Reportage / Robert Vuijsje in Suriname

Ook in Paramaribo lopen ze rond, de nette mensen. Een chic geklede dame houdt de schrijver staande tijdens een literaire avond in café Tori Oso. Ze stelt zich voor als een ‘kakmadam’ uit de Valeriusstraat in Amsterdam Oud-Zuid die vindt dat hij haar milieu best iets genuanceerder had mogen weergeven. Ze is mee met een door NRC Handelsblad georganiseerde culturele rondreis door Suriname en ziet haar kans schoon de schrijver de hand te schudden.

Ook over belangstelling van Surinaamse vrouwen heeft Vuijsje niet te klagen. Zo ontmoet hij twee versies van Rowanda, een van de personages uit zijn boek. Compleet met aangezette ‘bil’ en forse boezem. Precies waar het hoofdpersoon David om te doen is. De beide meisjes spelen mee in sketches op een pedagogische academie. Dat gebeurt in het kader van De Inktaap, een door de Nederlandse Taalunie ingestelde literaire prijs waar de winnaars van de drie grootste prijzen in het Nederlandse taalgebied voor in aanmerking komen. Het project draait om literatuureducatie en uitwisseling van leeservaringen voor en door jongeren uit Nederland, Vlaanderen én Suriname. Middelbare scholieren kiezen hun favoriet uit de drie winnende boeken: Over de liefde van Doeschka Meijsing (winnaar AKO), Godverdomse dagen op een godverdomse bol van Dimitri Verhulst (Libris) en Alleen maar nette mensen (Gouden Uil).

De schrijver is zichtbaar geraakt door de toneelstukjes. Zit hij zomaar in een vol Surinaams klaslokaal waar meisjes van een jaar of twintig zijn boek niet alleen hebben gelezen maar er bovendien een interpretatie van ten beste geven. Tot groot vermaak van hun medeleerlingen scanderen de gelegenheidsactrices aan het eind de moraal van hun opvoering: ze zijn geen Antilliaan, Hindostaan, Jood of Boscreool; nee, ze zijn allemaal ‘Nedurrlander’.

Daarna willen de scholieren weten welke passages de schrijver eigenlijk heeft verzonnen en of die David als zijn alter ego valt te beschouwen. Die vragen zijn hem inmiddels zo vaak gesteld dat hij er enigszins vertraagd op reageert. Zeker, enige gelijkenis met zijn romanfiguur kan hij niet ontkennen. Zoals het evenmin toeval is dat hij in zijn boek vooral Surinaamse vrouwen beschrijft. Die kent hij nu eenmaal het beste. Sterker nog: hij is getrouwd met een creoolse. Maar om nou pagina voor pagina na te gaan wat fictie is en wat berust op gebeurtenissen uit de werkelijkheid gaat hem te ver. En bovendien, laat de lezer gewoon zijn eigen conclusies trekken uit het verhaal.

Marketing

Dat hoeft Vuijsje heus niet overal uit te leggen. Tijdens een drukbezochte discussieavond in café Zus & Zo krijgen lezers uitgebreid de kans hem vragen te stellen. Wie commotie verwacht van beledigde donkere vrouwen komt bedrogen uit. De reacties zijn opvallend mild. Niemand heeft echt aanstoot genomen aan de manier waarop Vuijsje Surinaamse en ook Antilliaanse vrouwen heeft getypeerd. En mochten sommige mensen daar wel moeite mee hebben, dan zegt dat meer over die mensen dan over het boek, zo is de teneur.

Dan vertelt Vuijsje voor de zoveelste keer dat zijn boek over de multiculturele samenleving in Nederland gaat, waarin bevolkingsgroepen elkaar niet begrijpen en soms kans zien binnen een vierkante kilometer compleet langs elkaar heen te leven. Dat is in Suriname absoluut niet aan de orde. Hier leven verschillende etnische groepen immers al eeuwen met en naast elkaar.

Interviews, signeersessies, het beantwoorden van mailtjes van lezers: een dagtaak heeft hij eraan. Wat dat betreft vormt de Surinaamse tournee een welkome variatie. Thuis liggen er geheid weer verzoeken om een column te schrijven of op te treden in een tv-show. Kennelijk hoort hij er ineens bij in Nederland. Ook voor uitgevers en hoofdredacteuren die hem nog niet zo lang geleden straal negeerden. Vuijsje heeft het er laatst nog over gehad met collega Kluun. Publiciteit is leuk en bevordert de verkoop. Maar het begint pas echt interessant te worden wanneer de mensen zo vaak je hoofd op televisie hebben gezien dat ze niet meer om je heen kunnen wanneer ze in de boekhandel staan. Dan hebben we het over marketing.

Ook zijn bezoek aan Suriname past in die strategie. Van de lokale verkoop moet hij het niet hebben – duizend verkochte exemplaren is ongeveer het maximum gegeven de beperkte leescultuur en de al even matige koopkracht -, wel van de publiciteit die het in Nederland teweegbrengt. Daar hoor je hem ook niet over klagen, maar heel stilletjes verlangt hij toch naar rust. Het idee voor de volgende roman heeft hij al lang uitgewerkt, nu alleen nog de tijd om het op papier te zetten.

Op zaterdagavond volgt een korte speurtocht naar creoolse vrouwen. Hij heeft erover geschreven en dan is het wel zo aardig om hen tegen het lijf te lopen in het land van herkomst. Bij ’t Vat, Paramaribo’s populairste terras, dwaalt zijn blik zo nu en dan haast routineus af naar flanerende dames. Tegen half twee, wanneer het uitgaansleven langzaam op stoom raakt, wordt het terrein verlegd naar discotheek Zsa Zsa Zsu aan de rand van de stad. Daar is de dansvloer weliswaar druk bevolkt met vrouwen, maar die zijn vrijwel allemaal Hindoe-staans, blank of moksi (gemengd). De cups FF en volle billen zitten ergens anders vanavond. Maar wat dan nog? Het gaat hier niet om de twintigjarige David die hopeloos op zoek is naar de vrouw van zijn dromen en onderweg nog iets over zichzelf hoopt te leren. Over een paar dagen zit Robert Vuijsje weer lekker thuis bij zijn bloedeigen Surinaamse vrouw en hun pasgeboren zoontje. Begin maart nog even die Inktaap in de wacht zien te slepen – die kan hem niet ontgaan als hij afgaat op de reacties in Suriname – en daarna hopelijk weer eens echt achter de computer. Wordt het een roman over de opportunistische wereld van de media? Zou kunnen, de schrijver heeft er zo langzamerhand genoeg research naar gedaan.