Pas net bekomen van de monstertentoonstelling rond Jeroen Bosch, komt Het Noordbrabants Museum opnieuw met werk dat je moet zien: een enkele Jan van Eyck, met het mooiste blauw van de wereld.
Wat is er toch aan de hand in het Noordbrabants Museum? En dan bedoel ik niet de uiteindelijk niet-bestaande onenigheid met het Prado waar ik eerder dit jaar al over schreef. Op 18 juni opent de tentoonstelling Van Eyck, Brueghel, Jordaens: meesterwerken uit Roemenië, met als topstuk het piepkleine schilderijtje ‘Man met blauwe kaproen’ van Jan van Eyck. De schilderijen van Jheronimus Bosch (1450-1516) zijn nog niet goed en wel aangekomen in Spanje, of het museum mag alweer een Jan van Eyck (1390-1441) verwelkomen. Is dat dan zo bijzonder? Ja.
Van zowel Bosch als Van Eyck kennen we maar een paar schilderijen, ongeveer dertig, en dat zijn allemaal topstukken in museumcollecties, die niet vaak reizen. Ter vergelijking: Rembrandts schilderijenoeuvre is tien keer groter, dan van Picasso 200 keer. Nederland heeft welgeteld één schilderij van Jan van Eyck, dat in het Boijmans hangt (het Rotterdamse museum heeft ook de enige Boschen van Nederland). Op de laatste Van Eyck-tentoonstelling, ook in het Boijmans, waren als we streng tellen vijf Van Eycks te zien. Dat was in 2013. Vorig jaar was er in het Mauritshuis even eentje over uit New York. En nu dus het Noordbrabants Museum, dat pas net is bekomen van de monstertentoonstelling rond Bosch, die unaniem lovende recensies kreeg, ruim 400.000 bezoekers trok en het bijna obscene aantal van 22 schilderijen van Bosch bij elkaar wist te brengen.
De expositie toont topstukken uit de collectie van de Roemeense baron Samuel von Brukenthal, ondergebracht in het Von Brukenthalmuseum in Sibiu. De tentoonstelling vertoont veel gelijkenissen met The Frick Collection – kunstschatten uit New York, die vorig jaar te zien was in het Mauritshuis: een privéverzamelaar heeft een indrukwekkende collectie bijeengebracht in een privémuseum, waar een Nederlands museum de topstukken van toont. Dat is leuk, en goed, maar de link met Bosch vind ik wat geforceerd. Er wordt gesteld dat de tentoonstelling werken van voor en na Bosch toont, maar welbeschouwd zijn er twee voorgangers van Bosch te zien: Van Eyck en Memling (in totaal drie schilderijen, maar de Memlings zaten vroeger aan elkaar vast). De rest komt erna, en niet zo’n beetje ook.
De Brueghel uit de titel van de tentoonstelling is Pieter Brueghel de Jongere, die het niet haalt bij zijn pa. Wie dus Van Eyck en Brueghel samen op een poster ziet en laatmiddeleeuws vuurwerk verwacht, zal het moeten doen met 350 vierkante centimeter Van Eyck. Maar die Van Eyck! De ‘Man met een blauwe kaproen’ is een Vlaming met een lichte stoppelbaard die is geschilderd alsof je hem zo op straat tegen zou kunnen komen. Op zijn hoofd draagt hij een ingewikkelde tulband, geschilderd in het mooiste blauw van de wereld. Nu kunt u dat even Googlen en constateren dat het inderdaad een mooie kleur blauw is, maar u moet het natuurlijk eigenlijk in het echt zien. En dat treft, want tot 9 oktober hoeft u daar niet voor naar Sibiu maar slechts naar Den Bosch.
Het Noordbrabants Museum, Van Eyck, Brueghel, Jordaens: meesterwerken uit Roemenië, van 18 juni t/m 9 oktober.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.