Vrouwelijk okselhaar is dit jaar precies honderd jaar taboe. Dat is mooi, want daarmee kan de vrouw zich deze zomer van haar meest feministische kant tonen.

Wie er mee begon is al niet meer te zeggen. Miley Cyrus doet mee. Madonna sloot zich aan. Lena Dunham natuurlijk. Maar wie er nou de eerste was?

Te negeren is de trend in elk geval niet meer. Overal rukt het okselhaar op. Van the Guardian tot modebladen en de catwalk, alom pieken de plukjes eruit. Kort, lang of met een kek kleurtje: plotseling is het iets dat geduid moet worden. Niet dat de massa er ook maar over piekert het te laten groeien. Of dat de vraag waarom we ons er anno 2015 überhaupt nog druk over moeten maken wordt gesteld. Nee hoor: we blijven lekker griezelen, over die oksel.

Ook in China dook ie deze week op. Mensenrechtenadvocate en prominent feministe Xiao Meili heeft daar een online fotowedstrijd uitgeschreven voor vrouwelijk okselhaar. Doel is het schoonheidsideaal ter discussie te stellen. ‘Who owns the female body,’ vraagt Meili zich af.

Ik zou het geweldig vinden een promotieonderzoek naar de geschiedenis van het vrouwelijk okselhaar te doen. Alleen: het is een teleurstellend beperkte geschiedenis. Om kort te gaan: het grootste deel van de geschiedenis keek er niemand naar om, en toen ging het er ineens af.

Begin twintigste eeuw, toen de kledinggrens richting de schouder opschoof, kwam de oksel ineens tevoorschijn. Vóór die tijd zal menig echtgenoot in de slaapkamer geconfronteerd zijn met een woeste okselvallei, voor de buitenwereld bleef dat alles verborgen. (Nee, Griekse vrouwenbeelden hebben ook geen okselhaar. Maar ook het mannenlichaam komt er daar verdacht haarloos vanaf.)

We kunnen er dus rustig vanuit gaan dat het okselhaar het grootste deel van de geschiedenis welig tierde. Totdat het vrouwenblad Harper’s Bazaar de geschoren oksel naar verluidt ging pluggen om bepaalde kleding te kunnen verkopen. Er is zelfs een specifiek jaar bekend: 1915 is het annus horribilis. Tevens het jaar dat Denemarken het vrouwenkiesrecht invoerde, maar dat terzijde.

Tegenwoordig hoef je nog maar een paar dagen je mesje kwijt te zijn om een subversief feministische daad te hebben gesteld. En gelukkig: zo ver zijn ze in China nu dus ook. Pas sinds de jaren negentig, toen het Westerse schoonheidsideaal daar oprukte, is de geschoren vrouwenoksel norm geworden. En ook daar is haargroei nu dus een daad van verzet geworden.

Overigens schijnt het scheren van de oksels voor zowel mannen als vrouwen in de moslimwereld een veel langere traditie te kennen. Haast aandoenlijk: de gedachte aan baardige IS-aanhangers die met scheerschuim onder hun armen staan te hannesen. Het geeft de harige oksel een nog heldhaftiger status.

Dit jaar is het precies honderd jaar geleden. En misschien moeten we de redactie van Harper’s Bazaar in retrospectief maar gewoon bedanken. Sinds 1915 hebben vrouwen een reuze machtig wapen onder hun armen.