Een nieuwe Grote Vraag! Wij vroegen kenners, liefhebbers en professionals naar ’s werelds beste bouwwerk.

John Körmeling, beeldend kunstenaar en architect

‘De zweeftrein in Wuppertal van ingenieur Eugen Langen is sinds heel lang het beste bouwwerk. Het is een gebouwde uitvinding. De zweeftrein is een genot om te zien en een feest om in te zitten. Een spectaculaire staalconstructie, zwierend boven de straten en de rivier. Het is ons favoriete gezinsuitje.’

De zweeftrein in Wuppertal

Eric Moormann, professor klassieke archeologie, Radboud Universiteit

‘Het Pantheon in Rome uit de tijd van keizer Hadrianus (117-138) roept bewondering op. De koepel van ruim 43 meter doorsnee, met in het midden een ronde opening, heeft niet voor niets vanaf de late vijftiende eeuw talloze architecten geïnspireerd. De per uur en weertype veranderende lichtinval − er is behalve dat ronde gat en de deur geen lichtbron − bezorgen telkens een nieuwe sensatie.’

Ben van Berkel, Founder/Principal Architect UNStudio

‘De Keizerlijke Katsura Villa in Kyoto uit de zeventiende eeuw werd door de Duitse architect Bruno Taut (1880-1938), die drie boeken schreef over Japanse architectuur, gezien als de basis van de moderne architectuur. In de Katsura Villa gaan architectuur en landschap naadloos in elkaar over. In de organisatie, het gebruik van licht en de met de hand vervaardigde materialen zijn er rituelen vormgegeven voor een gezonde en evenwichtige levensstijl. Voor mij is dit architectuur als pure harmonie. Een bezoek aan deze villa toen ik 21 was inspireerde me om architect te worden.’

Het Pantheon
Koen van Velsen, architect van het jaar 2016, voor-malig Rijksbouwmeester

‘het Zwitserse Therme Vals, ontworpen door architect Peter Zumthor. Daar onderging ik een complete zintuiglijke ervaring zoals ik die nog niet kende. Het is ook nog een complex van geweldige schoonheid.’

Nathalie de Vries, partner architectenbureau MVRDV, voorzitter Branchevereniging Nederlandse Architectenbureaus

‘Het SESC Pompeia in São Paulo (1982) is een door Lina Bo Bardi tot buurt- en cultuurcentrum getransformeerd fabriekscomplex met een aaneenschakeling van zalen voor cultuur en sport, ontmoetingsruimtes en hangplekken. Water stroomt door oude hallen, een afwisseling van echte en glazen dakpannen zorgt voor diffuus licht, hoge betonnen torens met een wirwar van bruggen bevatten een stapeling van sportvelden. Op een houten boardwalk tussen de gebouwen liggen mensen te zonnen. Alle steden verdienen zo’n project.’

Het SESC Pompeia in São Paolo
René de Borst, professor civiele techiek, University of Sheffield

‘De stormvloedkering van de Oosterschelde, vanwege de schaal van het bouwwerk en de grote reeks van innovaties – variërend van probabilistische ontwerpmethoden (rekening houdend met risico’s en onzekerheden) tot nieuwe rekentechnieken – die nodig waren om dit kunstwerk te realiseren dat bevolking én ecosysteem beschermt.’

Dirk de Vries, professor bouwhistorie & erfgoed, Universiteit Leiden

‘De kap op het Sint Janshospitaal in Brugge is uitzonderlijk en dateert van 1234. De 12,6 meter brede spantconstructie is de oudste met schoren (schuin geplaatste balken) en flieringen (horizontale draaghouten). Het is gotiek vertaald in hout. Sindsdien staan op alle zolders van traditioneel gebouwde pandjes soortgelijke spantjes.’

De Oosterscheldekering
Roberto Meyer, founder MVSA Architects

‘Council House 2 in Melbourne, al vind ik het geen mooi gebouw. Maar het gedachtengoed erachter is ontzettend actueel. Architect Mick Pearce heeft een integraal duurzaam bouwwerk neergezet waarbij hij principes uit de natuur gebruikte. Zo liet hij zich inspireren door de manier waarop in een termietenheuvel warmte wordt weggefilterd. Het pand bevordert bewustzijn van de leefomgeving en innoveert op basis van de natuur, daar staan wij als bureau ook voor.’

Liesbeth van der Pol, mede-eigenaar Dok architecten, voormalig Rijksbouwmeester

‘Het beste bouwwerk ligt op de tekentafel. Architecten zijn altijd bezig om het beste gebouw ooit te gaan maken. Beeldschone bouwwerken zijn er volop, maar in schoonheid mét duurzaamheid, flexibiliteit en functionaliteit is de top nog lang niet bereikt. Het gebouw met de perfecte combinatie van innerlijke en uiterlijke schoonheid gaat dus nog worden neergezet.’