Vrouwen zijn van oudsher veel minder crimineel en gewelddadig dan mannen. Dat verschil tussen de seksen is enorm, en houdt nog altijd stand. Toch tekent zich de laatste decennia een nieuw verschijnsel af: terwijl het algehele criminaliteitscijfer daalt, maken vrouwen een gestage maar overduidelijke opmars in de criminaliteit. Er doemen meer vrouwen op aan de top van misdaadorganisaties en een groeiende groep jonge meiden raakt betrokken bij criminaliteit en schuwt geen geweld.
Waarom zouden vrouwen eigenlijk ook minder misdadig zijn? De algemene opvatting daarover luidt: vrouwen hebben van nature minder agressie in zich; ze zijn gericht op verbinding, gericht op hun kinderen, die ze een veilige omgeving willen bieden waar heftig gedrag niet welkom is; en vrouwen worden door de omgeving bestraft als ze ‘mannelijk’ gedrag vertonen. Deze argumentatie komt rechtstreeks uit de volksmond, maar is in mooie volzinnen en cijfers altijd bevestigd door wetenschappelijk onderzoek. Mannen en vrouwen verschillen in hun emotionele huishouding en het gedrag dat daaruit voortkomt. Ook de mate waarin ze woede en agressie ervaren, is anders. Daar komt bij dat ze door hun omgeving heel anders worden behandeld. Meisjes worden beloond voor braaf spelen met een pop, jongens voor ravotten. Dat werk. Een meisje dat agressie toont, wordt als een gedrocht bekeken.
Behoefte aan cocoonen
Het leuke van deze tijd is dat we verregaand kunnen ingrijpen in het geslacht van mensen. Zo doen we nieuwe kennis op over het effect van hormonen en kunnen we nagaan of iets aanleg is of aangeleerd.
Om een beetje een goeie crimineel te worden, kun je niet thuis blijven zitten en de boel gezellig maken.
Weleens met een transgender gesproken? ‘Ineens kreeg ik een enorme behoefte aan cocoonen,’ werd me eens verteld door een vrouw die vroeger man was. We zaten op een terras in Voorburg en kenden elkaar net een uurtje als nieuwe collega’s. Om haar transitie mogelijk te maken, slikte ze hormonen. ‘Alles veranderde. Daar waar ik eerst de wereld in wilde trekken en mijn bedrijf steeds groter wilde maken, had ik ineens helemaal geen zin meer om te reizen. Ik wilde thuis zijn, de boel gezellig maken, vrienden om me heen.’
Om een beetje een goeie crimineel te worden, kun je niet thuis blijven zitten en de boel gezellig maken. Om maar te zeggen: hormonen spelen een rol in de vorming van de misdadiger.
Bed-bad-bitch
De opbouw van een misdaadcarrière begint doorgaans als parttimer met wat kruimelwerk en een uitschieter naar een inbraak. Voor veel jongens eindigt dat als ze midden twintig zijn en tegen een leuk meisje aan lopen: bed-bad-bitch, en de lul is van de straat.
De jongens die ontdekken dat criminaliteit ze in het bloed zit, gaan over tot een fulltimebaan en bouwen aan een netwerk en een specialisatie – diefstal, inbraak, ontvoering, moord.
Een heel ander soort crimineel is de klootzak die zich niet kan beheersen. Die slaat iemand niet in elkaar om er geld aan te verdienen, maar omdat hij beledigd is. Hij moordt per ongeluk, omdat hij dronken was, en bovendien rancuneus omdat z’n broer het met z’n vrouw had gedaan.
Wie tijdens een overval een pistool op de juweliersvrouw zet en denkt: goh, wat een lief vrouwtje, die moet zich laten omscholen.
Deze diverse types hebben een aantal typisch mannelijke eigenschappen gemeen. Ze hebben zin om erop uit te gaan, zin om te jagen. Ze zijn agressief, roekeloos en kunnen goed tegen de onzekere uitkomst van hun gedrag. Ze hebben een hang naar spanning en kunnen daarmee omgaan. Bewijsdrang naar andere mannen speelt een grote rol. En ze zijn in staat andere mensen te ontmenselijken, ze te haten op afroep. Wie tijdens een overval een pistool op de juweliersvrouw zet en denkt: goh, wat een lief vrouwtje, die moet zich laten omscholen.
In het vizier van de Russische vrouw
Agressie, roekeloosheid, ontmenselijking, haat: niet de typische eigenschappen van een meisje. Meisjes letten op de gevoelens van een ander en reageren daarop. Wie echt bezig is met kijken naar een ander mens kan een ander minder makkelijk lichamelijk pijn doen, en daar moet je als crimineel altijd toe bereid zijn.
Om een vrouw bereid te vinden een ander lichamelijk letsel toe te brengen, moet je haar tot het uiterste drijven. Er moet meer op het spel staan dan geldelijke winst.
Vraag het de Russen, die weten waar hun vrouwen toe in staat zijn. Oorlog is nooit ver weg in Rusland, en vrouwen hebben daarin altijd een rol gespeeld. Dikwijls de rol die we kennen – verpleging, koken, prostitutie – maar ook legertaken als dat moest. Tijdens de Tweede Wereldoorlog ontstond een groot tekort aan mannen. Een miljoen Russinnen vocht mee. Een deel van hen werd opgeleid tot sluipschutter, en schamper ontvangen door hun bataljon. Tot ze aan de slag gingen. Iedere Duitser die in het vizier van de Russische vrouw en haar geweer kwam, was kansloos.
Raak vrouwen in hun diepste bezit – hun land, hun kind, hun ouders, hun man – dan ontwaakt er geduchte wraaklust die heel precies wordt uitgevoerd.
In het prachtige De oorlog heeft geen vrouwengezicht van Nobelprijswinnaar Svetlana Alexijevitsj vertelt een van deze vrouwen dat ze in het leger besloot te gaan nadat de Duitsers haar moeder en zusje op de brandstapel hadden gezet: ‘Krijgsgevangenen namen we mee naar ons onderdeel. Ze werden niet gefusilleerd, die dood was te licht, we staken ze met spiesen, als varkens, en hakten ze in stukken.’
Dat krijg je ervan. Raak vrouwen in hun diepste bezit (hun land, hun kind, hun ouders, hun man), dan ontwaakt er geduchte wraaklust die heel precies wordt uitgevoerd.
Na het slachten zochten de dames elkaar weer op en fatsoeneerden ze hun nagels en haren. De ontberingen op het slagveld daargelaten, ze bleven vrouw.
Een hij-of-ik-moment
Juist uit oorlogsverhalen blijkt duidelijk het verschil tussen mannen en vrouwen in de aanloop naar geweld. Mannen stappen zo een oorlog in, dat zien ze als heroïsch. Vrouwen verbinden oorlog aan dood en ellende.
Een vrouw zal haar woede langzaam opbouwen en uiteindelijk omzetten in een actieplan.
Dit verschil kun je vertalen naar crimineel gedrag. Daar waar mannen van het ene op het andere moment kunnen overgaan tot actie, moet een vrouw zichzelf overreden. Een man kan in een vlaag van onvoorstelbare woede een ander naar de strot vliegen en doden. Een vrouw zal haar woede langzaam opbouwen. Ze zal van alles doen om de woede te kalmeren, om die uit te bannen. Jaren kan ze daarmee bezig zijn. Maar als dan eindelijk is besloten dat het genoeg is, is de reactie ook een uitgekookte. De woede wordt omgezet in een actieplan, waarbij aan alles is gedacht.
Vandaar ook dat vrouwen die eenmaal iemand willen vermoorden daar doorgaans uitstekend in slagen. Layla, een kleine vrouw van veertig, vertelt daarover in het boek Vrouwen achter tralies van Hugo Arlman en John Peters: ‘Een moeilijke relatie had ik met de vader van mijn twee kinderen (…) Uitschelden, slaan, schoppen, schreeuwen, haren trekken. Alles eigenlijk. Op een gegeven moment was de relatie zo slecht. Na al die jaren was het uitgelopen op een “hij-of-ik-moment”. (…) In papieren van het dossier las ik dat het vier keer was dat ik geschoten heb.’
Beloond
Vrouwen kunnen zichzelf dus aanzetten tot misdadige handelingen, maar nog altijd zijn ze er niet dol op. De vraag blijft: waarom die stijging?
Omdat – en is dat geluk of pech? – aanleg zich na geboorte en jeugd nog heel flexibel kan ontwikkelen. Eeuwenlang zijn zogeheten typisch vrouwelijke eigenschappen gecultiveerd in de opvoeding en de maatschappij. Een lief meisje werd altijd beloond voor haar lief zijn. Maar wat gebeurt er met lief zijn als je er niet voor wordt beloond? Als je om je heen ziet dat vrouwen status en financiële macht bereiken door juist niet lief te zijn?
Want het zal niemand zijn ontgaan: vrouwen zijn opeens overal waar eerst (bijna) alleen mannen waren. In de top van het bedrijfsleven, als minister of leider van een land, als chauffeur, als nieuwslezer, als metselaar. Ze zijn de huiskamer uit gekomen en op pad gegaan. En ze stellen zich vragen. Waarom is de man dominant? Wat geeft hem dat recht? Waarom is de man het uitgangspunt, het beginpunt en het referentiekader? De vanzelfsprekende dominantie van de man wordt niet langer geaccepteerd.
In actie
Natuurlijk, eeuwen in de achterkamer zitten poets je niet in een paar decennia weg, en er zijn nog weinig vrouwenschouders voor andere vrouwen om op te staan. Maar #MeToo heeft een versnelling aangebracht in dit proces. Aangerande of verkrachte vrouwen komen nu sneller in actie. Ze doen aangifte, ze zetten hun ervaringen online en kunnen dankzij nieuwe technologische mogelijkheden soms zelf de dader opsporen als de politie ze in de steek laat.
Zoals Sylvia Veld, die in oktober 2016 in de bosjes werd verkracht en bijna gewurgd. Ze wist te ontkomen en ging naar de politie, waar ze te horen kreeg dat op aangifte voor verkrachting twee weken bedenktijd staat. Ze besloot zelf achter haar aanvaller aan te aan te gaan. Hij had haar telefoon gestolen, die kon ze via de computer lokaliseren. Ze ontdekte dat de dader een dating-app gebruikte op haar telefoon. Ze maakte een nep-profiel aan, maakte een afspraak met hem en wist zo het adres van de man te achterhalen. Ook ontdekte ze foto’s van de man die bewijzen dat hij op de avond van de verkrachting in het dorp en het café was waar zij ook was. Toen pas kwam de politie in actie. De man werd gearresteerd en is inmiddels veroordeeld.
Klaar met lief zijn
Het publiek gaat ook niet meer akkoord met willoos slachtofferschap. Daar waar vrouwen eerst in het belang van de gemeenschap, de familie en zichzelf hun mond hielden als hun iets overkwam, kunnen zij nu naar buiten treden zonder met pek en veren te worden besmeurd. Wat heet, ze worden ervoor beloond. Vrouwen krijgen steeds vaker de publieke opinie mee als ze zich krachtig, stoer of moedig gedragen. Hoe groter die beloning is, hoe meer het zich zal verankeren in het gedrag en in de emotionele huishouding van vrouwen. Jonge meisjes zien andere rolmodellen dan vroeger. Zij worden nu van jongs af aan gestimuleerd om zich als stevige persoonlijkheden te ontwikkelen en geacht voor zichzelf te zorgen en op te komen. Klaar met lief zijn, met de prooi zijn van een man, van een familie of een cultuur.
Maar wie geen prooi is, die is?
Juist: jager!
Spijkerharde kopstoot
Er is nog een onmetelijk groot teken aan de wand, een niet te onderschatten voorspeller van de toekomst: fictie. Daarin worden we voorgemasseerd voor wat komt; worden maatschappelijke veranderingen aangejaagd; zien we de weg vrij voor een nieuwe werkelijkheid.
Het is dan ook vermakelijk om te kijken hoe vrouwen in oude films zich gedragen. Het was vroeger voor een vrouw volstrekt normaal om zich gillend (lees: hysterisch) op een bed te werpen als de man zich doof hield voor haar – wie dat nu doet, wordt afgevoerd naar een kliniek. Ook de continue zwakte van de vrouw in oude films – in de vorm van ziekte, koude, krachteloosheid, onbenul – komt nu allemaal erg overdreven over.
Hoe anders is dan personage Carrie Mathison, die in de serie Homeland (seizoen 7, aflevering 2) haar geduld verliest als een gast haar chanteert en wil verkrachten. Terwijl hij achter haar staat, deelt zij plots een spijkerharde achterwaartse kopstoot uit. Daarna pakt ze haar wapenstok en slaat ze razend op hem in. ‘Unlock my computer, or I will fucking kill you,’ schreeuwt ze.
Voorspelling
Vijf thrillers las ik afgelopen week. In vier daarvan is de hoofdrol weggelegd voor een vrouw die ofwel onverschrokken te werk gaat, ofwel er via gutsend bloed, slingerende ledematen en bungelende lijken achter komt dat ze best veel kan hebben – en vervolgens zelf op pad gaat als jager.
Vrouwen gedragen zich anders dan een eeuw geleden. Dit maakt de weg vrij om mee te doen in domeinen die ooit voorbehouden waren aan mannen. Waarom zou dat niet doorzetten in de criminaliteit?
We zijn klaar voor een voorspelling. Vrouwen gedragen zich heel anders dan een eeuw geleden. Ze leren nieuw gedrag aan, waardoor ze zich ook anders gaan voelen en zich anders verhouden tot hun omgeving. Dit maakt de weg vrij om mee te doen in domeinen die ooit voorbehouden waren aan mannen. Dat proces is ingezet en zet door. Waarom zou dat niet doorzetten in de criminaliteit?
Als we de fictie mogen geloven (en dat doe ik);
Als vrouwen ophouden met die parttime baantjes van ze – crimineel ben je namelijk fulltime;
Als de daling van het aantal criminele mannen doorzet;
Als vrouwen steeds vaker financieel onafhankelijk willen zijn;
Als vrouwen elkaar blijven steunen in onafhankelijk gedrag;
Als het vrouwenvoetbal exemplarisch is;
Als vrouwen het allemaal niet langer pikken, om het even wat, gewoon niet meer pikken;
Dan komen er meer, steeds meer gevaarlijke vrouwen.
Over de auteur
Justine le Clercq is romanschrijver, hosselaar, bestuursvoorzitter van bordeel My Red Light, ex-crimineel en docent sociale wetenschappen. Haar laatste roman, Krimp, is geïnspireerd op Elise S., die eind 2014 rovend met haar geliefde door Nederland en Duitsland trok. Justine heeft vroeger ook zoiets gedaan.
Fotografie Lonneke van der Palen
Styling Mary-Lou Berkulin
Manicure Frédérique Olthuis
Model Beatriz Collin
Met dank aan Marie Godt
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.