Op sociale media gaat het alleen nog maar over Compton, dat vannacht verscheen. ‘Geniaal’ en ‘briljant’, jubelen de eerste recensies. Sander Donkers en Jeroen Pen onderzoeken chattenderwijs of hij echt zo goed is.

Sander: Best wel lekker, zo’n dag dat het internet helemaal gaga gaat vanwege een nieuwe plaat. Dat het lijkt of er een soort mondiale focus is, die je vanzelf het idee geeft dat er iets Heel Belangrijks aan de hand is.

Jeroen: Ik moet een beetje denken aan hoe de Britse pers in 1997 Be Here Now van Oasis onthaalde. Die jongens hadden net een gigantisch commercieel succes gehad en werden hier en daar beschouwd als de nieuwe Beatles. Er stonden echt stratenlange rijen voor de platenzaken. Ook het journaille was vreselijk opgewonden, ze kregen overal vijf sterren. Maar toen na twee weken de roes afnam en iedereen nog eens goed luisterde, bleek dat alle nummers eigenlijk acht minuten duurden, amper melodieën bevatten en allemaal hetzelfde klonken. Begrijp me niet verkeerd hoor, de opwinding over Compton is goed te verklaren. Toen het vorige album van Dr Dre uitkwam zat ik in de brugklas. De eerste keer dat ik een poging tot stoer lopen ondernam, had ik 2001 in mijn discman.

S: Mij doet het meer denken aan D’Angelo’s Black Messiah. Die was er ook zomaar opeens, en ook na zo’n lange stilte, en nadat hij jarenlang veel materiaal bij het grofvuil had gezet. Ik hou er wel van, een beetje mythe-vorming, nog voor je een plaat goed en wel op je in hebt kunnen laten werken. Maar ik ben blij dat ik Compton niet binnen een dag hoef te recenseren. Heb hem nu twee keer beluisterd, en ik ben kapot.

J: Hoe dat zo?

S: Zo ramvol als het allemaal zit. Los nog van al die sirenes, gierende autobanden en helicopters. In het begin blijf ik vanzelf hangen aan de nummers die een beetje overzichtelijk zijn, zoals dat heerlijke ‘All In A Day’s Work’. De rest klinkt allemaal geweldig hoor, maar het duurt nog wel een maandje voordat ik weet of ik het echt geniaal of briljant vind. En sowieso moet ie eerst mee in de auto. Ook al is het, in mijn geval, een bescheiden Peugeotje, dat is toch dé test. Maar wat vind jij?

J: Het is moeilijk om Compton te luisteren en stil te zitten, wat dat betreft lijkt ‘ie inderdaad op Black Messiah. Ook die zet aan tot dansen op een manier die eigenlijk niet voor mannen met mijn motoriek weggelegd is. Niemand kan hiphop en funk combineren als Dre. Alleen: als je iets beter luistert naar zijn rappen, schrik je toch een beetje. Tekstueel houdt het allemaal niet over. In het laatste liedje leest hij voor uit zijn dagboek. Het is vooral een goed argument om dat soort zaken privé te houden. De beste momenten zijn die waarop hij de flow van zijn protegé Kendrick Lamar nadoet, of Kendrick Lamar zelf aan het woord is. Tegelijkertijd: Eminem speelde een soortgelijke rol op 2001, en Snoop Dogg eerder op The Chronic.

S: Ik vind het wel een geruststellend idee dat Dr. Dre een dagboek heeft. Zoals het me ook opviel dat hij op vrijwel alle foto’s die ik vandaag op Twitter voorbij zag komen, heel lief lacht.

J: Hij had dat zonnige humeur wel wat vaker mee mogen nemen naar zijn werk. Neem nou die moordpartij na ‘Loose Cannons’. Zo’n hoorspel van een minuut, compleet met houterig dialoog (‘Stop pointing that fucking gun at me!’) en pistoolschoten – zou hij daar nou nooit overheen groeien? Of die bijdrage van Eminem, die terloops vertelt dat de vrouwen die hij verkracht klaarkomen. Dat onsmakelijke, dat hoeft toch niet? Eminem is in de veertig, Dre is 50.

S: Ach, fijnzinnig is, eehm, anders. En als je 42 bent misschien ook wel een tikje zielig. Maar ik vind het vooral saai. Zowel de gedachte dat hij zo’n zinnetje er ongetwijfeld in frommelt om te bewijzen dat hij nog steeds ‘oei! oei!’ is, als het feit dat het daar dan straks steeds weer over gaat in de kranten en in de kroeg.

J: Teksten zijn heel belangrijk binnen hiphop en oké, choqueren hoort erbij. Maar dit doet me een beetje denken aan die ene oom die op verjaardagen altijd hele expliciete dingen over zijn seksleven vertelt. Er komt een moment waarop zulke dingen ongepast worden. Een kwestie van gracieus verjaren. Nas en Jay-Z beheersen die kunst bijvoorbeeld wel.

S: Oké. Toch, als ik eerlijk ben: ik heb mijn oordeel over een plaat nog nooit laten bepalen doordat er er teksten op voorkomen waar ik principiële problemen mee heb. Ik luister naar reggae-platen waarop ik, als white man, voortdurend de mantel word uitgeveegd. Doggystyle kun je niet bepaald een standbeeld voor het feminisme noemen, maar het is wel een van mijn favorieten. En ik ben dol op Johnny Cash, die zomaar een vent neerschoot, ‘just to watch him die’. Dat heb ik Johnny ook nooit kwalijk genomen.

J: Die vind ik van hetzelfde kaliber als Dr. Dre, trouwens.

S: Overigens: ik zit nu aan het eind van de derde keer luisteren en hmmm, ‘Loose canons’, Satisfiction’, het woord ‘briljant’ is al wel een paar keer door mijn hoofd geschoten.

J: Hier is ‘ie net afgelopen. Ik zet hem maar weer opnieuw aan.