In de slag om de hoofdstad staan D66 en Forum voor Democratie lijnrecht tegenover elkaar, met GroenLinks als huilende derde. Als het aan Pechtold ligt tenminste.

Tijdens de verkiezingscampagne van 2006 ontdekte Alexander Pechtold min of meer bij toeval het electorale potentieel van een tweestrijd tussen D66 en de PVV. In het achterzaaltje van café brasserie Dudok aan de Haagse Hofweg vond het lijsttrekkersdebat van Radio 1 plaats. Geert Wilders stelde de ‘tsunami van islamisering’ aan de kaak: voordat we het doorhadden, zou Nederland nog alleen uit moskeeën, criminele jongerengroepen en kebabzaken bestaan.

Iedereen aan tafel zweeg. Behalve Pechtold, die de vergelijking tussen moslims en een natuurramp ‘te walgelijk voor woorden’ noemde: ‘Als Hans Janmaat van de Centrum Democraten dat destijds had gezegd, dan was hij vervolgd.’ Na afloop van het radiodebat praatten de andere lijsttrekkers – inclusief Femke Halsema van GroenLinks – op de D66-leider in. Ze vonden het onverstandig dat hij er zo hard was ingegaan. Zo gaf je Wilders alleen maar de media-aandacht die hij niet verdiende. Bij de Tweede Kamerverkiezingen van 22 november betaalde de aanval op de PVV zich niet meteen uit: D66 kwam niet verder dan drie zetels.

Pechtold en Wilders. Foto: Jaco Klamer/Hollandse Hoogte

Maar Pechtolds intuïtie faalde niet. In de jaren daarop groeide hij – en niet Wouter Bos van de PvdA, Jan Marijnissen van de SP of Halsema – uit tot de anti-Wilders. In een gesprek op zijn kamer met uitzicht op het Plein legde hij me later uit hoe hij dat had aangepakt: als Wilders naar de interruptiemicrofoon liep, wandelde Pechtold hem achterna. Op het 8 uur-journaal was dan alleen het vinnige debat tussen de fractieleiders van D66 en de PVV te zien. Met als resultaat dat veel kiezers met een migrantenachtergrond van alle Kamerleden alleen die twee van gezicht kenden. D66 kon daardoor scoren onder Marokkaanse en Turkse Nederlanders en deed dat ook.

Sinds de immigratiegolf van de jaren zeventig kon de PvdA bij verkiezingen blind uitgaan van de steun van de migrantengemeenschap. Resultaten als 84 procent onder Turkse Nederlanders en 78 procent onder Marokkaanse Nederlanders waren heel normaal. Dat is niet langer het geval. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2014 veroverde D66 gewezen sociaaldemocratische bastions als Amsterdam, Zaanstad en Enschede. In de hoofdstad vooral dankzij de steun van studenten en young urban professionals, maar voor een deel ook door de populariteit van Pechtold onder migranten. Zo stemde een vijfde van de Amsterdamse Marokkanen op de Democraten. Op de uitslagenavond stapte Pechtold uit de auto op het Rembrandtplein, waar de Amsterdamse afdeling van D66 feest vierde. Hij wist niet wat hem overkwam, vertelde hij aan Thijs Broer en mij: ‘Er stond een hele rij taxi’s met Turkse en Marokkaanse chauffeurs. Ze brachten me claxonnerend een aubade en riepen: “D66! D66!” Ik dacht: bingo. Vier jaar geleden wisten ze niet eens wie ik was.’

Slag om de hoofdstad

Nu de slag om de hoofdstad opnieuw wordt gevoerd, proberen de Democraten er weer een tweestrijd van te maken. De tegenstander heet nu alleen niet Geert Wilders, maar Thierry Baudet: de eerste populist van Nederlandse bodem die ook grote aantrekkingskracht uitoefent op studenten en hogeropgeleiden. De Amsterdamse PvdA-leider Marjolein Moorman heeft zich tot nu toe beperkt tot de opmerking dat de kans op samenwerking tussen haar partij en het Forum voor Democratie zo goed als nul is, Laurens Ivens van de SP houdt het erop dat uitgesproken rechtse partijen nooit een voet aan de grond zullen krijgen in Amsterdam (wat me wishful thinking lijkt), Rutger Groot Wassink van GroenLinks heeft zich aangesloten bij de demonstratie die het Comité 21 maart drie dagen voor de verkiezingen organiseert onder het motto: ‘Geen racisten in de gemeenteraden!’

Maar geen partij gaat zo all out als D66. De Amsterdamse lijsttrekker Reinier van Dantzig wond zich mateloos op over het debat over nationale identiteit dat op 29 januari plaatsvond in de Stadsschouwburg aan het Leidseplein. Baudet kruiste daar de degens met Femke Halsema. De oud-GroenLinks-politica vroeg hem zich te distantiëren van een opmerking van de nummer 2 op de Amsterdamse FvD-lijst, de politicoloog Yernaz Ramautarsing (‘Er is een verschil in IQ tussen volkeren. Dat is wetenschappelijk bewezen. Ik had graag gezien dat het anders was, dat zwarte mensen hyperintelligent waren, dat Surinamers het hoogste gemiddelde IQ van de wereld hadden. Maar het is niet zo.’)

Die tegenstander heet nu Thierry Baudet, de eerste populist van Nederlandse bodem die aantrekkingskracht uitoefent op studenten en hoger opgeleiden. Baudet weigerde afstand te nemen van Ramautarsing. Van Dantzig stond vervolgens Het Parool te woord. Hij werd misselijk van het racisme van het Forum voor Democratie, zei hij. Baudet was wat hem betreft een ‘wolf in schaapskleren’: ‘Ik sluit daarom uit dat D66 met FvD gaat samenwerken in een coalitie.’

Op 2 februari werd een zwaarder kanon ingezet: vicepremier en minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Kajsa Ollongren weidde tijdens de Ien Dales-lezing in Nijmegen niet alleen uit over haar Russische en Zweedse voorouders, maar kwam ook met een keiharde charge op het Forum voor Democratie: ‘De partij van Baudet lijkt geobsedeerd te zijn door één van de weinige taboes waar ik als progressieve liberaal aan hecht: het praten over rassen in het politieke debat (..) Het populisme wil sommige Nederlanders dus anders behandelen dan andere. En daarmee bedreigt het kernwaarden van Nederland.’ Wat de vicepremier op aangifte wegens smaad en laster van de kant van dr. Baudet en mr. Hiddema kwam te staan.

Een paar weken geleden leken de gemeenteraadsverkiezingen in Amsterdam nog uit te lopen op een horse race tussen D66 en GroenLinks. D66, in 2014 de grote winnaar van de verkiezingen, regeert nu met de ChristenUnie, steunt de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten en heeft zich uitgesproken voor intrekking van het raadgevend referendum – gewaagd voor een partij die privacy en transparantie hoog in het vaandel voert. GroenLinks verkoos haar principiële bezwaren tegen vluchtelingenverdragen met Afrika boven het verlangen naar regeringsdeelname. Welke houding zouden de Amsterdamse kiezers het meest waarderen?

En nu zijn de kaarten opnieuw geschud. De Democraten proberen GroenLinks een neuslengte voor te blijven door harder dan wie dan ook de confrontatie met Thierry Baudet aan te gaan. Zou die tactiek net zo goed werken als in 2006?