geval ingekort, en de hype is rond. Nagenoeg elk artikel over Nymphomaniac gaat over de vraag of de film opwindend is of niet, ja, porno is of niet.

(Ik heb me er trouwens altijd over verbaasd dat mensen zo moeilijk doen over expliciete seks in films. In vrijwel elke andere kunstdiscipline is de weergave daarvan de normaalste zaak van de wereld.)

Porno of niet? Het is zonde om aandacht aan zulke vragen te besteden, want Von Trier doet niet aan genres. Zijn Antichrist (2009) werd wel omschreven als horrorfilm, maar was dat niet. Melancholia (2011) is slechts in zeer oppervlakkige zin een sciencefictionfilm. Precies zo heeft Nymphomaniac met porno weinig te maken. Wel met seks. Laten we hopen dat er een verschil is.

Gezond of ziek

Wat is Nymphomaniac dan wel? Een vier uur durend en in twee delen opgeknipt verhaal over een vrouw met een wel héél gezonde of juist een wel héél ziekelijke seksuele aandrang. Van haar vroegste masturbatie-ervaringen tot en met de grensoverschrijdende perversiteiten in haar latere leven krijgen we de belevenissen te zien van deze Joe (een rol van Charlotte Gains­bourg).

Die kwestie gezond-of-ziek: daar gaat het natuurlijk om. Want waar verandert gulzig en ongebonden plezier in kwellende dwangmatigheid? Waarom krijgt seksuele overdrive al snel een psychiatrisch label opgeplakt door een maatschappij die allergisch is voor afwijkend gedrag? En waarom gelden voor mannen op dit gebied andere regels dan voor vrouwen? (Het woord ‘sletvrees’, onlangs nog genomineerd voor de titel Woord van het Jaar, dringt zich op.)

Het zijn de vragen waar Von Trier zich op ondubbelzinnige wijze over buigt. Maar is zijn film werkelijk zo ondubbelzinnig? Het ziet ernaar uit dat Nymphomaniac pas interessant wordt wanneer je een kijkje neemt onder de maatschappelijke discussiepunten die de film lijkt te willen verkennen.

Hoogdravende interpretaties

Eerst maar eens het verhaaltje: een sullige oude man vindt Joe op een winterochtend in een steegje vlakbij zijn huis. Ze ligt op de grond en ziet eruit alsof ze flink in elkaar geslagen is. De man, Seligman genaamd, neemt haar mee naar huis om haar op te lappen. Daar vertelt Joe hem haar levensverhaal, opgeknipt in acht ‘hoofdstukken’.

Op het oog een traditionele en vrij kale raamvertelling. Een vrouw in bed met een kopje thee. Een man ernaast op een spartaanse stoel. Het zijn in eerste instantie dan ook de verhalen die Joe vertelt die het meeste opvallen. Hoe ze op haar tweede jaar haar kut ontdekt. Hoe ze een paar jaar later, met haar vroegwijze vriendinnetje B, een masturbatiespelletje genaamd ‘kikkertje spelen’ ontwikkelt. Hoe de vijftienjarige Joe zich laat ontmaagden door de lompe zak Jêrome, die zich er vanaf maakt met drie stoten vaginaal en vijf anaal – alles uiterst afstandelijk, bijna spottend in beeld gebracht.

Drie en vijf: vernederende getallen die Joe altijd zijn bijgebleven. Seligman reageert laconiek: drie en vijf, die behoren tot het wiskundige fenomeen van de Fibonacci-rij (surf naar Wikipedia voor de uitleg). Als reactie op weer een andere anekdote weet Seligman, die hobbyvisser is, allerlei lullige verbanden met de hengelsport aan te brengen. En zo gaat het verder. Telkens plaatst hij de erotische verhalen van Joe in een intellectueel kader door verbanden aan te wijzen met wetenschap, muziektheorie, literatuur, beeldende kunst. Het lijkt er bijna op dat Von Trier filmcritici al bij voorbaat wil aftroeven met een overdaad aan hoogdravende interpretaties.

Klinkt dat zwaar op de hand? Het zijn juist de theorietjes en uitweidingen van Seligman die van Nymphomaniac eerder een komedie maken dan een pornofilm. Zijn gedrag is bijna een parodie op eerdere interpretaties van Von Triers werk: de vrouw is een natuurkracht, de man probeert met zijn ratio controle over de chaos van die natuur uit te oefenen en faalt jammerlijk.

Vooral: eenzaamheid

Ondertussen groeit Joe in haar verhalen uit tot een jonge vrouw die er een groot aantal minnaars tegelijkertijd op na houdt. Dat vereist de nodige planning (ze zet op zeker moment een systeem met dobbelstenen in) en levert geregeld pijnlijke situaties op. Zo is er de man die besluit zijn vrouw te verlaten voor Joe. De bedrogen echtgenote (‘Mrs. H’, een prachtrol van Uma Thurman) komt met hem mee naar Joe om haar drie kinderen te laten zien voor wie papa hen in de steek heeft gelaten.

Tussen alle minnaars is er eentje die telkens terugkeert in Joe’s leven: Jêrome, de lomperik die haar ooit ontmaagde en die later zelfs de vader van haar kind wordt. Het huiselijke leven bevalt Joe maar matig: ze verliest elk seksueel gevoel en gaat op zoek naar extreme omstandigheden in de hoop weer leven op te wekken in haar geslacht. Het brengt haar onder meer bij een creepy kerel genaamd ‘K.’ die er een soort praktijk voor martelingen op na houdt.

Veel moois leveren al die escapades Joe niet op. Zelden heb je de indruk dat haar seksuele ervaringen haar plezier geven. Eerder pijn, schuldgevoel en vooral: eenzaamheid. Uiteindelijk probeert zij dan ook af te rekenen met haar seksverslaving. Weer later lijkt het haar goed te gaan: ze zet een schimmige business op waarbij ze als schuldeiser voor opdrachtgevers opereert, en waarbij haar brede kennis van mannen en seks goed van pas komt. Het is dat baantje dat haar ten slotte, hevig toegetakeld, in die steeg doet belanden waar Seligman haar vindt.

Monnikencel

Het verhaal is rond. Na een paar laatste bespiegelingen gaan Joe en Seligman slapen, waarna nog een saillante wending volgt die ik hier niet zal verklappen. Maar is dat alles? Er is verteld, er is gebiecht – en nu is het klaar?

Ik vermoed van niet. Vlak voor het achtste en laatste hoofdstuk van haar relaas merkt Joe zuchtend op dat de ‘monnikencel’ van Seligman haar geen inspiratie meer biedt. Dat is vreemd. Hoezo moet zij haar inspiratie uit de inrichting van Seligmans kamer halen? Ze wéét toch wel wat ze wil vertellen?

Seligmans raadt haar aan de zaken om te draaien, om er een andere kijk op te krijgen. Haar oog valt op een vlek op de muur, ze draait haar hoofd een kwartslag en ziet vervolgens de vorm van een pistool in de vlek. Dan volgt hoofdstuk 8: ‘The Gun’.

Zou het kunnen zijn dat je als kijker ook je hoofd een slagje moet draaien om een andere kijk op Nymphomaniac te krijgen?

Meermalen tijdens de film wijst Seligman op ongeloofwaardige toevalligheden in het verhaal van Joe. Vaak gaat het dan om Jêrome, die telkens weer op nogal onwaarschijnlijke wijze in haar leven opduikt. Joe’s nuchtere commentaar luidt: ‘Hoe kun je het meeste uit mijn verhaal halen? Door het te geloven of door het niet te geloven?’

Seligman besluit haar te geloven, maar de andere mogelijkheid – dat je het meeste uit haar verhaal haalt door het niet te geloven – wordt steeds aannemelijker als je begint terug te rekenen (of iets makkelijker: de film nog een keer bekijkt). Dan blijkt de schijnbare volgorde van de handelingen – anekdote van Joe gevolgd door reactie van Seligman – vaak precies omgekeerd te zijn aan wat je je herinnert van de eerste keer. Elk verhaal van Joe blijkt juist vooraf te worden gegaan door iets wat Seligman zegt, of geïnspireerd te zijn door een object in diens kamer.

Strijkt Joe’s oog langs een schilderijtje van een dame, dat half verborgen in een hoekje op de grond staat, dusdanig dat alleen de initiaal van de geportretteerde te lezen is (‘Madame H.’), dan volgt prompt het verhaal over de bedrogen echtgenote, ‘Mrs H.’.

Als Joe vraagt wat het boek is dat Seligman op zijn nachtkastje heeft liggen, antwoordt hij dat hij Edgar Allan Poe aan het herlezen is. Hij voegt er onmiddellijk het weetje aan toe dat Poe stierf tijdens een delirium tremens, waarop Joe aan het hoofdstuk ‘Delirium’ begint, over het sterfbed van haar vader.

Een uiteenzetting van Seligman over het lijden van Jezus, inclusief de kruisgang en de 39 zweepslagen, roept bij Joe het verhaal op van haar SM-praktijken met ‘K.’, inclusief zweepslagen.

Wie eenmaal met deze vorm van milde betrekkingswaan naar Nymphomaniac kijkt, treft in elk detail een aanwijzing aan. De jonge Joe houdt bijvoorbeeld een herbarium bij, waarin zij bladeren steekt die zij verzamelt tijdens boswandelingen met haar vader. Op latere leeftijd slaat ze dit ‘troostboek’ af en toe nog open – het enige waar ze rustig van lijkt te worden. Schijnbaar een ‘authentiek’ detail. Maar hé, ineens valt op dat het behang in Seligmans appartement met een bladerenmotief is versierd. Dat zal toch zeker geen toeval zijn?

Alles wijst erop dat Joe haar verhalen ter plekke verzint, dat zij zichzelf een valse identiteit en een valse biografie aanmeet. Niet voor niets zit Nymphomaniac boordevol verwijzingen naar Hitchcocks Vertigo, een film waarin gerommel met identiteiten een cruciale rol speelt.

Een noodzakelijke fabel

Zo bezien wordt Joe een verhalenverteller uit de categorie Verbal Kint, de crimineel (gespeeld door Kevin Spacey) die in de film The Usual Suspects aan een veroordeling ontkomt door tijdens een langdurig verhoor zijn hele verklaring te fingeren. Hij baseert zich daarbij op toevallig aanwezige inspiratiebronnen in het tijdelijke kantoor van de dienstdoende rechercheur. Ziet Verbal Kint aan de onderkant van de mok waaruit de rechercheur zijn koffie slurpt de merknaam Kobayashi staan, dan verschijnt er al snel in zijn verhaal een personage genaamd Kobayashi. Pas als Kint is vrijgelaten, realiseert de rechercheur zich dat de verklaring die hij gehoord heeft, van verzinsels aan elkaar hangt.

Aan een veroordeling willen ontkomen is een helder motief. Maar waarom verzint Joe haar verhalen? Ze gaat toch zeker uit vrije wil met Seligman mee naar huis?

Nymphomaniac is een film over maatschappelijk niet-geaccepteerde lusten en gedrag. Het zou kunnen dat Joe haar seksuele verlangens nooit daadwerkelijk heeft bevredigd, maar ze slechts in gesublimeerde vorm, dus via verhalen, met anderen heeft gedeeld. In ieder geval met Seligman. Haar geschiedenis als nymfomane is dan een fabel, zij het een noodzakelijke fabel.

Een andere mogelijkheid is dat hetgeen Joe overkomen is, als Seligman haar zo toegetakeld in de sneeuw aantreft, veel en veel erger is dan ze kan vertellen. Misschien is fictie haar enige manier om uiting te geven aan de onzegbaar pijnlijke werkelijkheid.

Weer een andere mogelijkheid (ik zal er niet te veel opsommen) is dat Joe model staat voor De Kunstenaar, misschien wel voor Von Trier zelf. Zo zegt ze over zichzelf: ‘Het enige waarin ik verschil van andere mensen, is dat ik altijd meer heb verwacht van de zonsondergang. Spectaculairdere kleuren.’ Is dat niet wat de verhalenverteller doet, die de werkelijkheid te flets en te rommelig vindt? Orde aanbrengen in de chaos. Kleur geven aan de grauwheid. Verhalen verzinnen en vertellen is misschien wel een krachtigere manier om de werkelijkheid te beïnvloeden dan het uitwisselen van clichématige opinies en theorietjes (zoals Seligman en Joe tussen de hoofdstukken door geregeld doen).

Zand in de ogen

In zijn documentaire The Five Obstructions (2003) laat Von Trier zijn vroegere mentor, de cineast Jørgen Leth, tot vijf keer toe een remake maken van Leths film The Perfect Human. Voor de laatste van die vijf versies schrijft Von Trier het scenario, dat hij door Leth laat uitspreken. Daarin komt onder meer dit zinnetje voor: ‘I fool the world because I don’t want to be part of it’. Dat is een tekst die net zo goed op Von Trier zelf kan slaan, en is wellicht zijn belangrijkste motief om Joe in Nymphomaniac zo enorm te laten fabuleren.

Wie in Nymphomaniac een pornofilm ziet, of wie de nadruk legt op de maatschappelijke discussie over vrouwelijke seksualiteit, heeft zich door Von Trier zand in de ogen laten strooien. Hij hakt juist in op het verlangen dat aan pornografie ten grondslag ligt: snelle, oppervlakkige bevrediging. Nymphomaniac is zeker een opwindende film, maar vooral omdat het een schatkist vol mogelijkheden is.

Nee