Het gesprek van de dag, volgens de redactie. Vandaag: agenten, Judas, en de Officier van Justitie. Ze willen gewoon een goed gesprek en een mental coach. Even horen: ‘Joh, hoe is het nou echt met je?’
Elk jaar dienen wel 10.000 Nederlanders een klacht in bij de politie, over de politie. Onbeschoft zijn ze soms, gewelddadig en met een rijstijl waar een Hells Angel van onder de indruk is. De klagers willen excuus, erkenning of centen. Ze vullen een formulier in en wachten. En wachten. En wachten.
‘Agenten zijn bang dat een klacht schadelijk is voor hun carrière en staan daarom vaak afhoudend tegenover klagers,’ lees ik in het AD. ‘Politie trekt zich niks aan van de klachten van burgers‘, koppen ze. De meeste gedupeerden zouden niet eens weten dat je mág klagen over meneer agent. Hoe lossen we dit op? We geven ze een training, bedacht minister Van der Steur. Een ‘leerstructuur’ bemiddeling, voorlichting en gespreksvaardigheden. Want wie het even niet meer weet, belt de communicatiecoach.
De Officier van Justitie kan er ook een gebruiken, zo’n mental coach. Jo Valente, voormalig Officier van Justitie, maakt zich druk om zijn vakgenoten. De Brabantse Lucas van Delft zou onder valse naam melding hebben gemaakt van een beoogde liquidatie op hemzelf. Wanhoop, denkt Valente. Gebrek aan begeleiding van het OM. Gebrek aan empathie en een goed gesprek.
Van Delft, nu geschorst, verricht werk als een topsporter. Eindeloos in de weer met motorbendes en drugsbazen. ‘Je bent met zo’n taak maandenlang 24 uur per dag bezig’, legt Volente uit. ‘De druk en stress zijn zeer groot. Met het thuisfront kun je inhoudelijk niets bespreken. Ook je onzekerheden en zorgen over de veiligheid van je dierbaren en jezelf kun je thuis moeilijk bespreken. Sporters die een topprestatie moeten leveren, worden in zo’n periode door coaches bijgestaan.’
Precies. Dus waarom officieren niet? Coaches zijn nodig om door het ‘machogedrag van misdaadbestrijders’ heen te prikken. Ze willen niet dat de crimineel of de baas hen met de zware taak ziet worstelen. ‘Toch is het ook in die gevallen goed om persoonlijke gesprekken met de aanklager te voeren’, denkt Valente. Macho of niet. ‘Dat ze even vragen: hoe gaat het echt met je? En hoe is het thuis?’
Zelfs Judas heeft een coach nodig. Xander de Buisonjé (je weet wel, die man die ooit een hitje had, maar waarvan we nu alleen nog weten dat zijn naam wat aanstellerig klinkt) vertolkt de verrader dit jaar in The Passion (je weet wel, die massahysterie rond BN’ers die een kartonnen kruis dragen).
Een dramacoach. Want Judas, die moet je voelen. Dat lukt niet één twee drie, en Xander voelt hem pas een beetje. ‘Ik moet hem nog beter leren voelen. Hem spelen gebeurt vooral met blikken en lichaamstaal. Daar ligt nog wel een uitdaging.’ Gelukkig heeft hij de Bijbel wel al een keertje doorgebladerd.
‘In iedereen schuilt wel een Judas’, zegt hij stoer op de voorpagina van het AD. ‘Niet wat verraad betreft, maar dat we het bestaan van God in twijfel trekken. Ook mensen die geloven, ervaren zulke momenten. Zelf heb ik überhaupt wat moeite om het allemaal te geloven, al hoop ik wel dat Hij bestaat. Dan waakt er nog iemand over ons.’
Ach Sander met een X, God bestaat. Hij heeft tegenwoordig een bedrijfje in mental coaching en communicatie. Als je flink bidt en een kaarsje brandt, vraagt hij af en toe eens: ‘Joh, hoe gaat het nou echt met je?’
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.