Glyfosaat, ’s werelds meest gebruikte onkruidverdelgingsmiddel, is waarschijnlijk kankerverwekkend. Maar in Europa wordt het niet verboden. Waarom niet, dat is ‘bedrijfsgeheim’.

Een geheim is het bepaald niet: in Brussel behartigen grote bedrijven hun belangen met verve. Zo lobbyden oliemaatschappijen succesvol tegen strenge klimaatwetgeving en wisten autobedrijven bizar ruimhartige emissiestandaarden voor diesels te regelen. Het zijn schimmige, langdurige processen; waar en wanneer de beslissende hand wordt geschud, je komt er nooit achter. Maar soms kun je er de vinger op leggen: kijk, hier en nu wordt een loopje genomen met de belangen van burgers, ten faveure van grote bedrijven.

Glyfosaat is ’s werelds meest gebruikte onkruidverdelgingsmiddel. Het zit bijvoorbeeld in het veel verkochte Roundup van Monsanto. Het goedje is al jaren omstreden, en vorig jaar concludeerde de Wereldgezondheidsorganisatie na het doorspitten van honderden wetenschappelijke onderzoeken dat glyfosaat ‘waarschijnlijk kankerverwekkend voor mensen’ is. Een dodelijk oordeel, dat in andere delen van de wereld tot een verbod leidt. Maar niet in Brussel (zie ook Het Geweten #46, vn.nl). De Brusselse warenautoriteit EFSA concludeert dat het ‘onwaarschijnlijk’ is dat glyfosaat kanker veroorzaakt. Een opmerkelijke conclusie. Maar goed, redelijke mensen staan open voor discussie, dus vertel, keurmeesters, waarop is jullie oordeel gebaseerd? Op drie wetenschappelijke onderzoeken, luidt het antwoord. Interessant, mogen we de onderzoeken inzien? Doodse stilte. ‘Die zijn geheim.’

De onderzoeken zijn namelijk uitgevoerd door de bedrijven die glyfosaat verkopen. Die zijn goed in staat om hun eigen producten kritisch te onderzoeken, dat begrijpt u. Maar de onderzoeken zijn bedrijfsgeheim en openbaring kan de concurrentiepositie aantasten. Heus, ze zijn véél beter dan die stapels onderzoeken die het tegendeel beweren, dus wij concluderen: het is onwaarschijnlijk dat je er kanker van krijgt.
Pardon? Sinds wanneer is de concurrentiepositie van bedrijven belangrijker dan de gezondheid van burgers? En welke concurrentiegevoelige informatie wordt bedreigd als het patent op glyfosaat al vijftien jaar geleden is verlopen en iedereen het kan produceren? En als die drie onderzoeken overtuigend zijn, waarom ze dan niet gewoon publiceren? Dan is de discussie voor eens en altijd beslecht, en de concurrentiepositie van deze bedrijven versterkt.

Belangrijker: waarom neemt EFSA genoegen met geheimhouding en laat het de verdenking op zich handlanger van grote bedrijven te zijn? En wellicht de meest beangstigende vraag: waarom neemt de Europese Commissie deze flapdrolkeurmeesters serieus, en bereidt ze een nieuwe vergunning voor glyfosaat voor? Wie hier een ongemakkelijk gevoel van krijgt, kan zijn borst natmaken: medio april stemt het Europees Parlement over de Trade Secrets Directive, wetgeving die het bedrijven makkelijker maakt om zich op geheimhouding te beroepen. Help.