Ja, want ook dat is belangrijk: Carnaval in het azc.
In Duitsland waren ze er twee weken terug al druk mee, kindje carnaval. In een oproep aan het volk vroeg de politie sommige pakken dit jaar in de kast te laten hangen. Met stip op 1: de jihadist (kijk, dit is ‘m.) Bomgordels, al dan niet van plastic, vormen tijdens carnaval een sfeerspons van jewelste. In de woorden van een agent uit Mönchengladbach: ‘Thuis mag je gerust als jihadist door de kamer hossen, maar op de openbare weg is dat geen goed idee.’
In Nederland mag dat best. ‘Als iemand als terrorist of jihadist meeloopt, dan gaan we wel een praatje met hem maken’, zegt het Brabantse gezag. Voor de zekerheid deelt de Carnavalsfederatie dit jaar informatiefolders uit. ‘Zes tips voor een prettige carnavalsviering voor bezoekers van de vastenavond- en carnavalsfeesten.’ De blaadjes liggen in stapels bij VVV-kantoren en in asielzoekerscentra. Nu nog in het Nederlands, vandaag of morgen ook in het ‘Arabisch (standaard), Chinees (Mandarijn), Engels, Farsi (Iran), Frans, Somali, Tigrinya (Eritrea, Ethiopië).
In een (vermakelijke) reportage in de Volkskrant komt de voorzitter van de BCF aan het woord: ‘Er zijn duizenden vluchtelingen naar Nederland gekomen. Het is heel normaal dat we hun onze taal en wetten, maar ook onze spelletjes en tradities uitleggen.’ Hard nodig, want er heersen volgens Rob van de Laar nogal wat vreemde opvattingen over het wat en hoe. ‘Sommige lieden schijnen nog steeds te denken dat het alleen maar gaat om zuipen, alle remmen los en achter de vrouwen aan.’ Of, nog erger: ‘Ze roepen alaaf in Den Bosch.’
Als het aan de Oeteldonkers lag, waren ‘billenkijpende, zuipende Amsterdammers’ al jaren niet meer welkom. Maar ja, verzucht de voorzitter: ‘Carnaval is een gemeenschapsfeest, iedereen kan meedoen.’ Trouwens, ook mensen van beneden de rivieren kunnen zich misdragen. ‘Nee, die zijn echt niet heilig. Maar tijdens carnaval gelden de normale fatsoensregels.’
Wacht even. Die zin tikken we opnieuw:
Tijdens carnaval gelden de normale fatsoensregels.
Ik ben bang dat ik carnaval al die jaren verkeerd heb begrepen, hossend, drinkend, kotsend, stampend op de schoenen van mijn oma. ‘Volkomen begrijpelijk’, gelukkig, volgens Sjoerd Mossou.
In het AD staat vandaag een liefdesbrief van de Bredase sportjournalist, voor carnaval. ‘Dit stuk is niet bedoeld om carnaval uit te leggen’, schrijft hij. ‘Want carnaval valt helemaal niet uit te leggen. Je begrijpt het, of je begrijpt het niet.’
Maar maak je vooral geen zorgen. Er heerst een soort onuitgesproken wederzijds begrip. ‘Die alomtegenwoordige vriendelijkheid ís er gewoon. Het is niet per se zo afgesproken. Het zit in het dna van het feest. Wie dat niet voelt of niet snapt, begrijpt carnaval vermoedelijk op zichzelf al niet.’ Carnaval moet je voelen. Daar is geen informatiefolder voor nodig en daar kan geen informatiefolder tegenop.
Directeur Chris Baltussen van Vluchtelingenwerk Limburg vindt de folder dan ook een belachelijk idee. ‘De meeste vluchtelingen zijn net aangekomen na een verschrikkelijke reis uit oorlogsgebied. Die mensen hebben wel wat anders aan hun hoofd dan carnaval vieren.’
Shit. Ik kan het niet helpen aan Theo Maassen te denken:
En in het Midden-Oosten daar hedde een conflict,
Daar lijkt mij polonaise uitermate voor geschikt.
Argumenten gaan dan ongemerkt over in gelal,
Ja dan hoor je al van verre ja daar is het carnaval!
Nee dan de buitenlanders, wat zijn het er toch veel,
Dat heet dan met een mooi woord multi-cultureel.
Ik zeg niet dat het vol is,
anders klinkt er straks een KNAL,
En da kan ik nie gebruiken want dan mis ik carnaval!
Ik ga als asielzoeker, denk ik. Dat kostuum heb ik gewoon in de kast hangen.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.