De economie groeit zonder dat er navenant banen bijkomen. Robots doen het werk, mensen niet.

Glanzende kogeltreinen op monorails, auto’s die door de lucht langs glazen wolkenkrabbers zoeven.

Eind jaren zeventig, tijdens de tweede oliecrisis, kregen we posters met kleurrijke tekeningen van futuristische visioenen. Op televisie keken we naar Battlestar Galactica en Star Wars.

We vroegen ons af hoe het zou zijn om samen te leven met robots. Wat zouden wij mensen doen als robots ons het werk uit handen nemen? En wie verdeelt er het geld, als de meeste mensen geen economische productiefactor meer zijn en dus niet zelf een salaris vergaren?

Tijdens de huidige crisis is het denken over de consequenties van de robotisering van de economie weer helemaal terug. Zo tikt topeconoom Paul Krugman nu in The New York Times menig alarmerend stukje over de naderende robotrevolutie.

Wat Krugman ziet gebeuren, is dat de automatisering van de productie een vlucht neemt. Amerikaanse fabrikanten hadden, vanwege de lage lonen, hun fabrieken veelal verplaatst naar Azië. Maar nu de lonen daar stijgen, zetten ze thuis in de States volautomatische fabrieken op.

Dat levert amper werk op voor Amerikanen. De economie groeit zonder dat er navenant banen bijkomen. Robots doen het werk, mensen niet. En dus verdienen de eigenaren van de machines (voorheen ‘kapitalisten’ geheten) steeds meer geld. Aan de andere kant krijgen de eigenaren van de productiefactor arbeid (de arbeiders) juist een steeds kleiner deel van de koek.

Bijzonder is ook dat automatisering niet langer alleen de ‘domme’ arbeid verdringt. Juist het denkwerk van ingenieurs en beursanalisten zal spoedig vervangen worden door artificiële intelligentie, voorzeggen de Tilburgse economen Ad van de Gevel en Charles Noussair in een recent verschenen boek.

Hoe verdelen we de welvaart als dat niet meer gaat via de inkomens?

Stel nou even dat er binnen dertig jaar echt robots zijn die het grootste deel van de menselijke, economisch productieve arbeid overnemen. Moeten we ons dan niet gaan voorbereiden op de ‘robotonomie’? Vragen te over. Welke rol gaan mensen spelen? Wat gaat u straks doen met al uw vrije tijd? Met welk werk en welke typisch menselijke vermogens, kunnen we als mens nog economisch van meerwaarde zijn? En hoe kunnen we richting geven aan de robotonomie als burger, politicus of consument?

Of denk eens aan de arbeidsmarkt. De robotonomie betekent dat de komende decennia het leger onrendabele mensen onvermijdelijk zal uitdijen. Hoe gaan we daarmee om, als we nu al geen antwoord hebben op de honderdduizenden onrendabelen van nu? Ander aandachtspuntje: hoe verdelen we de welvaart als dat niet meer gaat via de inkomens? Als mensen niet werken en geen salaris verdienen, is het resultaat van de productie winst voor de kapitalist die de robots bezit. Dit leidt in theorie tot een eindeloze ophoping van kapitaal. Tegelijkertijd heeft ook een robotonomie koopkrachtige consumenten nodig, dat wil zeggen: mensen met geld. Het geld zal dus verdeeld moeten worden. Vragen zijn: hoe? En door wie?

We hebben nog tijd, al leert de ervaring ook dat je niet te vroeg kunt beginnen met het denken over de consequenties van de technologische ontwikkeling. Denkt u mee deze zomer? Ik hoor graag van u.