‘TTIP is een gevaar voor de democratie.’ ‘Welnee, daar zijn we nog altijd zelf bij. ik zeg: doen!’ Bas Eickhout (GroenLinks) en Hans van Baalen (VVD) kruisen de degens over TTIP, het omstreden handelsverdrag tussen EU en VS.

Of Bas Eickhout en Hans van Baalen in Amerika wel eens chloorkip hebben gegeten? Eickhout denkt even na. ‘Volgens mij heb ik nooit kip gegeten daar. Dus ik geloof het niet.’ Van Baalen: ‘Jazeker! Lekker. Niks mis mee.’

Al een paar jaar zijn de Europese Unie en de Verenigde Staten achter gesloten deuren aan het onderhandelen over TTIP, een alomvattend vrijhandelsakkoord tussen de twee economische machtsblokken, samen goed voor bijna de helft van de wereldeconomie. Het akkoord moet niet alleen de tariefmuren slechten, maar ook allerlei technische standaarden, milieu-eisen en regels voor voedselveiligheid op elkaar afstemmen. In het Europees Parlement wordt de komende tijd intensief gesproken over het verdrag. In de Nederlandse media was aanvankelijk nauwelijks aandacht voor TTIP, totdat de discussie dit voorjaar hevig opvlamde. Volgens critici zou het handelsakkoord ten koste gaan van de hoge Europese normen, vooral voor voedselkwaliteit en dierenwelzijn. Een hoofdrol in het debat speelt de chloorkip. In Europa is het nu nog verboden geslachte kip in chloorwater te wassen, maar na het wegvallen van de handelsbelemmeringen zouden goedkope Amerikaanse chloorkippen de Europese markt kunnen overspoelen. De man die het chemisch behandelde pluimvee op de agenda zette: Bas Eickhout, fractieleider van GroenLinks in het Europarlement en verklaard tegenstander van TTIP. Het leverde hem de bijnaam Mister Chloorkip op. Hans van Baalen, Europees fractieleider van de VVD, is vurig voorstander van het vrijhandelsverdrag. Naar zijn mening moet er zonder taboes worden onderhandeld: ‘De koopman moet op één, de dominee op twee.’

Konijn, ook heerlijk
Bas Eickhout en Hans van Baalen kruisen de degens over TTIP in Le Jardin de Pourtalès, even buiten Straatsburg. Het restaurantje is fraai gelegen in de landerijen, aan de oprijlaan van het kasteel waar Van Baalen maandelijks verblijft als het Europarlement in de Franse stad vergadert. Eickhout is vanuit zijn eenvoudige hotel bij het station op zijn huurfiets gekomen. Na een blik op de menukaart zegt Van Baalen: ‘Jij bent niet van de Partij voor de Dieren. Dan kan ik wel foie gras bestellen.’ Eickhout kijkt licht geschokt op. ‘Je hoeft niet van de Partij voor de Dieren te zijn om foie gras niet oké te vinden,’ zegt hij. ‘Die ganzen worden op een hele nare manier vetgemest!’ Met felle armbewegingen laat hij zien hoe het voer bij de ganzen door de strot wordt geduwd. ‘Akkoord,’ glimlacht Van Baalen. ‘Om de lieve vrede aan tafel te bewaren moet er een gebaar worden gemaakt. Geen foie gras dan maar, het wordt rable de lapin. Konijn: ook heerlijk.’

Foto: Eve van Soens
Foto: Eve van Soens

Volgens Van Baalen is de aandacht voor de chloorkip allemaal bangmakerij. ‘Van mij mag die kip gewoon op de Nederlandse en Europese markt,’ zegt hij. ‘Als hij maar duidelijk herkenbaar is voor de consument.’ Zover gaat het niet komen, verzekerden minister Ploumen van Internationale Handel en eurocommissaris Malmström na de ontstane ophef. Volgens hen zal de chloorkip niet op de Europese markt worden toegelaten. Maar daarmee is het probleem verre van opgelost, zegt Eickhout: ‘Die chloorkip is zijn eigen leven gaan leiden. Waar ik bang voor ben, is dat de voorstanders nu de hele tijd met die kip komen aanzetten: zie je wel, probleem opgelost, nu kunnen we lekker applaudisseren en door. Voor mij was het alleen maar een krachtig beeld om de discussie op gang te krijgen. Er staat veel meer op het spel.’

Niet op je zakjapanner
In oktober van het afgelopen jaar stond Bas Eickhout op het Amsterdamse Beursplein te demonsteren tegen TTIP, compleet met een Trojaans paard. De symboliek was duidelijk: met het verdrag zou Europa onbewust louter onheil binnenhalen. Meer dan vijftig sympathisanten kwamen er niet opdagen. ‘Dat was eigenlijk best een beetje triest,’ zegt hij. ‘Daar stonden we in de regen, terwijl dat paard kwam aanhobbelen. Het publiek liep de Bijenkorf in en dacht: wat doet dat paard hier?’

Pas toen Arjen Lubach in maart in zijn satirische nieuwsprogramma tegen TTIP van leer trok, liepen de gemoederen hoog op. ‘Ik twitter al langer over het verdrag, maar dat deed nooit zoveel,’ zegt Eickhout. ‘Toen Lubach op tv zijn twittercampagne #TTIPalarm startte, ging het meteen viral. Dat is de macht van televisie.’

‘Een markt van Hawai tot Helsinki is een enorme kans voor Nederland. Door TTIP wordt onze afzetmarkt veel groter’

Van Baalen is van meet af aan pleitbezorger van TTIP geweest: ‘Een markt van Hawaï tot Helsinki, dat is een enorme kans voor Nederland. Sinds we zo’n verdrag met Zuid-Korea hebben, is de handel met vijfendertig procent gegroeid. Door TTIP wordt de afzetmarkt voor Nederlandse producten veel groter, bijvoorbeeld voor de innovatieve Nederlandse landbouw en de tuinbouw in het Westland. Ook de Nederlandse scheepvaart en de baggeraars kunnen ervan profiteren. Nu bestaat in Amerika nog de Jones Act uit de jaren twintig die buitenlandse baggerwerkzaamheden en scheepvaart tussen Amerikaanse havens verbiedt. Door TTIP hebben we de kans om van zulke protectionistische maatregelen af te komen. Vrijhandel zit de liberalen natuurlijk in de genen. Dus ik zeg: doen!’

Eickhout: ‘Als je meer handel gaat drijven, leidt dat tot economische groei. Dat zal niemand betwisten. Maar de vraag is: hoe groot is die groei en wat is het je waard? Aanvankelijk kwam de Europese Commissie met mooie cijfers. TTIP zou ruim één miljoen banen opleveren en vele miljarden aan economische groei. Maar inmiddels zijn er allerlei studies verschenen die dat tegenspreken. De Commissie is nu veel voorzichtiger met zulke schattingen. Volgens de laatste studie waar de Commissie aan vasthoudt, leidt het verdrag tot een half procent economische groei vanaf 2027. En dan wordt er ook nog uitgegaan van volledige integratie van de markten. Dus als je sectoren uitzondert of sommige regels niet gelijkstelt, moet je die getallen naar beneden bijstellen. Maar dat vergeet de Commissie erbij te vertellen. Die groeicijfers zijn totaal ongewis.’

Van Baalen veert op: ‘Jij bent de man die bij de oprichting van de Europese Unie in de jaren vijftig riep: jongens, we weten niet hoeveel banen het oplevert als we de grenzen opheffen, laten we het gewoon niet doen. Terwijl Nederland er uiteindelijk alleen maar sterker door is geworden. Hetzelfde geldt voor de aanleg van de spoorlijnen, zo’n honderdvijftig jaar geleden. Toen wisten we ook niet precies wat we ermee zouden verdienen. TTIP is een experiment. Je kunt niet op je zakjapanner uitrekenen wat het opbrengt.’

Vorig jaar zei u zelf nog dat TTIP Nederland 4,1 miljard per jaar op zou leveren.
Van Baalen: ‘Dat is een getal dat je noemt.’

Nee, het is een getal dat ú noemde.
Van Baalen: ‘Inderdaad, zo’n groeicijfer kun je niet bewijzen. Economen spreken elkaar tegen. Ik zeg: het kan wel zo wezen, de zakjapanner blijft thuis. Zo’n markt van Hawaï tot Helsinki is een aanlokkelijk perspectief. We moeten TTIP gewoon hebben. Ik ga dus niet van tevoren allemaal rode lijnen tekenen.’

Tariefmuren
Daar komt nog bij, zegt Van Baalen, dat toenadering tot de Amerikanen door het vrijhandelsverdrag een belangrijk geopolitiek voordeel oplevert: ‘Zo kunnen Europa en Amerika samen ook economisch een vuist maken tegen Vladimir Poetin. Als groot handelsblok hebben we een veel sterkere positie tegenover Rusland in bijvoorbeeld het energiebeleid. En met de VS kunnen we dan internationale standaarden bepalen. Landen als China en Rusland zullen dan moeten volgen.’

Eickhout: ‘De geopolitiek is het enige goede argument dat de voorstanders van TTIP naar voren kunnen brengen. Ik raad ze aan daar veel meer op te tamboereren.’

En welk antwoord zou u daar dan op geven?
Eickhout: ‘Dan zou ik zeggen: dáár moet je TTIP niet voor gebruiken. Dat is namelijk wel een heel grof apparaat om geopolitieke doelen mee te bereiken. Geopolitiek moet je voeren met geopolitieke organisaties zoals de Navo. TTIP is geen organisatie maar een vrijhandelsverdrag waarmee je vooral bedrijven met elkaar laat samenwerken.’

Volgens critici hebben multinationals onevenredig veel invloed bij de onderhandelingen van TTIP. Foto Die Linke. in Europa/CC/Flickr
Volgens critici hebben multinationals onevenredig veel invloed bij de onderhandelingen van TTIP. Foto Die Linke. in Europa/CC/Flickr

Waarom bent u daar nou zo tegen?
Eickhout: ‘Ik ben niet per definitie tegen handelsakkoorden, maar TTIP is geen normaal handelsakkoord. Handelsakkoorden gaan over het wegnemen van handelsbarrières. Tussen de EU en de VS zijn nog amper tariefmuren.’

Op kleding vanuit Europa moet nog steeds 32 procent invoerrechten worden betaald, op schoenen zelfs 65 procent.
Eickhout: ‘Alles bij elkaar geldt dat voor niet meer dan vier procent van de handelsstromen. Daar is maar heel weinig winst mee te behalen. De bulk van TTIP gaat over het gelijktrekken van regels in Amerika en de Europese Unie. Dat raakt aan een veel fundamentelere kwestie. Jij zegt (Eickhout zet een deftige bromstem op): “De vrijhandel zit de liberalen in de genen,” maar wat betekent dat? Aan de onderhandelingstafel dreigen regels die democratisch zijn vastgesteld te worden prijsgegeven. Zoals veiligheidseisen, normen voor voedselkwaliteit en dierenwelzijn, regels voor het gebruik van chemicaliën, noem maar op.’

Geen moralisme
Eickhout neemt nog een hap van zijn voorgerecht, saumon salé, mariné au poivre de Sichouan. ‘De Amerikanen hebben bijvoorbeeld veel soepeler regels voor vlees van gekloonde dieren en het gebruik van hormonen. Europa heeft gezegd: als niet van tevoren is aangetoond dat het veilig is, gaan we het niet doen. Amerika heeft de neiging nieuwe technologie gewoon toe te staan en pas op te treden als er problemen ontstaan. Door TTIP wordt de druk heel groot om de standaard voor toekomstige regels te verlagen, allemaal voor de vrije markt.’

Van Baalen: ‘Daar ben ik helemaal niet bang voor. In veel opzichten zijn de Amerikaanse regels helemaal niet onveiliger of ongezonder. De Amerikanen hebben alleen andere systemen. Ik ben voor wederzijdse erkenning. Je moet Amerikaanse producten die op een andere manier gemaakt zijn, van een duidelijk label voorzien. Dan kan de consument zelf kiezen.’

Eickhout, geïrriteerd: ‘Sorry, maar dat vind ik echt naïef! Jij denkt dat je alles kunt oplossen met labelen.’

Van Baalen: ‘Ja, ik geloof dat de consument best zelf een keus kan maken.’

Eickhout: ‘Maar wat is je rol nog als politicus?’

Van Baalen: ‘Nou, proberen de vrijhandel zo vrij mogelijk te krijgen. Waar jij dat dus niet wilt. Nederland moet de onderhandelingen in gaan met de koopman op één en de dominee op twee. We moeten er zo zakelijk en praktisch mogelijk mee omgaan, en de onderhandelingen niet belemmeren met moralisme. Jij wilt alles voor de mensen regelen.’

‘Voor mij was die chloorkip alleen maar een krachtig beeld om de discussie op gang te krijgen. Er staat veel meer op het spel.’

Eickhout: ‘Ik wil helemaal niet alles voor de mensen regelen. Kom op Hans. Ik wil gewoon dat we onze eigen eisen kunnen stellen. Dan wil ik het toch weer even over de chloorkip hebben.’

Van Baalen: ‘Ha, zijn we toch weer bij die kip.’

Eickhout: ‘Jij denkt dat je er al bent als je er een sticker op plakt met: pas op, deze kip komt uit Amerika. Maar chloorkip kan goedkoper worden geproduceerd. Het effect zal zijn dat vleesbedrijven in Europa gaan eisen dat de regels ook voor hen zullen worden aangepast. De druk zal enorm zijn om de standaard te verlagen. Dat zie je nu al gebeuren.’

Van Baalen: ‘Er zijn inderdaad veel kippenboeren die zeggen: wij willen ook kippen kunnen chloreren, dat is een veel makkelijker systeem. Maar er is nog altijd de Nederlandse politiek, het kabinet en het parlement, die daar een besluit over nemen.’

Eickhout: ‘Je kan wel zeggen: daar gaat de politiek over, maar er komt dan wel een ongelooflijk zware lobby op gang om de regels aan te passen.’

Van Baalen: ‘Ja maar luister, dat geldt natuurlijk voor alles. Er is altijd druk om te liberaliseren of juist niet. Uiteindelijk is de beslissing aan de politiek.’

Hoe gaat u om met lobbyisten die u benaderen?
Van Baalen: ‘Over TTIP ben ik eigenlijk alleen benaderd door de Amerikaanse ambassade. Bedrijven hebben zich bijna niet gemeld over dit onderwerp.’

Eickhout, schaterend: ‘Ja, ze hoeven jou niet te overtuigen!’

Van Baalen: ‘Dat zou een hele goede reden kunnen zijn.’

Eickhout: ‘Ik probeer met alle lobbyisten te praten. Dat vind ik heel belangrijk. Af en toe hoor ik wonderlijke argumenten. Bijvoorbeeld in de discussie over teerzandolie, die ook met TTIP te maken heeft. Shell kwam een keer uitleggen dat ze met hun investeringen in teerzandolie in Canada eigenlijk bijdroegen aan de wereldvrede. Ze zeiden: als Europa meer olie uit Canada importeert, wordt de vraag naar olie uit het Midden-Oosten kleiner en kunnen de Chinezen meer olie kopen uit Saoedi-Arabië. En daardoor voorkom je dat China te afhankelijk wordt van olie uit Iran en dat die landen nauwe banden met elkaar krijgen. Daarom moeten wij van Shell dus vervuilende teerzandolie importeren.’

Straks bij ons te koop? Foto: Perdue Ultra Imagery/CC/Flickr
Straks bij ons te koop? Foto: Perdue Ultra Imagery/CC/Flickr

Wat vond u van dat argument?
Eickhout: ‘Ik vond het een beetje vergezocht. Maar Hans zal denk ik meteen zeggen: doen!’

Van Baalen: ‘Eerlijk gezegd vind ik het ook een wat gekunsteld verhaal. Waarom zeggen ze niet gewoon: we zien een markt in teerzandolie? Ik zeg wel vaker tegen lobbyisten: wees eerlijk over je belang, dan kan ik dat meewegen. Lobbyisten moeten vooral doen wat ze willen, wij als politici moeten beslissen of we daar onze oren naar laten hangen of niet.’

Het hoofgerecht wordt geserveerd: voor Eickhout het taartje van geitenkaas met Provençaalse groenten, voor Van Baalen de ossenhaas Rossini – mét gebakken ganzenlever.

Eickhout: ‘Het voorbeeld van de teerzandolie laat zien hoe de lobby voor TTIP werkt. In Europa wordt al lang gesproken over een voorstel om teerzandolie strenger te reguleren door de grotere CO2-footprint mee te rekenen. Maar de Raad van ministers blokkeerde het voorstel omdat de lidstaten het niet eens konden worden. Vervolgens moest er een handelsverdrag tussen de EU en Canada komen. Er zijn nog nooit zoveel Canadese gezaghebbers bij mij op kantoor geweest als toen. Uiteindelijk heeft de Commissie de strengere regels voor teerzandolie laten vallen. Het lijkt erop dat ook het vooruitzicht op TTIP op de achtergrond heeft meegespeeld: de Amerikanen wilden ook geen aparte regels voor teerzandolie. Dat is het effect van handelsverdragen: angst om nieuw beleid te maken, omdat het de onderhandelingen in de weg kan zitten.’

Maar als u bij voorbaat nee zegt tegen het verdrag, plaatst u zichzelf buiten de discussie. Dan heeft u ook geen invloed op wat er wel wordt afgesproken.
Eickhout: ‘Misschien komt het verdrag er inderdaad en sta ik aan de verkeerde kant van de geschiedenis. Maar als ik nu kijk naar wat er op tafel ligt voor de onderhandelingen, snap ik echt niet dat er over een totaalpakket moet worden gestemd. Ik ben heus wel bereid te kijken of we op bepaalde terreinen kunnen samenwerken. Zoals met de Jones Act, die Nederlandse scheepvaart tussen Amerikaanse havens verbiedt. Dat is inderdaad iets archaïsch. Zulke dingen kun je ook oplossen zonder één allesomvattend verdrag.’

Van Baalen: ‘Het voordeel van een integrale aanpak is dat je op allerlei terreinen compromissen kunt sluiten. Wij hechter er bijvoorbeeld aan die Jones Act naar het kerkhof te helpen, zij willen graag hun landbouwproducten op onze markt brengen. Het is één grote uitruil. Als je zo’n verdrag in stukjes knipt, komt daar niets van terecht. Jij zegt: het gaat mij te snel en te ver, dus ik wil dat hele verdrag gewoon niet. Ik zeg: ik durf die sprong te maken.

‘Ik hoor wonderlijke argumenten, zoals van Shell. die vindt dat ze met teerzandolie uit canada eigenlijk bijdragen aan de wereldvrede.’

De sociaaldemocraten in Europa maken zich zorgen over de arbeidsomstandigheden omdat het arbeidsrecht in de VS slechter is geregeld. Volgens Agnes Jongerius, Europarlementariër voor de PvdA, dreigen we TTIP ‘ingerommeld’ te worden.
Van Baalen: ‘Dat is negentiende-eeuws denken. We hebben in Europa gekwalificeerde mensen nodig, en die moet je behoorlijk betalen. Ik denk dat we best wat minder cao-gedoe kunnen gebruiken, maar uiteindelijk bepalen we dat zelf, en niet de Amerikanen.’

Eickhout: ‘De arbeidsomstandigheden komen indirect meer onder druk te staan, maar het wordt pas echt een probleem als er vrij verkeer van personen zou komen tussen de VS en de EU. In TTIP gaat het over goederen. Ik vind het dus niet het sterkste argument.’

Multinationals
Een onderdeel van het vrijhandelsverdrag waartegen critici van meerdere partijen al lange tijd ageren, is de zogeheten regulatory cooperation. Bij het huidige ambtelijke vooroverleg voor nieuwe regelgeving zitten vertegenwoordigers van het bedrijfsleven aan tafel. ‘Er zijn geen consumentenorganisaties of ngo’s bij,’ zegt Eickhout. ‘Daardoor hebben de multinationals onevenredig veel invloed op toekomstige wetgeving. Dat is ondemocratisch.’

Van Baalen: ‘Met ambtelijk vooroverleg is niks mis. Dat heb je zelfs in iedere gemeente in Nederland. Maar goed, als je er zo aan hecht zeg ik: als jij instemt met TTIP, stem ik er graag mee in dat ook maatschappelijke organisaties betrokken worden bij het vooroverleg. De milieubeweging, consumentenclubs, vakbonden, van mij mogen ze allemaal aanschuiven.’

Eickhout: ‘En als dat uiteindelijk niet lukt, ga jij dan tegen het verdrag stemmen?’

Van Baalen: ‘Nee, daar vind ik het net niet belangrijk genoeg voor. Maar ik zal je graag helpen als jij mij helpt met TTIP.’

Bulgaarse rechter
Misschien wel het heetste hangijzer in de discussie over TTIP is ISDS: het Investor-State Dispute Settlement. De Amerikanen eisen dat er een privaat arbritragesysteem komt voor het beslechten van conflicten tussen bedrijven en overheden. De advocaten van beide partijen kiezen dan samen een onafhankelijke arbiter. Voordelen voor het bedrijfsleven: de procedures zijn veel sneller en de ondernemingen zijn niet afhankelijk van nationale rechters die in hun ogen wel eens bevooroordeeld kunnen zijn. Eickhout: ‘Dat is niet transparant. En daardoor kunnen Amerikaanse bedrijven straks het Europese rechtssysteem vermijden. Dat moeten we niet willen.’

Van Baalen: ‘Als je een fabriek bouwt in Malawi en de overheid verandert z’n wetgeving zodat jouw fabriek moet sluiten, moet je op een of andere manier gecompenseerd worden. Dat kan via zo’n arbitragesysteem beter worden gegarandeerd dan via de lokale rechter in Malawi. Ik begrijp dat wel.’

‘Het is goed dat marktwerking voorop loopt. Als we gaan wachten tot er een Europees-Amerikaanse regering komt, gebeurt er niets.’

Eickhout: ‘Ja, dat is in Afrika, waar je misschien minder op de kwaliteit van de rechtspraak kunt vertrouwen. Maar bij TTIP gaat het om Europese rechters.’

Van Baalen: ‘De Nederlandse rechter vertrouw ik, en de Duitse ook nog wel. Maar ik wil niet zeggen dat elke Bulgaarse rechter even competent is.’

Eickhout: ‘Dus vanwege de Bulgaarse rechter moet er een mechanisme komen waarbij de Amerikanen het Nederlandse rechtssysteem kunnen omzeilen?’

Van Baalen: ‘Het is een Amerikaanse wens. Van mij hoeft het niet, maar het is ook geen breekpunt. Volgens mij moet je ergens in het midden uitkomen. Ik nodig de Amerikanen van harte uit om eens goed te kijken naar de voorstellen van minister Ploumen en eurocommissaris Malmström voor een onafhankelijk internationaal gerechtshof voor dit soort zaken. Het arbitragesysteem moet in ieder geval transparanter worden gemaakt. Het Amerikaanse Congres moet het Europees Parlement ook iets gunnen. De Amerikanen kunnen niet zeggen: alles wat wij willen, moet worden aangenomen.’

Voor Eickhout is zo’n compromis onbespreekbaar. ‘ISDS is het topje van de ijsberg. TTIP is een gevaar voor de democratie. Door het verdrag wordt macht overgedragen aan het bedrijfsleven ten koste van democratische zeggenschap. Kennelijk hebben we niet veel geleerd van de ontstaansgeschiedenis van de EU. De EU is ontstaan als interne markt, en pas veel later hebben we ingezien dat er een democratisch controlemechanisme moest komen, met meer bevoegdheden voor de Europese Commissie en het Europees Parlement. Nu we nog middenin dat proces zitten, moeten we door TTIP de interne markt opeens enorm vergroten, van Hawai tot Helsinki, terwijl voor de democratische controle trans-Atlantisch helemaal niks geregeld is.’

Van Baalen: ‘Welnee, daar zijn we nog altijd zelf bij. Er is geen Europees-Amerikaanse regering. En die hoeft er ook niet te komen.’

Eickhout: ‘Daar ben ik het dus fundamenteel mee oneens. Dat is echt gelul. Over een jaar of tien ga jij óók zeggen: misschien moeten we toch democratische controle regelen, zoals het ook met de EU is gegaan.’

Van Baalen: ‘Als we hadden gewacht met de Europese interne markt tot er een soort politieke unie was ontstaan, hadden we kunnen wachten tot Sint Juttemis.’

Eickhout: ‘Dus voor jou is democratie een sluitpost?’

Van Baalen: ‘Nee, dat is niet waar. Er zal meer politieke afstemming komen. Maar het is goed dat marktwerking voorop loopt. Ik zeg: als we gaan wachten tot er een Europees-Amerikaanse regering komt, gebeurt er helemaal niks.’

Het Europees Parlement werkt nu aan een resolutie waarin wordt vastgesteld waaraan TTIP moet voldoen. Wat moet er volgens u in die resolutie komen te staan?
Van Baalen: ‘Dat het verdrag er binnen vier jaar moet zijn, voor de volgende Europese Verkiezingen, zodat het huidige parlement het kan goedkeuren. En je zou erin kunnen zetten dat het ISDS-mechanisme dat de Amerikanen willen, vervangen kan worden door bijvoorbeeld een onafhankelijk gerechtshof.’

Eickhout: ‘Maar eigenlijk vind jij die resolutie helemaal niet nodig.’

Van Baalen: ‘Inderdaad. Er moet zonder taboes onderhandeld worden, en dan mag het parlement oordelen.’

Eickhout: ‘Wat mij betreft moet er in die resolutie staan dat een aantal zaken uitgesloten wordt van de onderhandelingen, zoals voedselveiligheid. Daar zijn de verschillen tussen de EU en de VS te groot. Hetzelfde geldt voor het gebruik van chemicaliën. En het Europees Parlement moet duidelijk maken dat er voor een privaat arbitragemechanisme als ISDS geen plaats is in het verdrag.’

Van Baalen: ‘Dan hou je niks over. Dan kun je beter nu al nee zeggen. O wacht, dat heb je eigenlijk al gedaan.’

Samenwerking
Als de koffie op tafel komt – met Poire Williams, brandewijn uit de Elzas – beklagen beiden zich erover dat ze zo weinig contact hebben met het Amerikaanse Congres. Van Baalen: ‘Als we daar met een delegatie zijn, worden we ontvangen door het Congreslid van dienst. Die zegt dan: “Ik weet niks van internationale toestanden, ik kom uit Idaho. U bent hartstikke welkom, maar ik moet nu weer gaan.” En dan moet je het gesprek voeren met een of andere medewerker.’

Eickhout: ‘Senatoren spreek je nog minder.’

Van Baalen: ‘En Congresleden en senatoren komen al helemaal nooit naar Brussel. Daarom zeg ik: de onderhandelingen over TTIP zijn een mooie aanleiding om met de Amerikanen af te spreken dat relevante commissies van het Europarlement en het Amerikaanse Congres ieder half jaar bij elkaar komen. We moeten investeren in de trans-Atlantische samenwerking.’

Eickhout: ‘Als TTIP er dan toch zou komen, dan zouden we dit soort stappen als eerste moeten zetten. Dat zou ik dan wel een heel belangrijk onderdeel vinden.’

Van Baalen: ‘That’s a deal. We zijn eruit!’