Televisie

‘Ik ben een verteller. Met tekens.Van alle aspecten van het leven en de dood. Van de horror en het paradijs.’ Zegt Jan Montyn, beeldend kunstenaar, geboren in 1924 in de zwaar christelijke Alblasserwaard. Vader, van beroep huis- en rijtuigschilder, was ouderling in de zwartekousenkerk en ging voor in de eredienst.

In de Tweede Wereldoorlog tekende Jan voor de Kriegsmarine en vocht aan het Oostfront. Na tal van  omzwervingen en ontberingen wachtte hem bij terugkeer drie jaar heropvoedingskamp. Later kreeg hij de frontkolder, werd depressief en agressief. Na negen maanden in Harer Majesteits Rijksinrichting te Utrecht stond hij, midden twintig, op straat. Genezen verklaard.

Hij wist: Weg moet ik, weg uit Nederland En tekende als vrijwilliger voor Korea. Met zwaar rugletsel en granaatverwondingen werd hij al snel teruggevlogen naar het vaderland, als held  verwelkomd en gedecoreerd door prins Bernhard.

Eind jaren zestig raakte hij betrokken bij de Vietnamoorlog. Samen met anderen organiseerde Montyn kindertransporten naar ziekenhuizen elders in Oost-Azië en het rijke Westen. Waagde zich in met napalm gebombardeerde gehuchten om de kleinsten te redden.

Door een toeval was hij jaren eerder in Bangkok terechtgekomen. ‘Er liepen prachtige meisjes rond, alleen gekleed in een sarong.  Heel exotisch. Ik voelde me onmiddellijk thuis.’ Thailand, de Amsterdamse Wallen: gebieden waar Montyn zich prettig voelde. Waar mensen hem niet lastig vielen over goed en fout.

In 1982 verscheen Montyn, de literair-documentaire roman van Dirk Ayelt Kooiman waarin deze het levensverhaal van de inmiddels wereldvermaarde beeldend kunstenaar vereeuwigde.

Het boek werd ook internationaal een succes. Jaren was er sprake van een Hollywood-verfilming . Toen  was daar Paul Verhoeven, de verloren zoon die terugkwam om van de roman zijn droomfilm te maken. Maar producent Van Heyningen besloot het project als te duur af te blazen.

Ongeveer tezelfdertijd suggereerde een in Thailand werkzame Nederlandse ondernemer aan documentairemaker Jan Louter om een portret van Montyn te maken. Louter bezocht de bijna tachtigjarige in Amsterdam. ‘Een ondoordringbare man. Met humor wel. Hij intrigeerde me. Met zijn staalblauwe ogen waar ik maar níét binnen kon komen. Als je me wilt leren kennen moet je naar Thailand komen, zei hij. Dan laat ik je echt alles zien. Wat is dat, wilde ik weten. Dat zou ik daar wel zien. Het ondoordringbare bleef me fascineren. Zo wilde ik ook de film maken. Ik denk dat hij heeft kunnen overleven door dat schild én door zijn beeldende kunst. Eenmaal in Bangkok nam hij me mee naar barretjes en zag ik dat de meisjes een wezenlijk onderdeel van zijn leven zijn. Kijken en kletsen, vriendschappen en verwennerijen, het wegdrinken en wegpraten van de tijd.’

Zes weken trok Louter met Montyn vanuit de Thaise hoofdstad door zijn zwerf- en werkterrein in het verre oosten: Vietnam, Laos, Cambodja. We zien hem in kleine boekjes schetsen, krassen in een etsplaat. En na het werk ontspannen in de bars. Schuldgevoelens over zijn  keuze in de Tweede Wereldoorlog? Come on. Shut up. ‘Ik vergeet het niet, maar het zijn feitelijkheden. Ik heb geen levenslang.’ Love or leave me is de toepasselijke titel die Louter zijn film gaf. Ondoordringbaar blijft Montyn, in die zeventig minuten. Geen held of slachtoffer met wie je je kunt identificeren. Wel een knoest van een kerel. En wie de film heeft gezien, zou ook die prachtige roman van Kooiman moeten gaan lezen.

Love me or leave me, Regie: jan louter, Uur van de Wolf, dinsdag 18 april 20.20 uur, Nederland 3