Opmerkelijk: tal van klinkende namen scharen zich achter de oproep om energiebedrijven Eneco en Delta niet te splitsen.

‘Laat Nederlandse bedrijven werken aan een duurzamer Nederland’ kopt de paginagrote advertentie vandaag in diverse ochtendkranten. De namen die erbij staan liegen er niet om: burgemeester Aboutaleb van Rotterdam, ondernemer Ben Verwaayen, oud-minister Willem Vermeend. Maar ook de crème de la crème van duurzaam Nederland: Greenpeace-directeur Sylvia Borren, Maurits Groen van WakaWaka en Urgenda-voortrekster Marjan Minnesma.

Vanavond debatteert de Tweede Kamer over een nieuwe overkoepelende gas- en elektriciteitswet. De ondertekenaars willen dat de splitsing van de regionale energiebedrijven Eneco (oorspronkelijk Rotterdam en omgeving) en Delta (Zeeland) in een energieleverancier en een regionaal kabelnetwerk niet doorgaat. Want, zeggen ze, ongesplitst investeerden die bedrijven afgelopen vijf jaar 1,6 miljard euro in duurzame energie. Bovendien leveren ze veel werkgelegenheid op.

Toch is het merkwaardig dat dit protest zoveel weerklank vindt en vanavond in de Kamer ongetwijfeld veel aandacht zal krijgen. De gedwongen splitsing van energiebedrijven is een gevolg van de liberaliseringen uit de jaren negentig. En ooit was die splitsing juist bedoeld om risicovolle commerciële avonturen van bedrijven die noodzakelijke infrastructuur leveren tegen te gaan. Als energiebedrijven gingen concurreren, moesten de stroomkabels onafhankelijk zijn. Concurrenten van Eneco zoals Nuon en Essent zijn jaren geleden al gesplitst. Gemeenten en provincies hebben bij de verkoop van de bedrijfsonderdelen die zich met energielevering- en handel bezighielden miljarden euro’s ontvangen. Een deel van dat geld is vervolgens weer geïnvesteerd in lokale en duurzame energieprojecten.

Eneco en Delta bleven zich echter jarenlang bij de rechter verzetten tegen de splitsing. Afgelopen zomer kregen ze bij de Hoge Raad definitief ongelijk. Vervolgens presteerde Eneco-topman Jeroen de Haas het om aan te kondigen dan ook meteen een streep te zetten door de 400 miljoen euro aan duurzame investeringen die het bedrijf had afgesproken in het zo moeizaam tot stand gekomen energieakkoord. Toch merkwaardig dat mensen als Minnesma, Groen en Borren zich lenen voor dergelijke chantage.

Natuurlijk, de gedwongen splitsing is pijnlijk voor Eneco en Delta. Zij hadden er al beter jaren geleden voor kunnen kiezen gewoon de wet uit te voeren. Maar de druiven zijn vooral zuur voor hun aandeelhouders zoals de provincie Zeeland en de gemeente Rotterdam. Want in de ineengestorte energiemarkt zullen die lang niet meer zoveel voor hun energiebedrijven krijgen als de provincies en gemeenten die in het verleden Nuon en Essent verkochten. Tegelijkertijd is er ook niemand die Rotterdam en Zeeland verbiedt de energiebedrijven gewoon te houden en grootscheeps in duurzame energie te investeren. Want voorlopig zijn het toch vooral de Nederlandse overheden die in gebreke blijven bij de noodzakelijke overgang naar een duurzame energievoorziening.