Het gesprek van de dag volgens de redactie. Met vandaag: Yuri van Gelder heeft zich misdragen en moet weg. Maar wat dééd hij nou precies?

Het is in retrospectief misschien wel het hoogtepunt van elke schoolreis. Waar een groep vierdeklassers ook heen gaat, naar Rome, Berlijn, Barcelona of Texel, altijd presteert minstens één scholier het om vroegtijdig naar huis te worden gestuurd. Een jointje in de afwasruimte, een fles Blue Curacao in de wc of twee lichamen in één slaapzak. Zonder schorsing is de klassenreis simpelweg niet af.

Hoe zou Yuri van Gelder vannacht door chef de schoolklas Maurits Hendriks toegesproken zijn? Zou de voor schoolreisjes zo kenmerkende drive of shame hebben plaatsgevonden, achterop de autobank, in stilte, alleen onderbroken voor wat ongemakkelijke platitudes. ‘Dit is zo onnodig.’ ‘Ik vind dit zelf ook niet leuk.’

Tegen de pers zei Hendriks alleen dat het een ‘zeer moeilijke beslissing’ was en het ‘vreselijk’ te vinden voor Yuri. Maar ja: zijn gedrag is ‘ontoelaatbaar’. Maar wat dat is? Persoonlijk denk ik bij zulke termen direct terug aan de Rome-reis, toen een groepje klasgenoten er ’s nachts toe over was gegaan een houten strandhuisje tot kampvuur te verbouwen en ze uiteindelijk door de carabinieri uit de bus werden gehaald. Dát was ontoelaatbaar gedrag. En bij die twee boksers die zich aan Braziliaanse vrouwen hebben vergrepen is het ook duidelijk: opsluiten en het liefst een zo lang mogelijke walk of shame.

Advertentie

Advertentie

Maar Yuri ging gewoon voor een drankje met zijn eigen geliefde.

‘Het weerzien met zijn vriendin had de turner met alcohol besprenkeld,’ dichtte de NRC vanochtend, alsof de heilige Dionysos in Yuri was neergedaald. Hij heeft zich misdragen, koppen de kranten, alsof een volwassen man die na een lang bevochten overwinning een pilsje drinkt met zijn vriendin zich tot Project X-achtige toestanden heeft verlaagd. Het gaat om onze kernwaarden, benadrukt de directeur van de gymnastiekunie. Onze manier van leven, zou Rutte zeggen. Hier toont zich toch onze calvinistische aard, de liefde voor ‘regels zijn regels’, het land van matig- en ingetogenheid, het tuttut en ‘zou je dat nou wel doen.’

Het land waar Heineken als hoofdsponsor van de winnaarstent dagelijks op staatstelevisie urenlang gratis reclame mag maken en waar zelfs de koning bier drinken met absolutistische staatshoofden ziet als diplomatiek smeermiddel.

Dat het Yuri is maakt het nog net iets wranger. Afgelopen jaar konden we overal lezen en zien hoe zijn terugtocht naar de top eruit had gezien. ‘Hij is tot op het bot gemotiveerd. Hij doet het voor die olympische droom van hem,’ vertelde zijn coach aan De Volkskrant. In Holland Sport zagen we in zacht licht en onder rustiek gitaargepingel Yuri trainen voor zijn comeback. Het narratief van de gevallen held die opstaat kreeg je bijna niet mooier.

Maar nu is hij vlak voor de finish dan toch weer gestruikeld, en verkneukelt men zich op social media alweer over #lordofthedrinks. Nobody likes an Icarus, met zijn pretentieuze vleugels die er wel af móeten vallen. Liever hebben we de zoete blonde lokken van Epke, of de discipline van Dafne. Of de wielrenner die zich openlijk tot moraalridder van zijn eigen dorp ontpopt.

Maar misschien hoort u, net als ondergetekende, liever bij de misdragers, bij de fêteurs en de liederlijken. Dan huilt u vandaag ook een beetje om Yuri. Omdat we hem allemaal hadden kunnen zijn. Omdat we hem allemaal ooit waren, in het afwashok, met die fles Blue Curacao.