Als professor klinische psychologie Christine Blasey Ford maandag voor de Senaatscommissie verschijnt om te getuigen tegen kandidaat-hogerechter Brett Kavanaugh, zal heel Amerika aan de schermen van de televisie, computers en telefoons gekluisterd zitten. Ford beschuldigt Kavanaugh van aanranding, in de tijd dat zij vijftien jaar en hij zeventien jaar was. En sinds haar verhaal – en haar naam – bekend zijn, staat Kavanaugh’s benoeming op het spel.

Maar of Ford maandag zal verschijnen is een big if. Ford eist een onderzoek van de FBI. Op zich niet onredelijk, maar de Republikeinen in de Senaat willen de benoeming van Kavanaugh erdoor jassen. Dit is hun kans om van de hoogste rechterlijke macht in het land een conservatief bolwerk te maken. Daar werken ze al veertig jaar aan. En de boel vertragen zou wellicht kunnen betekenen dat de stemming over de benoeming na de verkiezingen in november plaatsvindt, als – en dat is ook een big if – de Republikeinen hun meerderheid in de Senaat wellicht verliezen.

Ze willen Kavanaugh op het Hooggerechtshof plaatsen, maar ze willen tegelijkertijd niet het risico lopen dat vrouwen gillend weglopen uit de partij.

Jaar van de Vrouw

De Republikeinen zitten tussen de spreekwoordelijke rock and a hard place. Oftewel: ze kunnen geen kant op. Ze willen Kavanaugh op het Hooggerechtshof plaatsen, maar ze willen tegelijkertijd niet het risico lopen dat vrouwen gillend weglopen van de partij. Want in het #MeToo-tijdperk zijn witte vrouwen in de buitenwijken – traditioneel Republikeinse stemmers – een kwetsbare electorale groep. De cijfers liegen er niet om. Witte vrouwen geven volgens peilingen in de komende verkiezing met veertien procentpunten de voorkeur aan Democraten. Geen wonder dat Republikeinse senatoren willen vermijden dat ze als misogyne mannen overkomen in de zaak Ford/Kavanaugh.

Geen vrouw die de hoorzitting van Anita Hill meemaakte, de vrouw die kandidaat-hogerechter Clarence Thomas beschuldigde van ongewenste intimiteiten op de werkvloer, die is vergeten hoe de mannen-senatoren toen – Democraten en Republikeinen – Hill ondervroegen. Alsof Hill zelf ‘schuldig’ was. Alsof ze, hoewel ze vrijwillig en na een FBI-onderzoek getuigde, totaal ongeloofwaardig was. Dat was bijna 27 jaar geleden. Geschiedenis? Nee, vrouwen zijn het nooit vergeten.

Die publieke minachting van een vrouw door mannelijke politici toen, leidde het volgende jaar tot het ‘Jaar van de Vrouw’. Vrouwen – met name Democratische vrouwen – wonnen onverwachts in tal van verkiezingen. Zoals de Amerikaanse schrijver Willam Faulkner schreef: The past is never dead. It’s not even past.