De afgelopen weken herontdekten de Duitsers met veel enthousiasme het werk van Louis Couperus. Diens grootse natuurbeschrijvingen zijn misschien wel meer aan hen besteed dan aan ons.

Vandaag is de laatste dag van de Ruhrtriennale. Johan Simons is sinds dit jaar en tot en met 2017 de artistiek directeur van het jaarlijkse kunst- en muziekfestival in de theaters en parken van het Ruhrgebied, en hij bracht het er goed vanaf dit eerste jaar. Als thema koos hij ‘Wees omarmd’; naar Schiller. Het festival werd geopend door filosoof Byung-Chul Han; Simons programmeerde bewerkingen van Proust en Zola, veel Bach en Wagner. In de straten van Bochum, Duisburg en Dinslaken pronkten installaties van voornamelijk jonge kunstenaars. Met 45.000 bezoekers is deze editie van Simons de best bezochte editie ooit.

Toch is niet Simons de Nederlander waarvan de Duitsers de afgelopen weken versteld stonden. ‘De grote ontdekking’, ‘de klasse van een Nederlandse Thomas Mann’: het is Louis Couperus die door de Duitse recensenten het uitzinnigst wordt bejubeld. Ivo van Hove bewerkte voor Toneelgroep Amsterdam De stille kracht, die in het Ruhrgebied in première ging en vanaf 1 oktober ook in Amsterdam te zien is.

TGA speelt De stille kracht in het Nederlands, met Duitse boventitels, met hoofdrollen voor Gijs Scholten van Asschat, Halina Reijn, Maria Kraakman en Marieke Heebink. Maar de Duitse voice-over geeft ook de Duitse toeschouwer een indruk van de ‘fenomenale, poëtisch-innemende taal van Couperus. Grootse natuurbeschrijvingen. Profetische ideeën over het koloniale Europa. Zodra een Duitse vertaling beschikbaar is, moeten we Couperus lezen,’ aldus de Süddeutsche Zeitung.

Die grootse natuurbeschrijvingen zijn misschien wel meer aan Duitsers besteed dan aan de lezers in Couperus’ eigen taalgebied. Voor ons is natuur vlak, wijds, nat en maar zelden groots. En toch, voor de Nederlandse fans: vandaag gaat in de Koninklijke Schouwburg in Den Haag een toneelvariant van Eline Vere in première.