Zowel onder kinderen als clubgangers is het medicijn Ritalin in opkomst. Je gaat er hartstikke lekker op. Maar dat is juist het gevaar, schrijft Jeroen Pen.

Het kan bijna niet anders of iemand in je directe omgeving slikt wel eens Ritalin. Nadat het aantal ADHD-diagnoses in Nederland de afgelopen decennia gestaag toenam en er daardoor steeds meer recepten werden uitgeschreven, blijkt Ritalin nu ook steeds populairder te worden als partydrug, zo is te lezen in de Volkskrant. Ondertussen maken wetenschappers zich zorgen over de keerzijden van ADHD-medicatie.

Dat zoveel mensen zweren bij Ritalin mag geen verrassing heten. Onder invloed van een pilletje kunnen ongeremde stuiterballen zomaar terechtkomen in een uren durende hyperfocus. Zo had ik als 13-jarige een tamelijk beroerde concentratie en kon ik niet stilzitten. Mijn huiswerk Duits? Geen beginnen aan, of in ieder geval: geen afronden aan. Totdat ik, koud in de brugklas, ADHD als diagnose kreeg. Daarop volgde al snel een eerste recept Ritalin, een medicijn dat zich het best laat vergelijken met speed. Grote grutten, geweldig goedje dit, dacht ik. Ineens kon ik probleemloos in een namiddag 100 Duitse woordjes leren. Een aantal andere activiteiten werd eveneens plezierig: cd’s sorteren, de afwas doen.

Dat ADHD-medicatie ook schaduwzijden kent, mag als bekend verondersteld worden. We weten weinig tot niets over de langetermijneffecten, eigenlijk is het gewoon harddrugs, enzovoorts. Recentelijk kwam daar nog een kritiekpunt bij. In een onderzoek uit 2013 omschreef een student het belang van zijn medicatie als volgt: ‘You start to feel such a connection to what you’re doing, it’s almost as if you fall in love with it – there’s nothing else you’d rather be doing.’ En juist daarin schuilt het gevaar, blijkt uit een dit jaar gepubliceerde studie van de Deense wetenschapper Torben Kjærsgaard, die zich bezighoudt met bio-ethiek. Medicijnen als Ritalin zouden de gebruiker alleen aan een betere concentratie moeten helpen, maar doen in de praktijk meer: ze motiveren ook. Ze helpen dus niet alleen met dingen die je niet goed kan, maar ook met dingen die je simpelweg niet wíl. Voor je het weet is je Duitse vocabulaire gigantisch, en blinken borden en servies alsof de koningin ieder moment op bezoek kan komen. Plotseling zijn zelfs de meest geestdodende klusjes leuk.

Maar moeten we dat wel willen? Een gebrek aan motivatie is vaak gewoon een indicatie dat je je baan of studie eigenlijk helemaal niet interessant vindt. Kjærsgaard waarschuwt voor een situatie waarin gebruikers door kunstmatige motivatie misschien wel veel gedaan krijgen, maar totaal vervreemd raken van zichzelf en wat ze eigenlijk als prettig en belangrijk ervaren. Medicatie als zingeving, dat was toch niet helemaal de bedoeling.

Met mijn kennis van de Duitse taal heb ik na de middelbare school overigens nooit meer iets gedaan.