Twee weken voor de opnames mail ik met Joost Baars, winnaar van de laatste VSB Poëzieprijs en mijn gast in de podcast deze maand, over zijn keuze van gedichten. Joost schrijft dat hij overweegt een gedicht van Lucebert te kiezen, het was op of rond die dag dat het nieuws van Luceberts dubieuze oorlogsverleden bekend werd gemaakt. Ik typ dat een gedicht van Menno Wigman ook een mooie keuze zou zijn, maar haal het toch weer weg. Ik wil de keuze van mijn gasten niet beïnvloeden.

Uiteindelijk koos Joost een gedicht van Jorge Luis Borges, eentje dat goed aansluit bij zijn eigen poëzie en zijn opvattingen daarover, en ik ben blij met zijn keuze. Bovendien zweeft de geest van Menno alsnog een beetje over het gesprek. Borges schrijft over Christus aan het kruis, met de tot nadenken stemmende slotregels ‘Wat kan het mij van nut zijn dat die man / zo heeft geleden, wanneer ik nu lijd?’ Een reden voor Joost en mij om het te hebben over de functie van religie en het bijbehorende lijden...