Deze column is met dank aan Blendle ook te beluisteren.

Terwijl de Kamer al maanden praat over de ellende die de toeslagenaffaire en de gasboringen in Groningen hebben aangericht, over het geschonden vertrouwen in de overheid en over de noodzaak van een ‘nieuwe bestuurscultuur’, is er nog steeds geen enkel zicht op concrete maatregelen om zulke ellende in de toekomst te voorkomen.

Tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen zette Pieter Omtzigt de lege beloften van het demissionaire kabinet nog even fijntjes op een rij: een onafhankelijk meldpunt voor misstanden, een regeringscommissaris voor de informatiehuishouding, een staatscommissie voor het repareren van de rechtsstaat: er is nog vrijwel niets aan gedaan, ondanks de ‘radicale ideeën’ die Mark Rutte in het voorjaar aankondigde.

Het uitblijven van concrete maatregelen valt natuurlijk in de eerste plaats het demissionaire kabinet aan te rekenen, maar de Kamer zou ook bij zichzelf te rade mogen gaan. Want tijdens het belangrijkste politieke debat van het jaar werd ook door de oppositiepartijen bijna met geen woord gerept over de uitvoeringsorganisaties, terwijl juist daar een groot deel van de problemen is ontstaan.

Zoals De Groene Amsterdammer laatst grondig uit de doeken deed, werden uitvoeringsorganisaties als de Belastingdienst, het CBR en het UWV de afgelopen jaren eerst uitgekleed door honderden miljoenen aan bezuinigingen, ten koste van de publieke dienstverlening, en vervolgens door de politiek opgezadeld met een lappendeken aan nieuw beleid. Geen wonder dat de uitvoering van de toeslagen bij de Belastingdienst een puinhoop werd en dat de verouderde IT-systemen en het personeelstekort bij het CBR en het UWV de afgelopen jaren leidden tot chaos en eindeloze vertraging, met tanend vertrouwen in de overheid tot gevolg.

Dat raakt aan een fundamenteel probleem waar al decennia in talloze rapporten op wordt gewezen: de Tweede Kamer richt zich voortdurend met grote gretigheid op nieuw beleid, maar vertoont geen enkele interesse in de uitvoering, want daar is op de korte baan geen eer mee in te leggen. Pas als er misstanden in het nieuws komen, springt de Kamer erbovenop, en worden de uitvoeringsorganisaties opgezadeld met nóg meer nieuw beleid als lapmiddel – terwijl aan de structurele problemen niets wordt gedaan.

En zo gaat het nu dus weer: terwijl de Kamer al maanden om goede redenen moord en brand schreeuwt over de misstanden bij de uitvoering blijven fundamentele oplossingen buiten beeld.

ruimte voor maatwerk

Geen wonder dat een reeks uitvoeringsorganisaties – waaronder de Belastingdienst, het UWV, het CBR en DUO – vorige week een brandbrief stuurde aan informateur Johan Remkes. De oproep: haal de expertise van de uitvoering aan tafel bij de formatie, zorg voor voldoende tijd en geld om in achterstallig onderhoud te investeren, vereenvoudig de regels en maak ruimte voor maatwerk.

Zoals is gebleken in de toeslagenaffaire kan de wet onvoorzien hard uitpakken voor burgers. Daarom zouden de uitvoeringsorganisaties de ruimte moeten krijgen, luidt het dringende advies, om in voorkomende gevallen van de regels af te wijken, met gevoel voor de menselijke maat.

Onder de ondertekenaars: voormalig D66-leider Alexander Pechtold, tegenwoordig algemeen directeur van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen, waar hij in november 2019 werd aangesteld om puin te ruimen en de eindeloze wachtlijsten weg te werken.

‘We denken iets briljants te hebben verzonnen aan de coalitietafel, maar hoe het uitgevoerd moet worden en hoeveel mensen daarvoor nodig zijn, we hebben geen idee.’

In De Groene en vervolgens deze week bij Op1 legde Pechtold de vinger op de zere plek. In zijn eerste weken bij het CBR ontdekte hij al hoe kwalijk politieke bemoeienis bij de uitvoering kan uitpakken, toen een ondoordachte Kamermotie (‘Een tariefstijging bij een organisatie met zoveel problemen is toch niet te verantwoorden, mevrouw de voorzitter?’) een gat van een half miljoen in zijn begroting sloeg.

Pechtold verwijt zichzelf achteraf dat hij tijdens zijn dertien jaar als Kamerlid aan de ondoordachte plannenmakerij heeft meegedaan. Zo stemde ook hij in met het stallen van de toeslagen bij de Belastingdienst, met de grootste uitvoeringsramp in de geschiedenis tot gevolg: ‘We denken iets briljants te hebben verzonnen aan de coalitietafel, maar hoe het uitgevoerd moet worden en hoeveel mensen daarvoor nodig zijn, we hebben geen idee.’

Nog een sprekend voorbeeld: het wekelijkse Vragenuurtje op dinsdag, waar Kamerleden elkaar verdringen om bewindslieden op de grill te leggen naar aanleiding van de actualiteit, vaak met rampzalige gevolgen voor de uitvoering. Dan is er iemand in een verzorgingstehuis in Twente uit een bed gevallen, en volgt er een motie die oproept de hoogte van alle bedhekken te controleren en certificeren. ‘Maar een incident is soms gewoon een incident,’ stelt Pechtold. ‘We moeten ongeluk leren accepteren.’

Dat lijkt me een wijze les. Nu maar hopen dat de Kamer er ook naar luistert.