Nieuwe media en hoofdredacties gaan slecht samen, constateert een promovenda. Dat klinkt heel bekend.

Er kwam vanochtend op de redactie een jonge zzp’er met een vlasbaardje bij me langs met de vraag of het oké was om de beta dan nu maar ‘open te gooien’. Ik knikte toestemmend. Ik was op dat moment verdiept in een bericht in Trouw onder de kop: ‘Hoofdredacteuren snappen te weinig van nieuwe media’. Voor wie het wil nalezen: het stond op pagina 6. Sorry, ik bedoel natuurlijk hier.

Daar moet u dan wel € 0,15 voor betalen (tenzij u abonnee bent van Trouw) want de hoofdredactie vertikt het sinds enige tijd om zulke artikelen gratis online te zetten. Hopeloos.

Ik las het bericht aandachtig. Klaske Tameling promoveert morgen aan de Rijksuniversiteit Groningen op een ‘etnografisch’ onderzoek naar de digitale nieuwscultuur op de redacties van de Volkskrant, NOS Nieuws, Het Financieele Dagblad en BNR. Dat verrichtte zij in 2011 en 2012. Wat blijkt? Hoofdredacties ‘zijn – tenzij zij het roer nu radicaal omgooien – niet in staat om een cultuuromslag voor elkaar te krijgen.’ Zij zouden eens moeten luisteren naar ‘dat slimme joch van de internetredactie, dat misschien nog niet veel journalistieke ervaring heeft, maar wel veel ideeën over hoe je online verhalen vertelt’. Volgens de promovenda kampen veel internetredacties met een ‘calimero-complex’ – voor de jongeren: dit is Calimero. Tameling: ‘Ze zijn klein, worden vaak gevuld met beginnende redacteuren, die goed zijn, maar niet tegen de ervaren krantenjournalisten zullen zeggen: dit moet je anders doen.’ Het is volgens haar ‘verstandiger dan ooit om te luisteren naar de generatie die met internet is opgegroeid.’

Schuldbewust legde ik de krant neer. Ik liep daadkrachtig naar de uithoek waar vlasbaardje al maanden overuren bleek te draaien om die nieuwe site op de rails te krijgen en stelde hem belangstellend de vraag: ‘Dat beta openen… wat bedoelde je daar eigenlijk mee? En moet het eigenlijk niet ‘bèta zijn?’ Ik zag hem even met zijn ogen rollen.