Oude meester Agnès Varda en jonge ster JR rijden samen langs Franse dorpen. Daar maken ze praatjes, en foto’s die ze op reuzenformaat op de muren plakken. Een van de liefste films van het jaar.

Agnès Varda is het ontwapenendste dametje van 89 dat je je kunt voorstellen. Helaas is ze nooit getekend door Fiep Westendorp. Die zou haar nieuwsgierigheid en vastberadenheid in een paar lijnen hebben kunnen vangen. En hoe Varda’s beentjes niet bij de grond komen als ze op een muurtje zit. Varda mag dan klein zijn en haar documentaire Visages, villages (die op IDFA vertoond zal worden) een luchtig samenraapsel van toevalligheden, als filmmaker is ze een grootheid (de Moeder van de Nouvelle Vague) en haar film was dit jaar de liefste van het festival van Cannes – waar ze overigens, als enige vrouw ooit, in 2015 een ere-Gouden Palm kreeg.

En ze gaat gewoon door. Voor Visages, villages voor het eerst met een coregisseur: de wereldberoemde fotograffitikunstenaar JR, een dertiger die zijn identiteit verbergt achter een zwarte zonnebril, wat erg hipster en een beetje geforceerd overkomt. Varda’s gemopper daarover, terwijl ze langs Franse dorpjes rijden, voedt de plagerig groeiende vriendschap tussen twee kunstenaars met het talent onbekenden aan het praten en poseren te krijgen. JR’s reusachtige zwart-witportretten worden vervolgens op gebouwen geplakt, tot trots van iedereen. Ik ontmoette de makers in Cannes. Agnès Varda tegen JR: ‘Bril af! Laat je ogen zien! Hier zijn geen camera’s.’ JR schuift glimlachend zijn zonnebril naar voren, zodat we zijn ogen zien. Varda knikt en zegt: ‘Jij maakt zulke foto’s al jaren in allerlei landen. Het doet denken aan selfies, van “kijk eens, hier was ik”. Maar het is iets volstrekt anders. Het wonder dat je ziet gebeuren, is dat we mensen groot en mooi maken als onderdeel van een gemeenschap. We zoeken het plezier van het samenzijn.’ JR: ‘Amen!’

AV: ‘Eerlijkheid is essentieel. Daarom hebben we ook de vrouw in de film gehouden die achteraf niet blij was met het beeld. Ze was verlegen, en de foto was misschien te groot voor haar. Gelukkig vonden haar kinderen het wel mooi, dus dat hielp.’ JR: ‘Niet iedereen wil zo groot op een muur te zien zijn. En ons doel is ook niet om individuen beroemd te maken, maar om een gesprek te beginnen.’

Je hebt mijn tenen op een treinwagon geplakt.AV: ‘Precies: het is geen onderzoek, het is een gesprek. Het is iets wat de bewoners met elkaar beleven. Wij blijven een, twee dagen in een dorp. Sommige mensen beginnen dan persoonlijke dingen te vertellen. Mensen die we een uur eerder nog niet kenden.’ JR: ‘Daarom is het in elk dorp ook weer anders. Omdat het om hun eigen verhalen gaat.’

AV: ‘Het gaat om de blik. Hoe kijken we naar mensen? Hoe kijken mensen naar zichzelf? Of hoe jij me plaagt met foto’s van mijn ogen, mijn tenen. Mijn tenen, die je op een treinwagon hebt geplakt! De vraag is: hoe kijk jij naar mijn ouderdom? Hoe kijk ik naar jouw talent?’ JR: ‘Jij hebt problemen met je gezichtsvermogen. Maar je ziet er geweldig uit! Met je zwarte en witte stippen.’

Agnès Varda roept ‘Polka dot lady!’ en kijkt JR vrolijk aan. Over zijn zonnebril heen.