‘Een paar stokslagen op het dorpsplein is minder gruwelijk dan het volksgericht op Twitter,’ zegt de Engelse schrijver en documentairemaker Jon Ronson. Hij schreef een boek over publieke vernedering en werd vervolgens zelf te kijk gezet op sociale media.

Lindsey Stone houdt van karaoke zingen. Op de avond dat de beruchte foto van de Amerikaanse welzijnswerker op Facebook verschijnt, zingt ze nog ‘Total Eclipse of the Heart’ in een hotelbar in Washington, samen met haar vriendin en collega Jamie Shuh. ‘Turn around… every now and then I get a little bit nervous that the best of all the years have gone by.’

Lindsey en Jamie werken beiden voor LIFE (Living Independently Forever), een organisatie die verstandelijk gehandicapten begeleidt. Het klikt meteen tussen de twee dames; ze hebben hetzelfde gevoel voor humor en zijn beiden toegewijde social workers: Jamie runt een sieradenclub voor de verstandelijk beperkte vrouwen, Lindsey organiseert bowlingavonden en regelt een karaoke-installatie zodat ze samen met haar cliënten kan zingen.

Eind oktober 2012 organiseren ze samen een groepsuitje naar Washington. Met de verstandelijk gehandicapten bezoeken ze het US Holocaust Memorial Museum, de Smithsonian Institution en de nationale begraafplaats Arlington, laatste rustplaats voor Amerikaanse militairen en een handjevol presidenten en astronauten. Lindsey en Jamie hebben een onderling geintje: ze maken graag suffe foto’s van zichzelf en zetten die op Facebook. Zo vinden de vrouwen het bijvoorbeeld grappig om met een peuk in de mond te poseren bij een ‘niet roken a.u.b’-bordje. Tijdens hun bezoek aan de militaire begraafplaats ziet het tweetal mogelijkheden voor een nieuwe foto. In de goudgele herfstzon bukt Lindsey naast het bordje ‘SILENCE AND RESPECT’. Ze poseert alsof ze hard schreeuwt, en ze steekt haar middelvinger op. Even later zet haar vriendin Jamie de foto op Facebook. Grappig toch?

De post wordt niet gewaardeerd. ‘Dit stuit mij een beetje tegen de borst,’ schrijft een Facebook-vriend, die zelf in het leger heeft gezeten. ‘Ik weet dat jullie het niet slecht bedoelen, maar dit is smakeloos.’ ‘Mee eens,’ schrijft een ander. Nog meer ‘mee eens’ volgen. Lindsey twijfelt of die foto eraf moet, maar verdedigt zichzelf vervolgens: ‘Effe dimmen, we staken alleen in een melige bui onze middelvinger op, naar het gezag in het algemeen (…) Natuurlijk is het niet beledigend bedoeld voor mensen die ons land dienen, of hebben gediend.’ Dan verdwijnt de foto uit ieders tijdlijn. Althans, dat denkt Lindsey. Wat Lindsey niet beseft, is dat deze post openbaar is en door iedereen kan worden gedeeld. Een kwestie van bepaalde hokjes aanvinken, maar dat heeft Lindsey nooit gedaan. Dat gebrek aan vinkjes zal haar de kop kosten als de foto met de middelvinger zich als een olievlek verspreidt over het internet.

‘Verkrachten en doodsteken’

Vier weken later vieren Jamie en Lindsey gezamenlijk hun verjaardag in een restaurant als hun telefoons onafgebroken beginnen te vibreren. Lindsey kijkt op haar display en krijgt bijna een hartaanval. ‘Lindsey Stone haat het leger en alle militairen die in den vreemden zijn gestorven,’ schrijft een razende Facebooker. Haar telefoon staat vol met lelijke berichten. ‘Ik hoop dat je een langzame en pijnlijke dood sterft,’ ‘Typische feministenkop: 20 kilo te dik: check. Bingowings en worstenvingers. Check.’ ‘Van mij mogen ze die kuthoer verkrachten en doodsteken.’

Lindsey heeft heel patriottisch Amerika tegen zich in het harnas gejaagd. Diezelfde avond is de Facebookpagina met als titel ‘Geef Lindsey Stone de zak’ in de lucht. Als Lindsey om 04.00 uur ’s nachts na een lange, wanhopige dag op Facebook kijkt, heeft de pagina inmiddels 12.000 likes. De volgende ochtend staan cameraploegen van verschillende televisiestations op Lindsey’s stoep. Haar baas van LIFE belt: of Lindsey ogenblikkelijk naar kantoor kan komen, of liever gezegd; naar de parkeerplaats. Daar moet Lindsey de sleutels inleveren: ze is op staande voet ontslagen. Terwijl het internet volloopt met lofbetuigingen over Lindsey’s rappe ontslag, zijn de doodsbedreiging niet van de lucht: mensen stellen voor om haar ‘af te schieten’.

Wat volgt voor Lindsey is een periode zonder karaoke, zonder werk. Ze wordt depressief. ‘Ik ben een jaar niet naar buiten geweest,’ vertelt ze aan schrijver en documentairemaker Jon Ronson. ‘Ik wilde niet dat mensen mij zagen, en dus zat ik maar de hele dag binnen.’

Een lullige misstap

Lindsey Stone is een van de schrijnende casestudies in So You’ve Been Publicly Shamed, het laatste boek van de Engelse schrijver, radio- en documentairemaker Jon Ronson dat 1 februari in het Nederlands uitkomt onder de titel Dit is vernederend bij uitgeverij Maven. Jonson dook in de wereld van public shaming. Van de traditionele schandpaal op het dorpsplein, waar misdadigers ‘aanzienlijk kronkelden tijdens de geseling, hun ruggen deerlijk getekend’, zoals de krant The Delawerean optekende in 1876, tot aan de moderne, digitale vernederingen, waaraan mensen als Lindsey Stone ten prooi vallen. Jonson ontdekte dat sociale media een rechtbank vormen waar zonder proces ingrijpende vonnissen worden uitgesproken over mensen die soms schuldig zijn aan niets meer dan een lullige misstap. De straf staat zelden in verhouding tot het vergrijp.

Jon Ronson is geboren en getogen in Cardiff en woonde het grootste deel van zijn leven in Londen, waar hij bestsellers schreef als Them: Adventures with Extremists. Zijn grote doorbraak kwam met zijn boek The Men Who Stare at Goats, waarin Ronson journalistiek onderzoek doet naar de invloed van new age-ideeën op het Amerikaanse leger (de titel verwijst naar militaire pogingen om geiten te doden met slechts de blik). Podcast-liefhebbers herkennen Jonsons hoge, geaffecteerde, diep-Britse stemgeluid van episodes van This American Life. Sinds drie jaar heeft Ronson Engeland verruild voor New York, waar hij met zijn vrouw en zoon woont. ‘Ik heb twee honden, dan heb je de keuze tussen Brooklyn en de Upper West Side. In Brooklyn houdt iedereen van zichzelf, en in The Upper West Side haat iedereen zichzelf, dus woon ik in The Upper West Side.’

Politiek correcte, zelfingenomen mensen zijn de aller-aller-ergste pestkoppen.

Ontslagen

Debatcentrum De Balie organiseert 1 februari een Jon Ronson-festival. Het zal de tweede keer in zijn leven zijn dat Jon Ronson Amsterdam professioneel aandoet. ‘Ik hoop dat er iemand komt opdagen. In het buitenland houdt of iedereen van mij, of helemaal niemand. Ik ben in Australië heel groot, drieduizend mensen kwamen naar mijn show. Maar laatst was ik in Guadalajara in Mexico, toen waren er nog geen dertig. Ik ben beslist geen icoon in Guadalajara, bleek. En ik raakte ook nog mijn rugzak kwijt. A complete fiasco.’

So You’ve Been Publicly Shamed was in de Verenigde Staten nog niet uit – een voorpublicatie verscheen vorig jaar in The New Yorker – of Ronson werd zelf het mikpunt van digitale hoon. ‘Ik heb echt een loodzwaar jaar gehad. Mensen waren erop uit om mij te pakken,’ vertelt de 49-jarige schrijver terwijl hij een camouflagekleurig petje over zijn besproete gezicht trekt. Voor zover een Skype-videobeeld iets kan zeggen over een menselijke toestand, oogt hij zenuwachtig. ‘Alsof ze met zijn allen hadden afgesproken: “Laten we Jon Ronson pakken.” Ik ben uitgemaakt voor vrouwenhater, mensen vonden mijn verontwaardiging over sociale media onterecht. En ik was natuurlijk een white supremacist.’

‘I think its safe to say that @jonronson is a fucking racist,’ schreef een boze Twitteraar naar aanleiding van de voorpublicatie in The New Yorker, het hoofdstuk waarin Ronson Justine Sacco opzoekt en interviewt. Voor wie zich het voorval op Twitter zich niet meer kan herinneren: de Amerikaanse PR-medewerker Justine Sacco plaatste op 20 december 2013 een tweet vlak voordat ze opsteeg naar Zuid-Afrika. ‘Off to Africa. Hope I don’t get AIDS. Just kidding, I’m white.’ Haar 170 volgers reageren niet op haar grapje, Sacco zet haar telefoontje uit en gaat aan boord. Terwijl Sacco op 7000 kilometer hoogte vliegt, wordt op aarde haar tweet meer dan 3000 keer gedeeld. Ze is trending, en niet vanwege haar geweldige gevoel voor humor, maar omdat mensen vinden dat Justine Afrika, aids en aidspatiënten belachelijk maakt. De tweets zijn dodelijk: ‘Vanwege walgelijke, racistische tweet van @justinesacco maak ik vandaag nog geld over naar @care.’ Of: ‘Met zoveel racistisch onbenul hoort ze eerder thuis bij Fox News. Iedereen kan #aids krijgen.’

De schade is voordat Justine landt al compleet. ‘Ik werk bij IAC en ik wil niet dat @justinesacco ooit nog iets voor mij doet,’ schrijft een collega. Een vakantie in Zuid-Afrika zit er niet meer in; geen enkel hotel kan Justine’s veiligheid garanderen. Ze vliegt terug naar huis, maar dat ‘thuis’ bestaat feitelijk niet meer; ze is ontslagen, en geniet niet langer de status van respectabele burger. Iedereen haat Justine. ‘Helaas, @justinesacco, je tweet blijft voor eeuwig bestaan.’

U bent ook zeer actief op Twitter. Hoe reageerde u op de tweet van Justine Sacco?
‘De eerste gedachte die bij mij opkwam was: “Jippie! Die Justine is zóóó de lul.” Het is een soort extatisch, sadistisch gevoel dat drie seconden mijn hele geest overnam. Maar toen ging ik die tweet herlezen, dacht ik: dit is geen racistische tweet, het is een slecht verwoorde kritiek op racisme. Justine Sacco is niet pure evil, en ze is al helemaal niet de personificatie van witte privileges. Toch is dat hoe Justine Sacco door iedereen werd gezien. Op een gegeven moment was de hashtag #hasjustinelandedyet trending. Wij – de Twitteraars – wisten dat haar leven zoals ze het kende voorbij was, terwijl zij nog in een vliegtuig zat, zich van niets bewust. Dat was het gruwelijkste.’

Uw boek ‘Dit is vernederend’ heeft naast veel lof ook kritiek gekregen, omdat u mensen beschrijft die op zichzelf niet onschuldig zijn. Als publieke vernedering het onderwerp is, waarom dan niet schrijven over kinderen die online gepest worden, vonden sommige mensen.
‘Een zelfmoord van een tienermeisje door pesterijen is – hoe afschuwelijk ook – een vrij rechtlijnig verhaal. Er is een duidelijk slachtoffer en er is een duidelijke dader. Ik vond het interessanter om een verhaal te vertellen over publieke vernedering, waarin de bestraften ook echt iets hadden misdaan, en de straffers geen gewetenloze beulen zijn, maar soms heel leuke mensen zijn zoals jij en ik. Mensen die op sociale media zitten en in de naam van sociale rechtvaardigheid anderen kapot maken. Want als ik één ding heb geleerd, is het dat politiek correcte, zelfingenomen mensen de aller-allerergste pestkoppen zijn.’

U beschrijft ook de val van Jonah Lehrer, een populair-wetenschappelijke schrijver die wordt betrapt of fictieve quotes van Bob Dylan. In Nederland worden dit soort daden ook keihard afgestraft. Een plagiaat plegende stagiair bij de Volkskrant werd afgemaakt op Twitter. Sociale media herinneren ons soms dagelijks aan de fraude van Trouw-journalist Ramesar. Maar dit soort fraudeurs verdienen geen begrip, luidde de kritiek op uw boek. U had het nooit voor Lehrer mogen opnemen, schrijft Slate Magazine.
‘Maar ik neem het niet voor hem op. Ik vond hem alleen een sterk voorbeeld van hoe wij omgaan met mensen die een wandaad plegen. In het geval van John Lehrer is zijn misdaad dat hij plagiaat pleegde en fraudeerde met citaten. Dat is natuurlijk serieus, maar het is geen moord, jongens. Toch is het is nu vier jaar later, en John Lehrer leeft nog steeds in een woestijn als een melaatse. Vier jaar! Hij komt binnenkort met een nieuw boek, over liefde, en ik hoop eerlijk gezegd dat het een succes wordt, ik vind dat hij genoeg gestraft is. Overigens heb ik niet het gevoel dat ik Jonah moet verdedigen zoals Lindsey en Justine, die zijn gewoon kapot gepest online.’

Kwelgeesten

Met pesten heeft Jon Ronson hands-on ervaring. Niet alleen kruist hij regelmatig de degens op Twitter met digitale vijanden die hem van alles toewensen. Ronson werd als kind veel getreiterd. ‘Omdat ik dik was,’ zegt hij zelf. Toen hij zestien jaar was, gooiden zijn vrienden Jon in het Roath Park Lake, een scène die nog steeds op het netvlies van de schrijver staat gebrand.

Mensen vallen op Twitter samen met hun stomste fout: dat kenmerkt wie ze zijn.

In een aflevering van This American Life gaat Ronson naar een reünie van de middelbare school om wraak te nemen. Hij neemt zijn producer Simon mee. Doel is vooral om iedereen erop attent te maken dat Jon Ronson veel meer geld verdient dan zijn kwelgeesten. Maar eenmaal aangekomen op de reünie blijken Jons oude schoolvrienden aardig, geïnteresseerd en warm. Ze drukken hem bovendien op het hart dat hij helemaal niet in het meer is gegooid: dat heeft hij helemaal verkeerd onthouden. Maar terwijl Ronson binnen in een dromerige staat van verwondering over zijn eigen falende geheugen verkeert, hoort producer Simon buiten het echte verhaal: ‘Jon is er niet bij, dus ik kan het nu wel zeggen,’ zegt een vriend haastig. ‘Ik heb hem in het meer gegooid ja. En toen hij er net uit geklauterd was, gooiden we zijn sjaal erachteraan. Kun je voorstellen, de vernedering!’ ‘Waarom deed je dat,’ vraagt de producer. ‘Omdat hij een lul was. En op een bepaalde, meer geslachtsrijpe manier, is Jon nog steeds een lul.’

‘Het is niet eerlijk zoals mensen volledig zonder proces worden neergesabeld.’ | Foto: Chantal Heijnen
Dronken van machtswellust

Ronsons boeken, documentaires en films zijn te beschrijven als gonzo-journalistiek, maar dan zonder het machismo van schrijvers als Hunter S. Thompson en Tom Wolfe, en verrijkt met absurde humor en zelftwijfel in de stijl van Woody Allen. In elk verhaal is Ronson in mindere of meerdere mate aanwezig. Soms naïef, zoals in gesprekken met enge psychopaten, soms baldadig, zoals tijdens zijn schoolreünie. En altijd met een perfect gedoseerde zelfspot.

Je eigen neuroses schijnen altijd door in je boeken. In ‘Dit is vernederend’ etaleer je jezelf ook als zelfingenomen strijder voor sociale rechtvaardigheid. Als twee wetenschappers jouw identiteit op twitter stelen en zij uit jouw naam twitteren ‘Trek in spies van tandbaars met knolselderij, citroen en zure room #foodie’, probeer je ze aan de hoogste digitale boom te hangen.
‘Ik vind dat ik als schrijver of journalist faal op het moment dat ik de stem van de “weldenkende, normale mens” word. En ik wil al helemaal niet een good guy zijn die bad guys interviewt, en dat iedereen zich daar dan goed bij voelt. In mijn vorige boek, De psychopatentest, raak ik bekend met de psychopat checklist van psychiater Robert D. Hare en word ik dronken van machtswellust: ik denk opeens overal psychopaten te kunnen ontmaskeren, maar krijg door deze nieuwe “gave” ongemerkt zelf psychopathische trekjes. Ik denk dat ik op mijn sterkst ben als ik de wereld met mijn verhaal op zijn kop zet, gangbare normen in twijfel trek. Zelfspot en zelfkritiek zijn belangrijke middelen daartoe.’

In je vorige boeken en documentaires hang je veel rond met excentrieke mensen: van de Engelse complottheorist David Icke, die er stellig van overtuigd is dat de wereld wordt bestuurd door gigantische reptielen, tot aan Toto Constant, een gewetenloze Haïtiaanse genocidepleger met een voorliefde voor plastic poppetjes van de Burger King. In dit boek zijn je interviewkandidaten opmerkelijk gewoon. Was je de freaks zat?
‘Nee, dat nooit, alhoewel ik het alleen leuk vind om freaks te interviewen, als ik ze menselijk en empathisch kan portretteren. Dat is bij pedofielen en olifantenjagers onmogelijk voor mij. Ik denk dat mijn eigen pestverleden een rol heeft gespeeld in de keuze voor dit onderwerp. Ik weet hoe publieke vernedering voelt. Ik stond dit keer dan ook dichter bij de mensen die ik interviewde. Het is niet eerlijk zoals mensen volledig worden neergesabeld, alleen maar omdat ze een kleine of grote misstap hebben begaan.

Dit is vernederend is op een bepaalde manier een vervolg op De psychopatentest, waarin ik de wereld van de gezondheidszorg bekritiseer. Mensen worden daarin gelabeld en afgerekend op basis van hun ergste misdaad. Ik realiseerde me dat wij online vaak hetzelfde doen. Mensen vallen op Twitter samen met hun stomste fout: dat kenmerkt wie ze zijn.’

In 1854 is publieke vernedering uit het Nederlandse strafboek geschrapt. Welke rol speelt schaamte als straf in de Angelsaksische rechtssystemen?
‘Publieke vernedering is rond 1850 uit de gratie geraakt, zowel in Amerika als in Engeland. De reden: deze vorm van straffen werd gezien als te gruwelijk. Ik ben rond gaan snuffelen in het staatsarchief van Massachusetts. Wat blijkt: veel mensen die werden veroordeeld tot publiekelijke vernedering, gingen in hoger beroep. Niet omdat ze protest aantekenden tegen de lijfstraf. Ze zeiden: “Geef mij die stokslagen, maar alsjeblieft niet publiekelijk, maar gewoon ergens achteraf.” De schaamte die kwam kijken bij publieke geseling was kennelijk het zwaarst, en het is dan ook langzaam verdwenen omdat het te inhumaan was.’

Sommige rechters in Amerika gebruiken vernedering nog steeds als straf. Je beschrijft rechter Ted Poe, die een jongeman liet rondlopen met een sandwichbord, met daarop ‘Ik heb onder invloed twee mensen doodgereden’. Toch is schaamte als straf eerder een uitzondering. Waarom is publieke vernedering dan zo wijdverspreid op het internet?
‘Het venijnige van sociale media zijn de zogenoemde feedback loops, oftewel: realtime feedback op je gedrag. Een voorbeeld van een feedback loop is het plaatsten van digitale borden langs de snelweg waarop je kunt zien hoe snel je rijdt. Uit onderzoek blijkt dat die borden chauffeurs ertoe nopen hun snelheid te verlagen. Op sociale media krijg je ook voortdurend feedback, maar dit leidt niet tot beter gedrag, maar tot een “gigantische echokamer waarin onze opvattingen constant versterkt worden door mensen die dezelfde mening huldigen als wij”, zoals mijn collega Adam Curtis het zo treffend verwoordde. En als je voortdurend wordt gefeliciteerd terwijl je iemand in stukken hakt, krijg je zin om ze nog meer in stukken te hakken. Mensen voelen zich daarnaast gesterkt om een ander digitaal te stenigen, omdat ze vaak het idee hebben dat ze iets goeds doen, dat ze strijden voor een betere wereld. Het zijn dan ook vooral de mensen die in de ogen van anderen hun privileges misbruiken, die het meest worden vernederd.’

In Nederland worden mensen ook te kijk gezet op het internet. Als Sywert van Lienden de verkeerde cijfers over verkrachting en etniciteit oplepelt in De Wereld Draait Door, is hij de hele dag trending op Twitter. Toch lijkt publieke vernedering hier minder ingrijpend dan in de Verenigde Staten. Mensen verliezen niet meteen hun baan. Gaat dit boek vooral over Amerika?
‘De Amerikaanse cultuur is in die zin wel extremer dan de Europese. Aan de ene kant slaat Amerika zich op de borst als het land waar mensen zichzelf opnieuw kunnen uitvinden, waar je werkelijk kunt rehabiliteren. Aan de andere kant zijn Amerikanen heel slecht in het vergeven van zonden. Dit is ook het land waar de three-strike regel is ingevoerd in het rechtssysteem. Mensen gaan hier soms voor het stelen van voedsel voor eeuwig de gevangenis in. Die hardheid zie je ook in de naming en shaming op het internet.’

Verandert de rol van sociale media door dit vernederen?
‘Eigenlijk is de lol er helemaal vanaf. Twitter begon als een plek waar je eerlijk kon zijn en bijval kreeg als je iets klunzigs opbiechtte. Dat geldt ook voor internetfora, Facebook. De oorspronkelijke basis was empathie en medemenselijkheid, en sociale media hadden dan ook juist als effect dat mensen zich minder gingen schamen. Nu moet je constant op je hoede zijn, want straks zeg je iets heel beschamends en zijn de gevolgen niet te overzien. In een sterk gepolariseerde internetomgeving nemen mensen de meest extreme standpunten in. Dat zie je sterk aan wat trending is op Twitter: of mensen zijn de grootste held, of de grootste schurk van de dag. Sociale media gaven aanvankelijk een stem aan de machtelozen. Ik was superenthousiast over de manier waarop Twitteraars opeens grote bedrijven konden namen en shamen. Maar nu zorgen sociale media ervoor dat gewone mensen worden afgestraft en zelfs ik als schrijver soms bang ben om eerlijk of kwetsbaar te zijn. Wat ik ook zie: de nuance is helemaal weg. In het debat over bijvoorbeeld vluchtelingen zijn er feitelijk maar twee meningen. Dat vind ik pijnlijk, want het is mijn journalistieke missie om te laten zien dat mensen dom en slim kunnen zijn, goed en slecht. En een individu kan nooit een hele ideologie op zijn schouders dragen. Maar die relativering ontbreekt ten enenmale.’

Emancipatie is een voldongen feit, feministen zijn aan het winnen. Dat roept kennelijk agressie op.

In uw boek komen sommige mensen er beter vanaf dan anderen. U beschrijft de publieke vernedering van Max Mosley, voormalig Formule 1- baas. News of the World publiceerde in 2008 foto’s van een naakte Mosley op een orgie met nazi-thema. Prostituees in Duitse uniformen controleren Mosley’s schaamhaar op luis. Je zou denken: einde verhaal voor Mosley, schandelijker kan niet. Maar Mosley rehabiliteert met de snelheid van het licht.
‘Max Mosley is hier onbeschadigd uitgekomen, ondanks het pijnlijke feit dat zijn ouders tot de British Union of Fascists behoorden. Max Mosley wil graag denken dat het aan Max Mosley ligt: dat hij zich zo kranig heeft gehouden, dat alle kritiek van hem afgleed. Maar ik concludeer iets anders: seks – mits met wederzijdse toestemming – interesseert mensen geen bal. En seksschandalen kun je anno 2014 prima overleven. Ik interviewde mannen uit het plaatsje Kennebunk, wier namen op straat lagen nadat een krant ontdekte dat de plaatselijke zumbalerares ook andere diensten aanbod. Een van die klanten, een predikant, dacht dat zijn leven van nu af aan een hel zou worden. Maar dat bleek niet waar, er gebeurde helemaal niets, zelfs niet op Twitter en Facebook.

Sommige mannen die verwikkeld raken in zo’n schandaal plegen zelfmoord, zoals de bezoekers van de overspel-site Ashley Madison, van wie het adressenbestand was gehackt. Als die mannen de eerste vernederingen hadden doorstaan, als ze het even hadden volgehouden, dan waren ze nu weer oké geweest. Triest.’

‘Sterf hoer’

Mannen op nazi-orgies komen er dus goed vanaf. Maar vrouwen hebben het een stuk zwaarder op het internet. Lindsey Stone krijgt tweets als ‘Sterf hoer, ik hoop dat je wordt verkracht.’ In Nederland wordt journalist en feminist Asha ten Broeke regelmatig voor dik en lelijk uitgemaakt. Zangeres Anouk krijgt de grofste verwensingen over zich heen als ze haar zesde zwangerschap aankondigt.

Is er sprake van meer vrouwenhaat dan vroeger?
‘Dat klopt. En terwijl ik zelf voor vrouwenhater ben uitgemaakt, geef ik in mijn boek juist een stem aan al die vrouwen die uitgemaakt worden voor hoeren. In een wereld waarin sociale rechtvaardigheid hoogtij viert – homo’s krijgen steeds meer rechten, er is minder armoede – is de opmars van vrouwenhaat heel opmerkelijk. Ik heb er geen verklaring voor, behalve de opmars van vrouwen zelf. Emancipatie is een voldongen feit, feministen zijn overal aan het winnen. Dat roept kennelijk agressie op.’

U heeft ‘Dit is vernederend’ niet als zelfhulpboek geschreven. Heeft u toch tips voor mensen die al dan niet terecht aan de digitale schandpaal worden genageld?
‘Wees een tijdje stil, hoe treurig dat advies ook is. En geloof niet alles wat mensen over je schrijven. Lindsey Stone raakte geobsedeerd door de gemene berichtjes over haar. Ze raakte volledig haar zelfvertrouwen kwijt. Het is ongelooflijk frustrerend om te moeten lezen hoe anderen een narratief over jou produceren waar je je helemaal niet in herkent. Toen mensen begonnen te twitteren dat ik een racist was omdat ik Justine Sacco verdedigde, heb ik op een gegeven moment een show afgezegd. Ik was zo gekwetst, ik kon het ook niet loslaten. Kritiek heeft de venijnige neiging om onder je hersenpan te kruipen.’

Foto: Chantal Heijnen
Jon Ronson

Jon Ronson (1967) is geboren en getogen in Cardiff. Hij heeft negen boeken op zijn naam staan, waarvan de laatste twee vanaf 1 februari in het Nederlands te verkrijgen zijn: De psychopatentest en Dit is vernederend. Ronson maakt documentaires voor BBC en Channel 4, en podcasts voor verschillende Amerikaanse radioprogramma’s, waaronder This American Life. Hij wordt vaak vergeleken met journalist en landgenoot Louis Theroux. ‘Dat vond ik vroeger heel erg irritant, maar nu verzet ik me er niet meer tegen. Ons brein werkt nou eenmaal precies hetzelfde, Louis en ik zitten regelmatig op exact hetzelfde spoor.’ Ronson is Joods, woont in New York. Hij is supporter van The British Humanist Association en voetbalclub Arsenal.