Reportage / Ecostad Guiyang
Op het Volksplein wuift een reusachtig standbeeld van Mao Zedong vriendelijk naar twee glazen piramides die de ingang vormen van de ondergrondse Walmart Superstore. Op het plein, ooit aangelegd voor communistische massabetogingen, drommen nu honderden mensen samen rondom een podium. De ene na de andere deelnemer treedt naar voren om mee te zingen in een karaokewedstrijd van Chinese hitjes. Eerste prijs: een auto, hét symbool van persoonlijk succes in het moderne China.
Driehonderdduizend auto’s telt Guiyang, niet bijzonder veel voor een stad met meer dan twee miljoen inwoners. Maar dat verandert snel. Het wagenpark groeit met driehonderd auto’s per dag, meer dan honderdduizend per jaar.
Guiyang moet wel de meest vervuilde ecostad ter wereld zijn. Tussen de hoge torenflats in het centrum staat het verkeer het grootste deel van de dag zes banen breed in de file. Daarboven hangt dezelfde grijze deken als boven andere Chinese miljoenensteden. Het is onduidelijk of die wordt veroorzaakt door een koud en vochtig klimaat of door de tientallen fabrieken in en om de stad die vierentwintig uur per dag dikke rook uitspugen.
Fietsers zie je hier nauwelijks. De bewoners zullen je vertellen dat het komt door de hoogteverschillen en het karstgebergte. De totale afwezigheid van fietspaden lijkt ook geen onbelangrijke factor.
Groene zone van bomen
En toch, Guiyang is een ‘ecostad’. In 2004 hebben de lokale autoriteiten het zo besloten. De hoofdstad van China’s armste provincie Guizhou, vreesden ze, dreigde de economische concurrentieslag met andere ontluikende metropolen in het land te verliezen. Er zat niets anders op dan de strijd aan te gaan op een ander vlak: duurzaamheid, een onderwerp waarmee je tegenwoordig ook internationaal goed voor de dag komt. Bovendien, redeneerden de partijbonzen, beschikt Guiyang over een uitmuntend ‘groen’ visitekaartje: een prachtig landschap van rijkelijk beboste bergen rondom de stad. En zo trad Guiyang zes jaar geleden toe tot het Duurzame Stedenprogramma van de Verenigde Naties.
Guiyang is niet de enige Chinese stad met groene voornemens: ruim zestig steden verspreid door het land willen graag ecostad worden, volgens de officiële VN-definitie een stad ‘gericht op het minimaliseren van de benodigde inname (van energie, water en voedsel) en van de overtollige productie (van warmte, broeikasgassen, watervervuiling en afval)’.
Overal in Guiyang zie je borden met slogans die bewoners oproepen ‘samen mee te bouwen aan een duurzame stad’. In overheidsgebouwen zijn tips voor de ambtenaren opgehangen, zoals deze naast een lichtschakelaar: ‘Energie besparen is je vinger gebruiken.’ Door de hele stad staan afvalbakken voor gescheiden inzameling – al doet een oppervlakkige inspectie vermoeden dat daarvan niet bijster veel terechtkomt.
Het stadsbestuur heeft ook fundamentelere maatregelen genomen. Vanaf dit jaar rijden alle bussen in Guiyang op gas. Rondom de stad is een kilometersbrede groene zone van bomen aangeplant. En de recycle-industrie wordt van overheidswege gestimuleerd. Maar een ecostad? Neen. Dat is Guiyang in de verste verte niet.
Drie cirkels en één geluid
Wie de kranten erop naslaat, kan zich niet aan de indruk onttrekken dat China lekker aan de weg timmert op het gebied van duurzaamheid. De uitgestrekte windmolenparken in West-China behoren tot de grootste ter wereld. De bouw van dito gebieden met zonnepanelen is in volle gang. ‘China wordt zeker voorloper op het gebied van duurzame energie,’ beweerde een onderzoeker van de Universiteit Wageningen onlangs stellig. Afgelopen najaar roemde VN-klimaatchef Yvo de Boer China zelfs als ‘groene koploper’ in de strijd tegen klimaatverandering.
Dat beeld klopt maar ten dele. China is namelijk óók de almaar groeiende fabriek van de wereld en het land van honderden razendsnel groeiende steden. De komende vijftien jaar verhuizen meer dan driehonderd miljoen mensen van het platteland naar de stad, op zoek naar een beter leven. Dat gaat gepaard met de bouw van nieuwe fabrieken en woningen, en een exploderend energiegebruik. Wie dat weet, kan zelf bedenken dat een Groen Walhalla nog ver weg is.
In een parkje naast het Volksplein heeft een viertal fietsenverkopers hun waar in de open lucht uitgestald. Wang, een kwieke zestiger, gaat gekleed in de typische dracht van oudere stedelingen: een dikke donkerblauwe winterpyjama met daaronder twee glimmende zwarte lakschoenen. Onlangs is hij overgestapt op de verkoop van elektrische fietsen. ‘Dat zijn de enige die steeds populairder worden,’ zegt hij. ‘Tien jaar geleden had iedereen een fiets, tegenwoordig alleen migrantarbeiders en studenten nog. Nu wil iedereen een auto. Maar wat moet je ermee in de stad? Of je staat in de file, of je bent op zoek naar een parkeerplaats.’
Eind jaren zeventig was het aantal fietsen in Guiyang ook laag, zegt Wang. Maar dat had een andere oorzaak. ‘Een fiets kostte ongeveer een half jaarsalaris.’ Destijds droomden de meeste Chinezen ervan ooit in hun leven ‘drie cirkels en één geluid’ te kunnen bezitten: een fiets, een horloge, een naaimachine (de drie cirkels verwijzen naar het wiel, de wijzerplaat en de spoel) en een radio (het geluid).
‘Er is nogal wat veranderd sindsdien,’ zegt Wang.
Dat is een understatement.
Ecologisch is arm
Een rapport van VN-organisatie UNEP uit 2006 schreef dat de ontwikkeling van Guiyang sinds 1978 gekarakteriseerd kan worden door ‘een sterke relatie tussen economische groei, stijging van de bevolking, energiegebruik en uitstoot van schadelijke stoffen’. Tussen 1978 en 2002 groeide de economie van de stad gemiddeld met tien procent per jaar en het energiegebruik met zes procent per jaar. Dat leidde tot ‘grootschalige en in sommige gevallen onomkeerbare schade aan het lokale milieu en degradatie van natuurlijke bronnen’.
De VN-rapporteurs formuleerden in hun rapport een major challenge – wellicht zelfs een onmogelijke. ‘Net als de rest van China moet Guiyang een nieuw ontwikkelingsmodel vinden dat groei van de lokale economie ontkoppelt van energiegebruik en afvalproductie.’
Het kantoor van de eigenzinnige architect Wei Haobo ziet eruit zoals architectenbureaus in de hele wereld: jonge mensen die achter computerschermen zitten te tekenen tussen stapels papier, maquettes en designbladen.
‘Wat je hoort over ecostad Guiyang is een mooi politiek plan,’ steekt Wei Haobo van wal. ‘Het geeft een richting aan. Maar de praktijk is anders.’ Wei pakt een stift en loopt naar een groot wit bord waarop hij een kleine plattegrond tekent. ‘Dit is Guiyang honderdvijftig jaar geleden. Een kleine stad met een rivier, negen toegangspoorten, twee torens en wat lage huizen.’ Hij concludeert: ‘Dat is wat je noemt een echte ecostad.’
Hij tekent een tweede kaart op het bord. ‘Dit is Guiyang zestig jaar geleden, met veel nieuwe wegen en een welvarend stadscentrum.’ Een derde kaart. ‘Nu ziet de stad er zo uit. We groeien razendsnel en vernietigen daarbij allerlei natuurlijke elementen. In de toekomst ziet Guiyang er van bovenaf uit als een zon: een druk centrum met van daaruit naar alle kanten wegen en stadsuitbreidingen. Precies zoals in Amerika.’
Wei is even stil en trekt dan de conclusie. ‘Het ecologische Guiyang heeft zich gedurende de laatste eeuw ontwikkeld tot een eco-onvriendelijke metropool naar westers model. Op die ontwikkeling plakken we nu een ecolabel, terwijl in feite precies het omgekeerde gebeurt.’
Wei nodigt ons uit samen met de medewerkers van zijn kantoor te gaan lunchen in Huaxi, de meest ecologische stadswijk van Guiyang. ‘Dat betekent eigenlijk gewoon: de armste,’ zegt hij lachend. Want hoe armer de wijk, hoe minder energie bewoners gebruiken. Onderweg passeren we de nieuwe ringweg rond de stad die onlangs is geopend en die tientallen bergen doorklieft.
Tony Blair op bezoek
Het restaurant is gelegen in een grote glazen kas die door de zon wordt verwarmd. Binnen staan zeker twintig tafels met in het midden een vuurbrander, bestemd voor de lokale hotpot: een grote pan soep waarin lamsvlees gaar kookt. Daaromheen worden schalen neergezet met de lokale vlees-, vis- en groentegerechten.
Even later verschijnt Liu Xiao Xing, een kleine vrouw met opgemaakte wenkbrauwen. Ze legt een pimpelpaars mobieltje op tafel en schuift aan. Liu is onderdirecteur van de Guiyang City Investment Development Company, een groot staatsbedrijf dat ontwikkelingsprojecten in de stad uitvoert – ook op het gebied van duurzaamheid. Liu komt meteen tot de kern van het probleem: ‘Deze stad is erg arm.’
Ze legt uit: ‘Net als in veel andere Chinese steden heeft de overheid grote schulden, waardoor ze onvoldoende kan investeren. Dat zwaard snijdt aan twee kanten. Als je basisfaciliteiten niet goed zijn, dan belemmer je daarmee de economische groei. En dat leidt weer tot lage belastinginkomsten, waardoor je minder geld hebt om uit te geven.’
Hoe armer de stad, wil ze maar zeggen, hoe minder geld voor investeringen in ecologische projecten. ‘Het komt erop neer dat ik daar zelf geld voor moet zien te vinden.’
Momenteel onderzoekt Liu de mogelijkheid om in de hele stad afvalwater en regenwater te scheiden, waardoor dat laatste ongezuiverd kan worden hergebruikt. ‘Om dat project te kunnen betalen, hebben we eerst zes waterzuiveringsinstallaties in Guiyang gebouwd. Bedrijven en particulieren betalen ons een bijdrage voor watergebruik. Ook hebben we een deel van de aandelen kunnen verkopen. Zo verdienen we weer geld voor duurzame projecten.’
We vragen Liu wat ze zou doen als ze genoeg geld had om van Guiyang een echte ecostad te maken. Ze moet lachen bij het idee. ‘Ik weet niet waar ik moet beginnen!’ De anderen aan tafel lachen mee. Dan somt ze op: het waterzuiveringsproject afronden, alle fabrieken uit het stadscentrum verbannen naar industrieterreinen buiten de stad en recycling introduceren voor industrieel afval.
Het feit dat die zaken in Guiyang nog niet zijn geregeld, zegt natuurlijk veel.
In augustus vorig jaar pakte Guiyang uit met een groot ‘ecoforum’ van internationale allure. De stad vond de voormalige Britse premier Tony Blair bereid in te vliegen voor een keynote speech over klimaatverandering en duurzaamheid. Wat Blair dacht toen hij een grote Chinese stad binnenreed die weliswaar voor veel kon worden uitgemaakt, maar toch onmogelijk voor ecostad, vertellen de annalen niet, maar tijdens zijn vertoog hield hij zich complimenteus op de vlakte. ‘Intelligent energiegebruik, intelligent bouwen, stadsplanning, transportsystemen – allemaal terreinen waarop de overheid een rol kan spelen,’ zei hij. ‘Ik geloof dat de ontwikkeling van de ecostad Guiyang voorloopt ten opzichte van andere steden in China.’ Aan het einde van zijn toespraak roemde Blair alle ‘ambitieuze doelstellingen’ die China voor duurzame ontwikkeling heeft geformuleerd. De vraag hoeveel daarvan terechtkomt, beantwoordde hij niet.
Het planningsmuseum
Guiyang verwacht de komende twintig jaar in inwonertal te verdubbelen tot vier miljoen. Om de bevolkingsgroei op te vangen, heeft de stad een gigantische nieuwe wijk gepland, Jinyang, ten westen van de huidige stad.
Als we op een woensdagmiddag door Jinyang lopen, vallen twee dingen op. Net als in vrijwel alle nieuwbouwwijken in China, zijn de straten in de wijk berekend op een enorme hoeveelheid auto’s – ze tellen allemaal zes banen. In de tweede plaats is van die te verwachten verkeersdrukte nog geenszins sprake. Integendeel, de nieuwe stad maakt een tamelijk lege indruk.
In de toekomst moet een monorail Jinyang met het oude stadscentrum verbinden. De bouw daarvan moet nog beginnen, de financiën zijn nog niet rond. Wel kunnen nieuwe bewoners sinds deze week gebruikmaken van de splinternieuwe autoweg met tunnels waarmee je in zes minuten naar het stadscentrum rijdt.
Naast een rotonde met een gouden standbeeld van woest rennende paarden ligt het planningsmuseum. Binnen toont Guiyang haar ambities. Een grote maquette laat de toekomstige wijk zien: dezelfde eindeloze compounds met moderne torenflats die je overal in China tegenkomt.
Het ecologische aspect van de nieuwe wijk beperkt zich tot een grote hoeveelheid bomen in nieuw beschermd natuurgebied rondom de stad, in combinatie met een bewustwordingscampagne. Grote televisieschermen aan de buitenzijde van het planningsmuseum tonen spotjes die de bevolking ertoe moeten aanzetten hun afval te scheiden en te letten op hun energiegebruik.
Verwarming voor het bezoek
Shou Xiao Gang is vicedirecteur van het planningsinstituut van de provincie Guizhou, dat gelegen is in een gebouw uit de jaren tachtig. Binnen is het zo koud dat de ambtenaren hun jas aanhouden tijdens het werk achter hun bureaus, iets dat in grote delen van China nog altijd gebruikelijk is.
Shou gaat zitten aan een lange ovale tafel in de vergaderruimte waar speciaal voor het buitenlands bezoek de heteluchtverwarming is aangezet. Hij steekt een sigaret op, een handeling die hij gedurende het gesprek nog vele malen zal herhalen.
‘Deze stad moet groeien, er bestaat geen andere optie,’ begint Shou. ‘We hebben eerst banen nodig in de industrie. Daarna kan de dienstensector zich pas ontwikkelen.’ De stad heeft geen keuze, herhaalt hij. ‘Menselijke vooruitgang is overal ter wereld gebaseerd op dezelfde vier fenomenen: eerst industrialisatie en verstedelijking, in de laatste eeuw gevolgd door informatisering en marketing. Niemand heeft nog een werkend alternatief bedacht.’
Natuurlijk, de negatieve kanten van verstedelijking moeten zo veel mogelijk worden beperkt, zegt Shou. ‘Nu is de industrie afhankelijk van steenkool, maar hoelang is dat voldoende als zo veel mensen naar de stad trekken? Als je op het platteland woont, leef je als boer. Stedelingen gebruiken veel meer energie.’
Shou is blij dat de Chinese overheid het concept van duurzame ontwikkeling op de agenda heeft gezet. ‘Nog tijdens de periode van sterke groei, en niet pas daarna zoals in de Verenigde Staten en Europa is gebeurd.’
Maar als planoloog kan hij voorlopig nog geen oplossing bieden. ‘Het ontwikkelingsmodel van bijna alle landen is gebaseerd op het Amerikaanse model. Als China die lijn volgt, gebruiken we straks vijf keer zo veel energie.’ Hij zucht. ‘Ik vrees dat de aarde dat niet aankan. Het is een wereldwijd probleem.’
Michiel Hulshof en Daan Roggeveen werken samen in het Go West Project. Voor meer informatie en hun blog: www.gowestproject.com
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.