Het bericht dat acht Nederlandse jihadisten door IS zijn geëxecuteerd klinkt waanzinnig en wordt alweer weersproken. Maar toch zijn nogal wat details verre van ongeloofwaardig.
Een ‘band of brothers’ noemden ze zichzelf. ‘Kogel vangen voor je mattie omdat je zelf martelaar wilt worden,’ aldus de later vermoedelijk omgekomen Soufiane Zerguit op twitter bij een foto van hemzelf en een groep andere Nederlandse IS-strijders met Kalasjnikovs in de aanslag. Het is het soort broederschap dat bij oorlog schijnt te horen, ook in een gruwelijk conflict als dat in Syrië.
Gisteren verspreidden de anti-IS activisten van Raqqa is Being Slaughtered Silently (RBSS) het tot dusver onbevestigde bericht dat het kalifaat afgelopen vrijdag acht Nederlandse IS-strijders heeft geëxecuteerd. Het is een waanzinnig verhaal waar ook de term broederschap op van toepassing lijkt te zijn. Het draait om een tot voor kort sluimerend conflict binnen de terreurbeweging, tussen de leiding en een groep van vijfenzeventig voornamelijk Nederlands-Marokkaanse strijders die een tamelijk geïsoleerde basis had opgetrokken in een manege in Al Furusiyya, bij ‘hoofdstad’ Raqqa. Zij zouden zich door Iraakse IS-commandanten achtergesteld hebben gevoeld bij andere strijders.
De situatie escaleerde toen een patrouille van IS-veiligheidstroepen de basis bezocht en een jonge strijder arresteerde die terug naar huis zou willen. Samen met twee anderen werd hij hardhandig ondervraagd, waarbij een van de mannen zou zijn doodgeslagen. Toen de Nederlanders bij de gevangenis verhaal gingen halen, brak een vuurgevecht uit. Vervolgens zou een bemiddelaar van het hoofdkwartier door de Nederlanders zijn omgebracht. En omdat niemand wilde zeggen wie dat had gedaan, werd de gehele brigade door veiligheidstroepen van de IS-leiding overmeesterd en achter de tralies gezet. Van die groep zouden vrijdag dus acht mannen in het dorpje Maadan zijn geëxecuteerd.
Het verhaal komt uit één bron en wordt door andere bronnen inmiddels tegengesproken. Toch zijn veel details van het verhaal niet volstrekt ongeloofwaardig. Uit eerdere berichten was al duidelijk dat uit Nederland afkomstige strijders de neiging vertonen bij elkaar te klitten. Zo vertelde de Belgische terugkeerder Jejoen Bontinck over een huis dat hij bezocht waar allemaal Nederlanders woonden. Maar ook het gevoel van achterstelling ten opzichte van lokale strijders werd eerder verwoord. Zo hekelde de in december bij verstek tot zes jaar veroordeelde Anis Z. de vriendjespolitiek onder de vlag van IS, zo bleek uit afgeluisterde telefoongesprekken. En dat er in Raqqa massale executies plaatsvinden, is alom bekend. De eveneens tot zes jaar veroordeelde Hatim R. plaatste foto’s van kruisigingen in de hoofdstad van het kalifaat op twitter.
Inlichtingendienst AIVD publiceerde in januari een schets van het leven in het kalifaat onder de titel ‘Leven bij ISIS, de mythe ontrafeld’. Daarin spreekt ook de AIVD van toenemende onrust en ontevredenheid onder strijders, paranoia bij de IS-leiding en een steeds grotere rol van het veiligheidsapparaat dat naar hartenlust martelt bij aanwijzingen voor desertie.
Maar wat in het verhaal wel verbazing wekt zijn de aantallen. Afgaande op de laatste officiële cijfers van terrorismecoördinator NCTV bevinden zich nog zo’n 140 Nederlanders in de strijdgebieden, inclusief vrouwen. Daarvan zou nu dus meer dan de helft gevangen zijn gezet of zelfs geëxecuteerd. Dat lijkt heel veel. En als het echt allemaal waar is, zal dat niet best zijn voor de moraal van de overgebleven strijders. Om maar niet te spreken van de moraal van de degenen die nog plannen maken om naar Syrië te vertrekken – elke maand ondernemen nog vijf Nederlanders de reis.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.